Energiecrisis – 5 trends in een complexe zonne-energiemarkt

merin zonnepanelen

Bron: Vastgoedjournaal.nl

In het huidige klimaat is de business case voor zonne-energie overtuigender dan ooit. Maar met welke factoren krijg je te maken als je kiest voor zonnepanelen op jouw vastgoed? Adriaan Copper van Zoncoalitie geeft je met plezier een overzicht van de dynamische markt en actuele trends, zodat jij niet voor verrassingen komt te staan als je een zonnestroomproject wilt realiseren.

Hij besteedt in dit blog aandacht aan

  • de huidige situatie (welke gevolgen hebben de hoge energieprijzen?);
  • financiële zaken (stijgende rente en de rol van subsidie, hoe behaal ik het meeste rendement?);
  • technische aspecten (is mijn dak sterk genoeg, hoe leg ik de panelenpuzzel en hoe ga ik om met congestie?);
  • mobiliteit (hoe benut ik de kansen die er zijn voor elektrische auto’s, EV chargers?);
  • beheer (als mijn panelen er liggen, wie onderhoudt ze dan?).

In dit artikel vind je een korte inleiding in deze onderwerpen. Wil je goed beslagen ten ijs komen, meld je dan direct aan voor het gratis webinar op dinsdag 29 november.

Huidige situatie op de zonne-energiemarkt

Door de actuele hoge energieprijzen is de wens en noodzaak om te verduurzamen door middel van zonne-energie enorm toegenomen. Iedereen merkt het immers in zijn portemonnee. Grootverbruikers hadden tot voor kort vaak kale energietarieven van rond de € 0,05 per kWh (dal), maar betalen nu al gauw het vijfvoudige. De investeringskosten voor zonne-energie zijn ook omhooggegaan, maar die zijn niet zo hard gestegen als de energieprijs. De business case is er dus beter op geworden, ondanks het feit dat de subsidie vrijwel nihil is. Zeker in situaties waarin zonnestroomsystemen volledig afgestemd zijn op het verbruik van de gebruiker van een vastgoed, zien we dat de besparing die behaald wordt als de stroom zelf wordt opgewekt een goede business case oplevert.

Verder zagen we eerder vaak dat het in split incentive-situaties (als het eigendom en het gebruik van het pand gescheiden is) lastig was om een zonnestroomproject te realiseren in verband met tegenstrijdige belangen. Soms was de huurder geïnteresseerd in zonne-energie en de eigenaar niet, soms andersom. Nu merken wij dat de wens om te verduurzamen er meestal aan beide kanten is en het liefst hadden ze het zonnedak gisteren al gerealiseerd! Dus het gevoel van urgentie is in de hele markt significant gegroeid.

Het is ook makkelijker geworden om eventuele technische aanpassingen aan het gebouw mee te nemen in de business case. Projecten die een aantal jaar geleden moeilijk rond te rekenen waren, zijn met de huidige energieprijzen en technologieën wél mogelijk. Denk bijvoorbeeld aan de inzet van lichtgewicht zonnepanelen of situaties waarin iets aan de dakconstructie of de elektrische inpassing moet gebeuren.

Financiële zaken

Enkele jaren geleden zetten de meeste partijen pas echt de stap tot een haalbaarheidsonderzoek en het zoeken van een geschikte aanbieder als ze een SDE+(+) subsidie hadden. Op dit moment speelt de subsidie amper meer een rol in de markt. Zeker als er sprake is van een dakgebonden zonnestroominstallatie, die is afgestemd op de energiebehoefte van de huurder/gebruiker van het pand, is subsidie eigenlijk niet meer relevant. De subsidie is natuurlijk nog steeds fijn om te hebben, want we weten niet wat de energieprijzen gaan doen in de toekomst. Maar het is niet meer iets waar partijen op wachten voordat ze stappen richting realisatie zetten.

Daarnaast bestaan er ook subsidiemogelijkheden op lokaal niveau, bijvoorbeeld voor ondersteuning bij constructieve aanpassingen of het haalbaarheidsonderzoek, die nog steeds wel helpen. Ze nemen barrières weg en stimuleren tot actie.

Vastgoedeigenaren kiezen vaak voor een structuur waarin de investering wordt gefinancierd vanuit de hypotheekfinanciering en dan is die stijgende rente ook wel van belang, maar gelukkig verlenen banken regelmatig korting op groene producten. Dus de stijgende rente heeft impact, maar de hoge energieprijzen zorgen ervoor dat de business case van zonenpanelen op zakelijk vastgoed nog steeds goed is rond te rekenen.

Technische aspecten

Er zijn steeds meer technische factoren die je mee moet nemen bij het ontwerp van een dak met zonnepanelen. Je kunt denken aan de technische aspecten van het gebouw: de constructie, de dakopbouw, de levensduur van het dak, de aansluiting. Maar wat de puzzel op steeds meer plekken complexer maakt, is de congestieproblematiek. Op heel veel plekken in het land is er geen ruimte meer om energie terug te leveren op het net, dus moet je een zonnestroominstallatie afstemmen op het energieprofiel van de verbruiker en bedenken met welke verliezen je genoegen neemt en wat de opties zijn om dit te beperken.

