‘Vermogende families en buitenlandse partijen grootste investeerders zonnepanelen’

PGGM project Strukton Worksphere

Vermogende families en buitenlandse partijen zijn de grootste investeerders in zonnepanelen. De familie Brenninkmeijer is de grootste eigenaar van zonnepanelen in Nederland, zo blijkt uit onderzoek naar subsidiestromen door de Volkskrant.

In Nederland kan voor de productie van duurzame energie subsidie worden aangevraagd. Deze regeling heet Stimulering Duurzame Energieproductie (SDE) en heeft miljarden in kas. De informatie over SDE-subsidies is openbaar. De Volkskrant heeft alle 37 duizend aanvragen voor zonne-energie geanalyseerd om te bekijken wie de grootste spelers zijn.

Van de 16,9 miljard euro voor zonnepanelen is 3,8 miljard gereserveerd voor tien grote bedrijven. De allergrootste investeerder is het bedrijf Sunrock, van de familie Brenninkmeijer. Ook de familie Fentener van Vlissingen staat in de top-10. Het Duitse bedrijf Blue Elephant bezit eveneens veel zonneparken, net als De Duitse multinational Bay Wa, dat het bedrijf GroenLeven bezit.

Bron: ANP

ING wordt aandeelhouder van financieringsplatform ZonnepanelenDelen

ING Sustainable Investments wordt aandeelhouder van financieringsplatform ZonnepanelenDelen. Een kapitaalinjectie van 2,2 miljoen euro wordt gebruikt voor het verder digitaliseren en opschalen van het platform, waardoor meer kleinzakelijke zonne-energieprojecten eenvoudig toegang krijgen tot financiering. Aan deze investeringsronde doen ook bestaande aandeelhouders DOEN Participaties en de Deense partij Obton mee. Daarnaast stelt ING 20 miljoen euro aan vreemd vermogen beschikbaar ten behoeve van duurzame projectfinanciering door het platform aan ondernemers.

ZonnepanelenDelen financiert via haar online platform met name kleinschalige zonne-energieprojecten door middel van projectfinanciering, financial lease en de uitgifte van obligaties. Door het financieringsproces te digitaliseren en de benodigde documentatie te standaardiseren is het voor minder grote projecten op deze manier mogelijk om aantrekkelijke financiering te verkrijgen.

Met het nieuw verstrekte kapitaal kan ZonnepanelenDelen haar marktpositie in Nederland uitbreiden en versterken, zoals de uitrol van een financial lease oplossing gericht op het MKB. Bij financial lease wordt de gebruiker direct eigenaar van de zonnepanelen. Daarnaast wordt de functionaliteit van het online platform uitgebreid en wordt het platform opengesteld voor alle lopende zonne-energieprojecten in Nederland. Met de 20 miljoen euro aan vreemd vermogen die ING beschikbaar stelt kan de totale capaciteit van het platform om zonne-energieprojecten mogelijk te maken groeien naar meer dan 100 miljoen euro komend jaar.

Directeur Business Banking van ING Nederland Annemein Kolk: “ZonnepanelenDelen is een innovatief financieringsplatform dat een belangrijke bijdrage kan leveren aan de energietransitie en is met name voor zon-op-dak projecten erg succesvol. Via onze investering vanuit ING Sustainable Investments in combinatie met de financiering van ING als bank aan het platform van ZonnepanelenDelen, wordt kleinschalige projecten een passende projectfinancieringsoplossing geboden, wat grootschalige uitrol mogelijk maakt.”

Kolk vervolgt: “We willen als ING graag de financiering van zonnepanelen voor ondernemers helpen bevorderen, zowel via onze eigen bankfinanciering als via de gestandaardiseerde alternatieve financieringsoplossingen die ZonnepanelenDelen biedt. Hiermee stellen wij mkb-bedrijven in staat om een substantiële bijdrage aan de klimaatdoelstellingen te leveren zodat de energietransitie zoveel mogelijk vaart krijgt. Onze verwachting is dat er veel vraag is naar dergelijke oplossingen en het is onze intentie om de financiering daarbij mee te laten groeien.”