Door dit probleem ontstaan ook kansen met laadpalen, opslag en dergelijke. Als je kijkt naar verduurzaming van je pand met zonnestroom, dan is het goed om ook meteen te kijken naar deze kansen. Wellicht is er een parkeerterrein dat je wilt overkappen? Die business case is interessant om meteen mee te nemen, zeker als er nog ruimte zit in een deel van de opbrengst vanuit het dak die je niet binnen het gebouw benut. Juist dan is het de moeite waard om de link naar mobiliteit en opslag te onderzoeken en meteen mee te nemen in het haalbaarheidsonderzoek.

Mobiliteit

We weten allemaal dat ons vervoer de komende jaren overgaat van fossiel op elektrisch. Vanaf 2035 mogen in Europa geen nieuwe auto’s meer verkocht worden die op fossiele brandstof rijden. Laadpalen zijn daardoor natuurlijk een kans (soms ook een verplichting) om meteen mee te nemen op het moment dat je kijkt naar de verduurzaming van je vastgoed met zonnestroom. Die mogelijkheid roept ook weer vragen op: welk type laadpalen is geschikt, wil ik die laadpalen in eigendom hebben of leg ik dat bij een derde, kan ik die laadpalen aansluiten op de aansluiting die ik al heb of wil ik daar een aparte aansluiting voor creëren? Het is interessant om te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn en dit integraal met je zonnestroomproject op te pakken.

Beheer van de pv-installatie

Een zonnestroomsysteem op zich is technisch niet heel complex, maar bestaat wel uit verschillende schakels die ervoor moeten zorgen dat je het gewenste rendement behaalt. Er kunnen echter allerlei technische problemen ontstaan in een systeem. Zo kunnen er panelen uitvallen, storingen in omvormers ontstaan, viezigheid op het dak kan het systeem negatief beïnvloeden. Verzekeraars eisen gewoonlijk minimaal een keer per jaar een visuele inspectie, maar wij raden aan regelmatig even een kijkje te nemen op het dak. Als een probleem bijvoorbeeld in juni ontstaat en je ontdekt het pas na een paar weken, dan is de impact vrij groot. Die drukken de business case die van tevoren is geschetst en dat is zonde.

De ervaring leert: de performance van een zonnestroominstallatie moet scherp in de gaten gehouden worden en er dient snel gehandeld te worden op het moment dat deze niet produceert zoals verwacht. Zeker bij eigenaren die veel vastgoed hebben (denk aan systemen op diverse locaties met verschillende type panelen, omvormers en monitoringsystemen) kan het beheer behoorlijk complex zijn. Het is daarom verstandig om dit professioneel in te richten.

De complexiteit van zonnepanelen op zakelijk vastgoed

Zoals blijkt uit het bovenstaande, krijgt iedereen die een zonnestroominstallatie wil realiseren te maken met een breed scala aan factoren die de optimale installatie en toekomstige keuzes beïnvloeden. Eenmaal aangelegd kan blijken dat een kleine beslissing grote gevolgen heeft, niet alleen voor de opbrengst van het zonnestroomsysteem, maar ook in bredere zin. Zorg er dus voor dat je vóór de realisatie van start gaat een helder beeld hebt van alles wat er op dit moment en in de nabije toekomst speelt. Want een zonnestroomproject is zonder twijfel de moeite waard, zeker nu.

Meld je aan voor het webinar ‘Energiecrisis – 5 trends in een complexe zonne-energiemarkt’ op Vastgoedjournaal.nl

Panattoni Nederland en Sunrock gaan samenwerken aan groene warehouses

merin zonnepanelen

Logistiek vastgoedontwikkelaar Panattoni Nederland en Sunrock, marktleider in grootschalige zonne-installaties gaan samenwerken. Het doel is om Panattoni-daken maximaal in te zetten voor het opwekken van groene energie via zonnepanelen. Warehouses moeten en kunnen duurzamer. Onder meer door daken te voorzien van zonnepanelen. Daarom bundelen Panattoni en Sunrock de krachten. Eerder deed het zonnepanelenbedrijf dit al met Intospace.

400.000 vierkante meter aan zonnedaken

De huidige en toekomstige Panattoni-ontwikkelingen leveren een potentieel van 400.000 vierkante meter aan zonnedaken op. Dat is genoeg om zo’n 22.000 huishoudens van lokaal opgewekte groene stroom te voorzien.

Batterijopslag

Om het overspannen elektriciteitsnetwerk te ontlasten, waardoor teruglevering niet mogelijk is heeft Sunrock een energiemanagementsysteem ontwikkeld dat zonne-energie combineert met batterijopslag. Zo kan een gebouw op alle momenten in haar eigen energiebehoefte voorzien en is het niet afhankelijk van aansluiting op het net.