Oprichter en directeur van ZonnepanelenDelen Sven Pluut: “Naast financiering bieden we als platform ook slimme oplossingen voor het succesvol realiseren en beheren van kleinzakelijke zonprojecten. Dankzij de productiedata en technische gegevens van ruim 1 miljoen gefinancierde zonnepanelen op ons platform gaan we een online zon-APK aanbieden. Deze check laat zien of je het maximale rendement uit je zonne-energieproject haalt en signaleert aandachtspunten. Ook wordt het mogelijk om projectinformatie met derden zoals installateurs en verzekeraars te delen en komen er slimme alarmfuncties die gemiste productie verminderen. Zo kan ons platform een cruciale rol gaan spelen in de operationele fase van zon-projecten, waarmee we eigenaren van zon projecten helpen om de opbrengsten te vergroten en de risico’s te verkleinen.”

Agentschap Telecom: extra aandacht voor cyberveiligheid zonnepanelen, thuisbatterijen en warmtepompen

Het Agentschap Telecom gaat dit kalenderjaar extra aandacht schenken aan de cyberveiligheid voor laadpalen voor elektrische auto’s, warmtepompen, omvormers voor zonnepanelen en thuisbatterijen.

Dat kondigt het Agentschap Telecom aan in zijn Jaarplan Toezicht 2022.

Onder vergrootglas

Het Agentschap waarschuwde afgelopen zomer al voor het risico op het hacken van omvormers van zonnepanelen en laadpalen voor elektrische auto’s.

Omdat omvormers van zonnepanelen storing kunnen veroorzaken op andere apparatuur liggen ze al geruime tijd onder het vergrootglas. Bovendien werd afgelopen zomer al bekend dat het agentschap een zaak start tegen een fabrikant van omvormers.

Cyberweerbaarheid

Bij de presentatie van zijn jaarplan kondigt het Agentschap Telecom aan het toezicht op cyberweerbaarheid te intensiveren. Het agentschap constateert dat de Nederlandse digitale infrastructuur wordt bedreigd. Winkelketens, zorginstellingen en industrie zijn steeds vaker doelwit van cyberaanvallen. En ook vitale diensten als onze energievoorziening en telecommunicatie hebben te maken met digitale dreiging.

Energietransitie

‘De nationale veiligheid vergt additionele inzet en investeringen in cyberweerbaarheid’, stelt Angeline van Dijk, directeur-hoofdinspecteur Agentschap Telecom. ‘Dat geldt bijvoorbeeld voor het toezicht op de cyberveiligheid van apparatuur. Inmiddels zijn er naar schatting al zo’n 30 miljard apparaten met het internet verbonden. En dat aantal groeit nog elke dag. Als al die apparaten niet aan de eisen voor cybersecurity voldoen, vormen ze in gezamenlijkheid een gigantische en gevaarlijke aanvalsoppervlakte voor criminelen. Gelukkig biedt de CE-markering sinds vorig jaar waarborgen op het gebied van cyberveiligheid. Dat geeft Agentschap Telecom meer handvatten om onveilige apparatuur uit de handel te houden en van de markt te weren. Aanvullend daarop zal Agentschap Telecom ook zelf – vanuit het eigen Internet of Things-lab – onderzoek doen naar de veiligheid van apparaten. Vooral apparatuur die voorwaardelijk is voor het realiseren van de energietransitie – zoals laadpalen, warmtepompen, zonne-energiesystemen of thuisbatterijen – staat daarbij nadrukkelijk in de belangstelling.’

Toezicht geïntensiveerd

Het agentschap schrijft in zijn plan dat in 2022 ook bij laadpalen, warmtepompen, zonne-energiesystemen en thuisaccu’s het toezicht wordt geïntensiveerd of ze voldoen aan de Europese eisen. Apparaten moeten storingsvrij werken, maar ook in digitale en elektrische zin veilig te gebruiken zijn. Apparaten die niet aan de eisen voldoen, krijgen geen toegang tot de Europese markt. Als Nationaal Cybersecurity Certificerings Autoriteit kan het agentschap bovendien toetsen of producten of productieprocessen wel voldoen aan de standaarden voor cyberveiligheid.

Het agentschap hierover: ‘Vanuit nationale en internationale gremia werken we aan de standaardisatie van cyberveilige apparatuur en diensten. Bovendien intensiveren we ons onderzoek naar mogelijk verstorende apparatuur. Indien nodig halen we verstorende apparatuur van de markt.’ Zonnepaneelinstallaties worden daarbij specifiek benoemd: ‘Als de ondersteunende regelende componenten ondeugdelijk zijn gefabriceerd, onjuist gebruikt worden of foutief zijn geïnstalleerd, kunnen ze stoorsignalen uitzenden die ertoe kunnen leiden dat andere apparaten en diensten niet meer goed functioneren.’

Energiesector

Om de energiesector weerbaar te houden en de energievoorziening te garanderen, houdt het agentschap in 2022 ook extra toezicht op de energiesector. Fabrikanten en dienstverleners moeten adequate maatregelen nemen om de cyberveiligheid van hun producten, systemen en processen te waarborgen. En om onderbrekingen in de levering te voorkomen, blijft Agentschap Telecom er toezicht op houden dat graafwerkzaamheden voor (extra) leidingen en kabels veilig verlopen.

‘In verband met de energietransitie moeten er nieuwe kabels en leidingen onder de grond gelegd worden’, schrijft het agentschap. ‘Dat is nodig om elektriciteitsnetten uit te breiden of te verzwaren, of voor de aanleg van warmte- of waterstofnetten. Maar graven is niet zonder risico. Onzorgvuldig graven kan leiden tot schade aan kabels en leidingen die al in de grond liggen. De graafsector is er de afgelopen jaren nog niet in geslaagd de graafschades te verminderen. Dat is zorgelijk, omdat de energietransitie zal leiden tot nog meer graafwerkzaamheden.’

Bedrijven gaan warmte, kou en stroom uitwisselen in Amsterdam

Essent start vandaag met Essent Energy Infrastructure Solutions (EIS). Met deze divisie bouwt, beheert en bezit Essent duurzame energieoplossingen en integreert deze in een geoptimaliseerd energiesysteem. Zo wil het energiebedrijf duurzame gebiedsontwikkeling in wijken, steden en industrieterreinen versnellen en een oplossing bieden voor het netcongestieprobleem in Nederland.

Energietransitie versnellen

Stephan Segbers, COO van Essent, plaatst de introductie van het integrale energiesysteem binnen het bredere kader van de duurzame strategie van Essent: “Als grootste energieleverancier van Nederland ontwikkelt Essent duurzame, slimme energie-oplossingen, waarmee de noodzakelijke energietransitie stap-voor-stap vanaf vandaag praktisch gerealiseerd wordt. Met Essent Energy Infrastructure Solutions brengen we een overkoepelende, innovatieve oplossing op de markt. Zo kunnen we de energietransitie in de gebouwde omgeving, de industrie en mobiliteit versnellen op weg naar 2050. In 2030 willen we met EIS de grootste zijn in duurzame gebiedsontwikkeling.”

Volgens Patrick Lammers, bestuurder bij E.ON, het moederbedrijf van Essent, brengt EIS alles samen wat E.ON internationaal op het gebied van intelligente energieoplossingen heeft ontwikkeld en nu gereed is voor toepassing in Nederland.

Met EIS leveren we de beste oplossing voor onze klanten en kunnen we onze rol als Europese voorhoedespeler in de energiemarkt versterken.

Integraal energiesysteem

Essent EIS biedt een op maat gemaakt energiesysteem dat de meest kostenefficiënte en duurzame technieken intelligent combineert. Van de productie, levering en opslag van duurzame warmte en koude, zonnepanelen en laadinfrastructuur tot batterijen en waterstofoplossingen.