Nunner dc

Dit systeem werd eerder deze week voor het eerst in Nederland geïnstalleerd op het nieuwe Panattoni gebouw van 24.000m2 in ‘s-Heerenberg dat Nunner Logistics huurt. Het BREEAM-gecertificeerde Panattoni-gebouw in ‘s-Heerenberg wordt voorlopig voorzien van voldoende zonnepanelen voor eigen gebruik. Een slim energiemanagementsysteem – gecombineerd met een batterij – zorgt ervoor dat het overschot aan zonne-energie tijdelijk wordt opgeslagen en beschikbaar is op het moment dat de energiebehoefte het aanbod overstijgt.

Heerlen

Als onderdeel van de samenwerking maakten de partijen ook plannen bekend voor het eerste energieleverende Panattoni-gebouw in Nederland: Panattoni Park Heerlen. Dat biedt zo’n 70.000 vierkante meter aan dakoppervlakte, dat geheel ingezet zou kunnen worden voor de opwekking en levering van schone, groene energie.

Oplossing voor netcongestie

Maurits van Oranje, Chief Commercial Officer van Sunrock: “De omvang van de ontwikkelingen van Panattoni Nederland biedt een enorm potentieel voor het opwekken van groene stroom. Helaas hebben we op sommige locaties te kampen met netcongestie waardoor we nog niet kunnen terugleveren aan het net, maar dat is een kwestie van tijd. Ondertussen kunnen we er door op maat gemaakte energieoplossingen wel voor zorgen dat de omvangrijke ontwikkelingen van Panattoni onafhankelijk van het energienet kunnen functioneren en geen extra druk op het toch al overbelaste netwerk uitoefenen. Het 24.000 vierkante meter grote gebouw van Panattoni in ‘s-Heerenberg is daar een mooi voorbeeld van. Volledig operationeel met slechts een bouwaansluiting door de toepassing van zonnepanelen, een batterij en een slim energiesysteem”, aldus Van Oranje.

Energiecentrales van de toekomst

Jeroen Gerritsen, Algemeen Directeur van Panattoni Nederland: “We zitten midden in een energiecrisis en de behoefte aan decentraal opgewekte groene stroom is urgenter dan ooit. De beschikbare ruimte voor duurzame energieprojecten is in Nederland echter beperkt. De samenwerking met Sunrock biedt ons de mogelijkheid bij te dragen aan een oplossing voor deze uitdaging door het oppervlak van onze daken te transformeren tot schone zonne-energiecentrales. Die kunnen op termijn groene stroom opwekken voor tienduizenden huishoudens. En die energie is hard nodig. Door dit dubbele ruimtegebruik krijgen onze ontwikkelingen een waardevolle extra functie. Bovendien weten de gebruikers van onze gebouwen zich verzekerd van een betrouwbare toelevering van groene energie opgewekt op eigen dak.”

Triple Solar PVT-warmtepomp 3.5 ontvangt gelijkwaardigheidsverklaring

Op 6 september heeft Bureau CRG de nieuwe Triple Solar® PVT-warmtepomp een gelijkwaardigheidsverklaring toegekend. Dit is een belangrijke erkenning voor de PVT-warmtepomp die specifiek werd ontwikkeld voor PVT-panelen als energiebron en zowel hybride als all-electric kan worden ingezet.

Triple Solar® CEO Cees Mager: “Met de huidige energieprijzen wil iedereen zo snel mogelijk verduurzamen. Wij leveren de methode om stapsgewijs gas te besparen op een nu ook officieel erkende efficiënte manier.”

Over de Triple Solar® PVT-warmtepomp 3.5

De Triple Solar® PVT-warmtepomp is een revolutionaire verbetering ten opzichte van de reguliere water/water-warmtepomp die tot nu toe voor PVT-systemen wordt gebruikt.
Alle energie die ermee wordt opgewekt uit daglicht, zonlicht en de buitenlucht (-20 °C tot +50 °C) wordt optimaal gebruikt voor warmte, koeling of warm tapwater.

Een primeur voor dit type water/water-warmtepompen is dat de Triple Solar® PVT-warmtepomp propaan als koudemiddel gebruikt. Propaan is milieuvriendelijk (GWP=3) en maakt het mogelijk een aanvoertemperatuur van +70 ˚C te maken. Dat is ideaal voor toepassing in de bestaande bouw, waar vaak nog radiatoren gebruikt worden en niet elke woning van vloerverwarming is voorzien.
Als hybride toepassing naast de bestaande CV-ketel kan met het vermogen van 3,5 kW al ongeveer 60-80% gas worden bespaard op verwarmen en het maken van warm tapwater. Is het huis op een gegeven moment geschikt om  gasloos te verwarmen, valt de Triple Solar® PVT-warmtepomp gemakkelijk uit te breiden, door het koppelen van een 2e PVT-warmtepomp. De investering in de hybride PVT-warmtepomp gaat dus niet verloren. Dit proces noemen we het “no-regret” 1-2-3 systeem.

In de nieuwbouw is de PVT-warmtepomp dankzij zijn compactheid als all-electric (gasloze) oplossing geschikt voor kleinere woningen en appartementen tot +/-100 m2. Hij is tevens modulair toe te passen in grotere woningen door er twee in cascade te plaatsen.
Onderhoud vindt alleen plaats als dat op basis van monitoring noodzakelijk blijkt.