Voor de warmte- en koudevoorziening van het systeem maakt Essent gebruik van ectogridTM, een intelligente infrastructuur ontwikkeld door moederbedrijf E.ON. Dit innovatieve systeem verbindt verschillende gebruikers in een gebied en zorgt voor uitwisseling van (lokaal aanwezige) warmte en koude. Het werkt op dezelfde temperatuur als de omgeving, waardoor er geen sprake is distributieverlies. Afhankelijk van de vraag kan het systeem de temperatuur aanpassen door slim gebruik van warmtepompen, koelapparaten en opslag.

Een unieke digitale laag, ectocloudTM, integreert alle energiestromen. Van verwarming, koeling, opslag, elektriciteitsproductie en -gebruik voor transport. De geavanceerde software stuurt het hele systeem intelligent aan met data uit het systeem, zelflerende algoritmes en met gegevens over de energiebehoefte van gebruikers, het weer, lokale energieproductie of energieprijzen. Zo zorgt het dat het energiesysteem optimaal functioneert.

Door de integrale benadering van het systeem vermindert het energieverbruik, de energiekosten en de CO2-uitstoot van een gebied, zoals een buurt, wijk, stad of industrieterrein. Uit eerdere projecten van Essent-moeder E.ON is gebleken dat efficiëntieverhogingen tot maar liefst 80 procent qua energieverbruik mogelijk zijn.

Met EIS neemt Essent de complexiteit van het energiesysteem in duurzame gebiedsontwikkelingen weg. Essent EIS is geschikt voor buurten, wijken en zelfs hele steden en is goed te combineren met bestaande energie-infrastructuren zoals aardgasnetten of stadsverwarming. Door de modulaire opbouw kan het systeem op korte termijn en kleinschalig beginnen en over de tijd heen uitgebreid worden.

CLIC

Het eerste project van de nieuwe bedrijfstak van Essent is de gebiedsontwikkeling CLIC (City Logistics Innovation Campus) in Badhoevedorp. In dit ambitieuze project voor duurzame stadslogistiek gaan Essent en ontwikkelaar Somerset Capital Partners werken aan het ontwerp van een uniek geïntegreerd energiesysteem. Robert Kreeft, projectmanager van CLIC: “Duurzame energie is een essentieel onderdeel van de duurzame bevoorrading van onze steden met nieuwe oplossingen voor stadslogistiek. In CLIC worden voor het eerst ter wereld zó veel verschillende energiefunctionaliteiten aan elkaar gekoppeld en geoptimaliseerd. 20 gebouwen, 120.000m2 en een combinatie van warmte, koude, zonnepanelen, elektrisch vervoer en batterijopslag. We zijn trots dat dankzij de samenwerking met Essent ook wat betreft energielevering koploper kan worden in de ontwikkeling van de stadslogistiek van de toekomst.”

*Uit eerdere projecten van Essent-moeder E.ON is gebleken dat efficiëntieverhogingen tot 80 procent qua energieverbruik en verlaging van de energierekening van 20% mogelijk zijn.

 

Remeha werkt aan BENG en TO-juli

Zonnepanelen Oranjedak

1 januari 2021 is de EPC-regeling vervangen door BENG (Bijna Energieneutrale Gebouwen). Dat is een grote stap voorwaarts als het gaat om het terugdringen van de CO2-uitstoot en transparantie in het realiseren daarvan. Iedereen die zich bezighoudt met bouwen is verantwoordelijk en kan een steentje bijdragen aan BENG. Sterker: alleen als alle betrokkenen samenwerken kunnen we BENG optimaal toepassen.

BENG doe je samen!

Iedereen, van stedenbouwkundige en architect tot ontwikkelaar en installateur, draagt verantwoordelijkheid als het om BENG gaat. Talloze factoren bepalen of een gebouw al dan niet BENG is. Op verschillende van die factoren oefen je met oplossingen en producten van Remeha invloed uit. Tegelijk met BENG trad een nieuwe indicator die het risico op temperatuuroverschrijding binnen een woning aangeeft in werking: TO-juli. Die kennis moet leiden tot een vermindering van het risico op temperatuuroverschrijding.

BENG in het kort

BENG kent drie afzonderlijke indicaties.