‘Vermogende families en buitenlandse partijen grootste investeerders zonnepanelen’

PGGM project Strukton Worksphere

Vermogende families en buitenlandse partijen zijn de grootste investeerders in zonnepanelen. De familie Brenninkmeijer is de grootste eigenaar van zonnepanelen in Nederland, zo blijkt uit onderzoek naar subsidiestromen door de Volkskrant.

In Nederland kan voor de productie van duurzame energie subsidie worden aangevraagd. Deze regeling heet Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE) en heeft miljarden in kas. De informatie over SDE-subsidies is openbaar. De Volkskrant heeft alle 37 duizend aanvragen voor zonne-energie geanalyseerd om te bekijken wie de grootste spelers zijn.

Van de 16,9 miljard euro voor zonnepanelen is 3,8 miljard gereserveerd voor tien grote bedrijven. De allergrootste investeerder is het bedrijf Sunrock, van de familie Brenninkmeijer. Ook de familie Fentener van Vlissingen staat in de top-10. Het Duitse bedrijf Blue Elephant bezit eveneens veel zonneparken, net als De Duitse multinational Bay Wa, dat het bedrijf GroenLeven bezit.

Bron: ANP

ING wordt aandeelhouder van financieringsplatform ZonnepanelenDelen

ING Sustainable Investments wordt aandeelhouder van financieringsplatform ZonnepanelenDelen. Een kapitaalinjectie van 2,2 miljoen euro wordt gebruikt voor het verder digitaliseren en opschalen van het platform, waardoor meer kleinzakelijke zonne-energieprojecten eenvoudig toegang krijgen tot financiering. Aan deze investeringsronde doen ook bestaande aandeelhouders DOEN Participaties en de Deense partij Obton mee. Daarnaast stelt ING 20 miljoen euro aan vreemd vermogen beschikbaar ten behoeve van duurzame projectfinanciering door het platform aan ondernemers.

ZonnepanelenDelen financiert via haar online platform met name kleinschalige zonne-energieprojecten door middel van projectfinanciering, financial lease en de uitgifte van obligaties. Door het financieringsproces te digitaliseren en de benodigde documentatie te standaardiseren is het voor minder grote projecten op deze manier mogelijk om aantrekkelijke financiering te verkrijgen.

Met het nieuw verstrekte kapitaal kan ZonnepanelenDelen haar marktpositie in Nederland uitbreiden en versterken, zoals de uitrol van een financial lease oplossing gericht op het MKB. Bij financial lease wordt de gebruiker direct eigenaar van de zonnepanelen. Daarnaast wordt de functionaliteit van het online platform uitgebreid en wordt het platform opengesteld voor alle lopende zonne-energieprojecten in Nederland. Met de 20 miljoen euro aan vreemd vermogen die ING beschikbaar stelt kan de totale capaciteit van het platform om zonne-energieprojecten mogelijk te maken groeien naar meer dan 100 miljoen euro komend jaar.

Directeur Business Banking van ING Nederland Annemein Kolk: “ZonnepanelenDelen is een innovatief financieringsplatform dat een belangrijke bijdrage kan leveren aan de energietransitie en is met name voor zon-op-dak projecten erg succesvol. Via onze investering vanuit ING Sustainable Investments in combinatie met de financiering van ING als bank aan het platform van ZonnepanelenDelen, wordt kleinschalige projecten een passende projectfinancieringsoplossing geboden, wat grootschalige uitrol mogelijk maakt.”

Kolk vervolgt: “We willen als ING graag de financiering van zonnepanelen voor ondernemers helpen bevorderen, zowel via onze eigen bankfinanciering als via de gestandaardiseerde alternatieve financieringsoplossingen die ZonnepanelenDelen biedt. Hiermee stellen wij mkb-bedrijven in staat om een substantiële bijdrage aan de klimaatdoelstellingen te leveren zodat de energietransitie zoveel mogelijk vaart krijgt. Onze verwachting is dat er veel vraag is naar dergelijke oplossingen en het is onze intentie om de financiering daarbij mee te laten groeien.”

Oprichter en directeur van ZonnepanelenDelen Sven Pluut: “Naast financiering bieden we als platform ook slimme oplossingen voor het succesvol realiseren en beheren van kleinzakelijke zonprojecten. Dankzij de productiedata en technische gegevens van ruim 1 miljoen gefinancierde zonnepanelen op ons platform gaan we een online zon-APK aanbieden. Deze check laat zien of je het maximale rendement uit je zonne-energieproject haalt en signaleert aandachtspunten. Ook wordt het mogelijk om projectinformatie met derden zoals installateurs en verzekeraars te delen en komen er slimme alarmfuncties die gemiste productie verminderen. Zo kan ons platform een cruciale rol gaan spelen in de operationele fase van zon-projecten, waarmee we eigenaren van zon projecten helpen om de opbrengsten te vergroten en de risico’s te verkleinen.”