  • BENG 1: energiebehoefte van het gebouw (in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar). De energiebehoefte geeft aan wat de energiezuinigheid is van een gebouw. Dan draait het om verwarming en koeling, ongeacht de installaties – het casco telt. Isolatie, stand ten opzichte van de zon en ventilatie hebben ook invloed op de energiezuinigheid
  • BENG 2: primair (fossiele) energiegebruik (in kWh per m2 gebruiksoppervlak per jaar). Het vooraf berekende gebruik van fossiele energie moet worden beperkt. De hoogte van de reductie is afhankelijk van het woningtype
  • BENG 3: aandeel hernieuwbare energie in procenten. Hernieuwbare energie moet optimaal worden benut, denk hierbij aan zonnepanelen

Berekeningsmethode NTA8800

Om te bepalen of een nieuwe woning aan de BENG-eisen voldoet is een berekeningsmethode ontwikkeld. De methode is vastgelegd in de NTA8800. BENG geldt uitsluitend voor nieuwbouw, maar met deze methode is het mogelijk om de energieprestatie van nieuwe en van bestaande woning- en utiliteitsbouw vast te stellen.

Lees meer over de Energieprestatie indicatoren

 

Energiezuinig en meer comfort

BENG is in het leven geroepen om duurzamer te kunnen bouwen en wonen. Met deze regeling is er meer aandacht voor de energiezuinigheid van het casco en is er minder ruimte voor minder zuinigere woningen. Dat leidt tot een toename van de regels en de kans is reëel dat de initiële bouwkosten stijgen. Daar staat tegenover dat het gebruikscomfort toeneemt. Bovendien kan een huis dat voldoet aan BENG een hogere marktwaarde hebben.

Voorkomen van temperatuuroverschrijding

Vanwege de optimale isolatie in woningen wordt het steeds belangrijker dat koeling en ventilatie in orde zijn. Om dat uitgangspunt in goede banen te leiden is tegelijk met BENG de indicator TO-juli van kracht geworden. Dat geeft een indicatie van het risico op temperatuuroverschrijding. Hoe lager de uitkomst, hoe lager het risico. Het gebouwontwerp, ligging ten opzichte van de zon en materiaalgebruik hebben invloed op TO-juli. Remeha kan hierbij ook een rol spelen. Met een Remeha warmtepomp met koeling voldoet de woning aan de TO-juli grens. Grondgekoppelde warmtepompen zijn bovendien gunstig voor BENG 2 en 3. Een keuze voor luchtwater warmtepompen betekent dat het mogelijke extra verbruik van de koeling gecompenseerd moeten worden door extra zonnepanelen.

 

Wat doet Remeha?

Bij BENG draait het dus om het verminderen van de energiebehoefte van woningen, beperking van gebruik van fossiele energie en het gebruiken van hernieuwbare energie. Op welke manier ondersteunt Remeha je bij het realiseren van BENG? Natuurlijk voldoen alle Remeha all-electric warmtepompen aan de nieuwe regelgeving. Dat is bovendien vastgelegd in kwaliteitsverklaringen. Daarnaast zijn de producten goed vindbaar in BENG-softwarepakketten zodat de toepassing van Remeha producten soepel verloopt. De warmtepompen van Remeha die actief koelen, dragen bij aan de beperking van het risico op temperatuuroverschrijding. En vanzelfsprekend ondersteunt Remeha zijn relaties altijd met maatwerkadvies.

Van product tot regie

Wat kunnen we op dit moment doen? All-electric warmtepompen van Remeha dragen nadrukkelijk bij aan het realiseren van BENG. De precieze rol is afhankelijk van de situatie en andere specifieke aspecten van de nieuwbouw. Naast innovatieve producten en doordachte oplossingen hebben we specialisten die adviseren, werk uit handen nemen en zelfs de regie rondom het realiseren van BENG als het gaat om de aspecten verwarming en koeling volledig kunnen overnemen. Alleen samen behalen we de meest optimale resultaten.

 

Webinar BENG en TO-juli 16 september

Wil je meer weten over BENG? Schrijf je dan in voor het BENG en TO-juli webinar op 16 september: https://control.yourwebinar.nl/webinars/subscribe/ytobud/

 

Utrecht is de duurzaamste kantorenstad van Nederland

Bron: Colliers

Voor een groot aantal kantoorgebouwen dreigt mogelijke sluiting in januari 2023. Ongeveer 10% van de kantooroppervlakte heeft nog geen energielabel C of beter en bij 38% ontbreekt zelfs het label, terwijl dit een vereiste is om over anderhalf jaar open te mogen blijven. Samen gaat het om 27,5 miljoen vierkante, evenveel als in de vijftien grootste kantoorsteden bij elkaar opgeteld. Utrecht springt er positief uit. Inmiddels voldoet 80% van de kantoorruimte daar wel aan deze voorwaarde. Hengelo is de hekkensluiter met een score van 29%, blijkt uit onderzoek van vastgoedadviseur Colliers

”Van de gebouwen die nu nog geen label hebben, is een deel in theorie wel duurzaam genoeg”, zegt duurzaamheidsexpert Jeroen Bloemers van Colliers. ”Het aanvragen van een label is voldoende. Dit geldt voor ongeveer de helft van deze groep, als we uitgaan van het bouwjaar. Over het algemeen geldt: hoe nieuwer het kantoor, hoe duurzamer.”

Utrecht nummer één

In Utrecht heeft 80% label C of beter en daarmee is het de duurzaamste gemeente. Dat komt vooral door de moderne bedrijvenparken Papendorp en Rijnsweerd waar veel kantoren al label A hebben. Nieuwegein, Amsterdam, Haarlemmermeer en Rotterdam staan ook in de top vijf. Ongeveer twee derde van de kantoorruimte in deze steden voldoet aan de komende verplichting.

De verduurzaming in middelgrote steden komt nog niet echt op stoom. Zij hebben vaak concurrentie van de grotere steden bij het aantrekken van bedrijven, met hogere leegstand als gevolg. Hierdoor komt er vaak te weinig geld binnen bij vastgoedeigenaren om te investeren in verduurzaming. In Hengelo is maar 29% van de kantooroppervlakte klaar voor 2023. Het oude stadskantoor van de gemeente speelt hierin een grote rol. Het gebouw voldoet niet en zal waarschijnlijk getransformeerd worden naar woningen. In Assen en Venlo is de situatie niet veel beter en ligt dit percentage op 34%.

Meeste winst mogelijk in Amsterdam

In de 25 grootste kantorensteden van het land staan veel moderne kantoren met een goed energielabel. ”Toch liggen juist hier veel verduurzamingskansen”, legt Bloemers uit. ”Het gaat direct om grote oppervlakten. Zo is in Amsterdam 1,8 miljoen vierkante meter kantoorruimte nog niet 2023-proof.” Vooral op de west-as langs de A10, in Amsterdam-Noord en Amsterdam-Zuidoost blijft verduurzaming achter. In Zuidoost wordt dit deels opgelost door grootschalige transformatieprojecten. In Den Haag en Rotterdam valt nog meer dan een miljoen vierkante meter te verduurzamen.

Institutionele beleggers koplopers

De vastgoedeigenaar is bepalend voor de verduurzaming van het gebouw. Institutionele investeerders lopen hierin voorop. 70% van hun vaak moderne kantoorgebouwen heeft inmiddels minstens label C. Eigenaren die het gebouw zelf als kantoor gebruiken en particuliere investeerders doen het een stuk minder goed met minder dan 50%. Het lukt vaak niet om hun investering terug te verdienen, waardoor ingrepen achterblijven. Opvallend is de matige score van de overheid. Slechts de helft van hun kantooroppervlak is klaar voor 2023.