Agentschap Telecom: extra aandacht voor cyberveiligheid zonnepanelen, thuisbatterijen en warmtepompen

Het Agentschap Telecom gaat dit kalenderjaar extra aandacht schenken aan de cyberveiligheid voor laadpalen voor elektrische auto’s, warmtepompen, omvormers voor zonnepanelen en thuisbatterijen.

Dat kondigt het Agentschap Telecom aan in zijn Jaarplan Toezicht 2022.

Onder vergrootglas

Het Agentschap waarschuwde afgelopen zomer al voor het risico op het hacken van omvormers van zonnepanelen en laadpalen voor elektrische auto’s.

Omdat omvormers van zonnepanelen storing kunnen veroorzaken op andere apparatuur liggen ze al geruime tijd onder het vergrootglas. Bovendien werd afgelopen zomer al bekend dat het agentschap een zaak start tegen een fabrikant van omvormers.

Cyberweerbaarheid

Bij de presentatie van zijn jaarplan kondigt het Agentschap Telecom aan het toezicht op cyberweerbaarheid te intensiveren. Het agentschap constateert dat de Nederlandse digitale infrastructuur wordt bedreigd. Winkelketens, zorginstellingen en industrie zijn steeds vaker doelwit van cyberaanvallen. En ook vitale diensten als onze energievoorziening en telecommunicatie hebben te maken met digitale dreiging.

Energietransitie

‘De nationale veiligheid vergt additionele inzet en investeringen in cyberweerbaarheid’, stelt Angeline van Dijk, directeur-hoofdinspecteur Agentschap Telecom. ‘Dat geldt bijvoorbeeld voor het toezicht op de cyberveiligheid van apparatuur. Inmiddels zijn er naar schatting al zo’n 30 miljard apparaten met het internet verbonden. En dat aantal groeit nog elke dag. Als al die apparaten niet aan de eisen voor cybersecurity voldoen, vormen ze in gezamenlijkheid een gigantische en gevaarlijke aanvalsoppervlakte voor criminelen. Gelukkig biedt de CE-markering sinds vorig jaar waarborgen op het gebied van cyberveiligheid. Dat geeft Agentschap Telecom meer handvatten om onveilige apparatuur uit de handel te houden en van de markt te weren. Aanvullend daarop zal Agentschap Telecom ook zelf – vanuit het eigen Internet of Things-lab – onderzoek doen naar de veiligheid van apparaten. Vooral apparatuur die voorwaardelijk is voor het realiseren van de energietransitie – zoals laadpalen, warmtepompen, zonne-energiesystemen of thuisbatterijen – staat daarbij nadrukkelijk in de belangstelling.’

Toezicht geïntensiveerd

Het agentschap schrijft in zijn plan dat in 2022 ook bij laadpalen, warmtepompen, zonne-energiesystemen en thuisaccu’s het toezicht wordt geïntensiveerd of ze voldoen aan de Europese eisen. Apparaten moeten storingsvrij werken, maar ook in digitale en elektrische zin veilig te gebruiken zijn. Apparaten die niet aan de eisen voldoen, krijgen geen toegang tot de Europese markt. Als Nationaal Cybersecurity Certificerings Autoriteit kan het agentschap bovendien toetsen of producten of productieprocessen wel voldoen aan de standaarden voor cyberveiligheid.

Het agentschap hierover: ‘Vanuit nationale en internationale gremia werken we aan de standaardisatie van cyberveilige apparatuur en diensten. Bovendien intensiveren we ons onderzoek naar mogelijk verstorende apparatuur. Indien nodig halen we verstorende apparatuur van de markt.’ Zonnepaneelinstallaties worden daarbij specifiek benoemd: ‘Als de ondersteunende regelende componenten ondeugdelijk zijn gefabriceerd, onjuist gebruikt worden of foutief zijn geïnstalleerd, kunnen ze stoorsignalen uitzenden die ertoe kunnen leiden dat andere apparaten en diensten niet meer goed functioneren.’

Energiesector

Om de energiesector weerbaar te houden en de energievoorziening te garanderen, houdt het agentschap in 2022 ook extra toezicht op de energiesector. Fabrikanten en dienstverleners moeten adequate maatregelen nemen om de cyberveiligheid van hun producten, systemen en processen te waarborgen. En om onderbrekingen in de levering te voorkomen, blijft Agentschap Telecom er toezicht op houden dat graafwerkzaamheden voor (extra) leidingen en kabels veilig verlopen.

‘In verband met de energietransitie moeten er nieuwe kabels en leidingen onder de grond gelegd worden’, schrijft het agentschap. ‘Dat is nodig om elektriciteitsnetten uit te breiden of te verzwaren, of voor de aanleg van warmte- of waterstofnetten. Maar graven is niet zonder risico. Onzorgvuldig graven kan leiden tot schade aan kabels en leidingen die al in de grond liggen. De graafsector is er de afgelopen jaren nog niet in geslaagd de graafschades te verminderen. Dat is zorgelijk, omdat de energietransitie zal leiden tot nog meer graafwerkzaamheden.’

Bedrijven gaan warmte, kou en stroom uitwisselen in Amsterdam

Essent start vandaag met Essent Energy Infrastructure Solutions (EIS). Met deze divisie bouwt, beheert en bezit Essent duurzame energieoplossingen en integreert deze in een geoptimaliseerd energiesysteem. Zo wil het energiebedrijf duurzame gebiedsontwikkeling in wijken, steden en industrieterreinen versnellen en een oplossing bieden voor het netcongestieprobleem in Nederland.

Energietransitie versnellen

Stephan Segbers, COO van Essent, plaatst de introductie van het integrale energiesysteem binnen het bredere kader van de duurzame strategie van Essent: “Als grootste energieleverancier van Nederland ontwikkelt Essent duurzame, slimme energie-oplossingen, waarmee de noodzakelijke energietransitie stap-voor-stap vanaf vandaag praktisch gerealiseerd wordt. Met Essent Energy Infrastructure Solutions brengen we een overkoepelende, innovatieve oplossing op de markt. Zo kunnen we de energietransitie in de gebouwde omgeving, de industrie en mobiliteit versnellen op weg naar 2050. In 2030 willen we met EIS de grootste zijn in duurzame gebiedsontwikkeling.”

Volgens Patrick Lammers, bestuurder bij E.ON, het moederbedrijf van Essent, brengt EIS alles samen wat E.ON internationaal op het gebied van intelligente energieoplossingen heeft ontwikkeld en nu gereed is voor toepassing in Nederland.

Met EIS leveren we de beste oplossing voor onze klanten en kunnen we onze rol als Europese voorhoedespeler in de energiemarkt versterken.

Integraal energiesysteem

Essent EIS biedt een op maat gemaakt energiesysteem dat de meest kostenefficiënte en duurzame technieken intelligent combineert. Van de productie, levering en opslag van duurzame warmte en koude, zonnepanelen en laadinfrastructuur tot batterijen en waterstofoplossingen.

Voor de warmte- en koudevoorziening van het systeem maakt Essent gebruik van ectogridTM, een intelligente infrastructuur ontwikkeld door moederbedrijf E.ON. Dit innovatieve systeem verbindt verschillende gebruikers in een gebied en zorgt voor uitwisseling van (lokaal aanwezige) warmte en koude. Het werkt op dezelfde temperatuur als de omgeving, waardoor er geen sprake is distributieverlies. Afhankelijk van de vraag kan het systeem de temperatuur aanpassen door slim gebruik van warmtepompen, koelapparaten en opslag.

Een unieke digitale laag, ectocloudTM, integreert alle energiestromen. Van verwarming, koeling, opslag, elektriciteitsproductie en -gebruik voor transport. De geavanceerde software stuurt het hele systeem intelligent aan met data uit het systeem, zelflerende algoritmes en met gegevens over de energiebehoefte van gebruikers, het weer, lokale energieproductie of energieprijzen. Zo zorgt het dat het energiesysteem optimaal functioneert.

Door de integrale benadering van het systeem vermindert het energieverbruik, de energiekosten en de CO2-uitstoot van een gebied, zoals een buurt, wijk, stad of industrieterrein. Uit eerdere projecten van Essent-moeder E.ON is gebleken dat efficiëntieverhogingen tot maar liefst 80 procent qua energieverbruik mogelijk zijn.

Met EIS neemt Essent de complexiteit van het energiesysteem in duurzame gebiedsontwikkelingen weg. Essent EIS is geschikt voor buurten, wijken en zelfs hele steden en is goed te combineren met bestaande energie-infrastructuren zoals aardgasnetten of stadsverwarming. Door de modulaire opbouw kan het systeem op korte termijn en kleinschalig beginnen en over de tijd heen uitgebreid worden.

CLIC

Het eerste project van de nieuwe bedrijfstak van Essent is de gebiedsontwikkeling CLIC (City Logistics Innovation Campus) in Badhoevedorp. In dit ambitieuze project voor duurzame stadslogistiek gaan Essent en ontwikkelaar Somerset Capital Partners werken aan het ontwerp van een uniek geïntegreerd energiesysteem. Robert Kreeft, projectmanager van CLIC: “Duurzame energie is een essentieel onderdeel van de duurzame bevoorrading van onze steden met nieuwe oplossingen voor stadslogistiek. In CLIC worden voor het eerst ter wereld zó veel verschillende energiefunctionaliteiten aan elkaar gekoppeld en geoptimaliseerd. 20 gebouwen, 120.000m2 en een combinatie van warmte, koude, zonnepanelen, elektrisch vervoer en batterijopslag. We zijn trots dat dankzij de samenwerking met Essent ook wat betreft energielevering koploper kan worden in de ontwikkeling van de stadslogistiek van de toekomst.”

*Uit eerdere projecten van Essent-moeder E.ON is gebleken dat efficiëntieverhogingen tot 80 procent qua energieverbruik en verlaging van de energierekening van 20% mogelijk zijn.

 

Remeha werkt aan BENG en TO-juli

Zonnepanelen Oranjedak

1 januari 2021 is de EPC-regeling vervangen door BENG (Bijna Energieneutrale Gebouwen). Dat is een grote stap voorwaarts als het gaat om het terugdringen van de CO2-uitstoot en transparantie in het realiseren daarvan. Iedereen die zich bezighoudt met bouwen is verantwoordelijk en kan een steentje bijdragen aan BENG. Sterker: alleen als alle betrokkenen samenwerken kunnen we BENG optimaal toepassen.

BENG doe je samen!

Iedereen, van stedenbouwkundige en architect tot ontwikkelaar en installateur, draagt verantwoordelijkheid als het om BENG gaat. Talloze factoren bepalen of een gebouw al dan niet BENG is. Op verschillende van die factoren oefen je met oplossingen en producten van Remeha invloed uit. Tegelijk met BENG trad een nieuwe indicator die het risico op temperatuuroverschrijding binnen een woning aangeeft in werking: TO-juli. Die kennis moet leiden tot een vermindering van het risico op temperatuuroverschrijding.

BENG in het kort

BENG kent drie afzonderlijke indicaties.

  • BENG 1: energiebehoefte van het gebouw (in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar). De energiebehoefte geeft aan wat de energiezuinigheid is van een gebouw. Dan draait het om verwarming en koeling, ongeacht de installaties – het casco telt. Isolatie, stand ten opzichte van de zon en ventilatie hebben ook invloed op de energiezuinigheid
  • BENG 2: primair (fossiele) energiegebruik (in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar). Het vooraf berekende gebruik van fossiele energie moet worden beperkt. De hoogte van de reductie is afhankelijk van het woningtype
  • BENG 3: aandeel hernieuwbare energie in procenten. Hernieuwbare energie moet optimaal worden benut, denk hierbij aan zonnepanelen

Berekeningsmethode NTA8800

Om te bepalen of een nieuwe woning aan de BENG-eisen voldoet is een berekeningsmethode ontwikkeld. De methode is vastgelegd in de NTA8800. BENG geldt uitsluitend voor nieuwbouw, maar met deze methode is het mogelijk om de energieprestatie van nieuwe en van bestaande woning- en utiliteitsbouw vast te stellen.

Lees meer over de Energieprestatie indicatoren

 

Energiezuinig en meer comfort

BENG is in het leven geroepen om duurzamer te kunnen bouwen en wonen. Met deze regeling is er meer aandacht voor de energiezuinigheid van het casco en is er minder ruimte voor minder zuinigere woningen. Dat leidt tot een toename van de regels en de kans is reëel dat de initiële bouwkosten stijgen. Daar staat tegenover dat het gebruikscomfort toeneemt. Bovendien kan een huis dat voldoet aan BENG een hogere marktwaarde hebben.

Voorkomen van temperatuuroverschrijding

Vanwege de optimale isolatie in woningen wordt het steeds belangrijker dat koeling en ventilatie in orde zijn. Om dat uitgangspunt in goede banen te leiden is tegelijk met BENG de indicator TO-juli van kracht geworden. Dat geeft een indicatie van het risico op temperatuuroverschrijding. Hoe lager de uitkomst, hoe lager het risico. Het gebouwontwerp, ligging ten opzichte van de zon en materiaalgebruik hebben invloed op TO-juli. Remeha kan hierbij ook een rol spelen. Met een Remeha warmtepomp met koeling voldoet de woning aan de TO-juli grens. Grondgekoppelde warmtepompen zijn bovendien gunstig voor BENG 2 en 3. Een keuze voor luchtwater warmtepompen betekent dat het mogelijke extra verbruik van de koeling gecompenseerd moeten worden door extra zonnepanelen.

 

Wat doet Remeha?

Bij BENG draait het dus om het verminderen van de energiebehoefte van woningen, beperking van gebruik van fossiele energie en het gebruiken van hernieuwbare energie. Op welke manier ondersteunt Remeha je bij het realiseren van BENG? Natuurlijk voldoen alle Remeha all-electric warmtepompen aan de nieuwe regelgeving. Dat is bovendien vastgelegd in kwaliteitsverklaringen. Daarnaast zijn de producten goed vindbaar in BENG-softwarepakketten zodat de toepassing van Remeha producten soepel verloopt. De warmtepompen van Remeha die actief koelen, dragen bij aan de beperking van het risico op temperatuuroverschrijding. En vanzelfsprekend ondersteunt Remeha zijn relaties altijd met maatwerkadvies.

Van product tot regie

Wat kunnen we op dit moment doen? All-electric warmtepompen van Remeha dragen nadrukkelijk bij aan het realiseren van BENG. De precieze rol is afhankelijk van de situatie en andere specifieke aspecten van de nieuwbouw. Naast innovatieve producten en doordachte oplossingen hebben we specialisten die adviseren, werk uit handen nemen en zelfs de regie rondom het realiseren van BENG als het gaat om de aspecten verwarming en koeling volledig kunnen overnemen. Alleen samen behalen we de meest optimale resultaten.

 

Webinar BENG en TO-juli 16 september

Wil je meer weten over BENG? Schrijf je dan in voor het BENG en TO-juli webinar op 16 september: https://control.yourwebinar.nl/webinars/subscribe/ytobud/

 

Utrecht is de duurzaamste kantorenstad van Nederland

Bron: Colliers

Voor een groot aantal kantoorgebouwen dreigt mogelijke sluiting in januari 2023. Ongeveer 10% van de kantooroppervlakte heeft nog geen energielabel C of beter en bij 38% ontbreekt zelfs het label, terwijl dit een vereiste is om over anderhalf jaar open te mogen blijven. Samen gaat het om 27,5 miljoen vierkante, evenveel als in de vijftien grootste kantoorsteden bij elkaar opgeteld. Utrecht springt er positief uit. Inmiddels voldoet 80% van de kantoorruimte daar wel aan deze voorwaarde. Hengelo is de hekkensluiter met een score van 29%, blijkt uit onderzoek van vastgoedadviseur Colliers

”Van de gebouwen die nu nog geen label hebben, is een deel in theorie wel duurzaam genoeg”, zegt duurzaamheidsexpert Jeroen Bloemers van Colliers. ”Het aanvragen van een label is voldoende. Dit geldt voor ongeveer de helft van deze groep, als we uitgaan van het bouwjaar. Over het algemeen geldt: hoe nieuwer het kantoor, hoe duurzamer.”

Utrecht nummer één

In Utrecht heeft 80% label C of beter en daarmee is het de duurzaamste gemeente. Dat komt vooral door de moderne bedrijvenparken Papendorp en Rijnsweerd waar veel kantoren al label A hebben. Nieuwegein, Amsterdam, Haarlemmermeer en Rotterdam staan ook in de top vijf. Ongeveer twee derde van de kantoorruimte in deze steden voldoet aan de komende verplichting.

De verduurzaming in middelgrote steden komt nog niet echt op stoom. Zij hebben vaak concurrentie van de grotere steden bij het aantrekken van bedrijven, met hogere leegstand als gevolg. Hierdoor komt er vaak te weinig geld binnen bij vastgoedeigenaren om te investeren in verduurzaming. In Hengelo is maar 29% van de kantooroppervlakte klaar voor 2023. Het oude stadskantoor van de gemeente speelt hierin een grote rol. Het gebouw voldoet niet en zal waarschijnlijk getransformeerd worden naar woningen. In Assen en Venlo is de situatie niet veel beter en ligt dit percentage op 34%.

Meeste winst mogelijk in Amsterdam

In de 25 grootste kantorensteden van het land staan veel moderne kantoren met een goed energielabel. ”Toch liggen juist hier veel verduurzamingskansen”, legt Bloemers uit. ”Het gaat direct om grote oppervlakten. Zo is in Amsterdam 1,8 miljoen vierkante meter kantoorruimte nog niet 2023-proof.” Vooral op de west-as langs de A10, in Amsterdam-Noord en Amsterdam-Zuidoost blijft verduurzaming achter. In Zuidoost wordt dit deels opgelost door grootschalige transformatieprojecten. In Den Haag en Rotterdam valt nog meer dan een miljoen vierkante meter te verduurzamen.

Institutionele beleggers koplopers

De vastgoedeigenaar is bepalend voor de verduurzaming van het gebouw. Institutionele investeerders lopen hierin voorop. 70% van hun vaak moderne kantoorgebouwen heeft inmiddels minstens label C. Eigenaren die het gebouw zelf als kantoor gebruiken en particuliere investeerders doen het een stuk minder goed met minder dan 50%. Het lukt vaak niet om hun investering terug te verdienen, waardoor ingrepen achterblijven. Opvallend is de matige score van de overheid. Slechts de helft van hun kantooroppervlak is klaar voor 2023.

 

Strenge handhaving

Om meer vastgoedeigenaren in actie te laten komen, is goed informeren en handhaven volgens Bloemers cruciaal. ”Vooral ook richting eigenaren van onderwijsgebouwen, winkels, woningen of bedrijfsruimten. Zij krijgen later ook te maken met steeds strengere duurzaamheidseisen van de overheid. Door niet te handhaven, zien zij misschien niet de noodzaak om mee te werken aan de grote verduurzamingsopgave waarvoor we staan.” Kleine investeringen zoals het plaatsen van ledverlichting of het isoleren van het dak kunnen al zorgen voor een sprong in het energielabel. ”In die zin is label C een goede eerste stap, alleen echt ambitieus is het nog niet.”

Download het rapport hier.


​​​​​​​DGBC’s Werkgroep Kantoren stelt dat maximaal 70 kilowattuur energieverbruik per vierkante meter per jaar het einddoel moet zijn. De deadline van 2050 is niet ambitieus genoeg volgens de Werkgroep, dat kan sneller.  Hoe de weg naar dat doel er uitziet, heeft de Werkgroep Kantoren beschreven in de Routekaart. Bekijk de Routekaart Kantoren hier.