 

Strenge handhaving

Om meer vastgoedeigenaren in actie te laten komen, is goed informeren en handhaven volgens Bloemers cruciaal. ”Vooral ook richting eigenaren van onderwijsgebouwen, winkels, woningen of bedrijfsruimten. Zij krijgen later ook te maken met steeds strengere duurzaamheidseisen van de overheid. Door niet te handhaven, zien zij misschien niet de noodzaak om mee te werken aan de grote verduurzamingsopgave waarvoor we staan.” Kleine investeringen zoals het plaatsen van ledverlichting of het isoleren van het dak kunnen al zorgen voor een sprong in het energielabel. ”In die zin is label C een goede eerste stap, alleen echt ambitieus is het nog niet.”

Download het rapport hier.


​​​​​​​DGBC’s Werkgroep Kantoren stelt dat maximaal 70 kilowattuur energieverbruik per vierkante meter per jaar het einddoel moet zijn. De deadline van 2050 is niet ambitieus genoeg volgens de Werkgroep, dat kan sneller.  Hoe de weg naar dat doel er uitziet, heeft de Werkgroep Kantoren beschreven in de Routekaart. Bekijk de Routekaart Kantoren hier.

Kennemer Wonen verduurzaamt de komende 5 jaar nog eens 1.100 huurwoningen

Kennemer Wonen is jaren geleden is al begonnen met het investeren in duurzaamheid. Dat werpt nu zijn vruchten af. Krista Walter, directeur-bestuurder van Kennemer Wonen: “Afgelopen jaar is gemiddeld energielabel A behaald voor onze huurwoningen. Een unieke prestatie waarmee het energiedoel van brancheorganisatie Aedes ruim op tijd werd behaald. In 2016 is Kennemer Wonen gestart met een programma om elk jaar 1.000 huurwoningen te voorzien van zonnepanelen. Dit tempo is in 2019 opgevoerd naar 1.500 huurwoningen per jaar, ook hier gaan we mee door. Aanvullend op de bestaande maatregelen verduurzaamt Kennemer Wonen de komende vijf jaar nog eens 1.100 woningen om goed voorbereid te zijn op een aardgasvrije toekomst in 2050.” De voorbereidingen voor de aanpak van de eerste 650 woningen starten dit jaar. Hiervoor is onlangs een samenwerkingsovereenkomst ondertekend met ketenpartners Constructif en de Noord-Hollandse Duurzaamheids Alliantie (NHDA).

Een toekomst zonder aardgas

De huurwoningen die als eerst worden aangepakt hebben een hoog energieverbruik en een laag energielabel. “In de toekomst wordt de gasgestookte CV ketel vervangen door alternatieven zoals een elektrische warmtepomp, aansluiting op een warmtenet of andere, innovatieve oplossingen. Het duurt nog wel even voordat het zover is, maar de toekomst is dichterbij dan je denkt.” aldus Michiel van Baarsen, manager Vastgoed bij Kennemer Wonen. “Wij willen goed voorbereid zijn op de toekomst en investeren nu al in goede isolatie van onze woningen en duurzame opwekking van elektriciteit door de aanleg van zonnepanelen. Hierdoor profiteert de huurder direct van de maatregelen. Een win-win situatie.”

Combineren van werkzaamheden

Al enige jaren participeert Kennemer Wonen in diverse samenwerkingsverbanden en pilots als het gaat om verduurzaming. Van Baarsen: “Om een woning zonder aardgas te kunnen verwarmen, is het noodzakelijk dat een woning heel goed is geïsoleerd. Een goed geïsoleerde woning heeft veel minder warmte nodig en hierdoor zijn alternatieven voor de traditionele CV ketel mogelijk. Naast isoleren en de aanleg van zonnepanelen voeren we ook andere werkzaamheden uit, zoals het verbeteren van de toegankelijkheid van appartementencomplexen door het verlagen van drempels, het ophogen van galerijen en het aanbrengen van deurautomaten en eventueel een lift. We proberen de werkzaamheden zoveel mogelijk te combineren met regulier onderhoud.”

Voor de uitvoering van de werkzaamheden zijn twee regionale aannemers geselecteerd, Bouwbedrijf Constructif uit Wormerveer en NHDA (Noord Hollandse Duurzaamheids Alliantie) uit omgeving Alkmaar. Constructif en NHDA beginnen in juni met het onderzoeken van de technische staat van de geselecteerde woningen. Als de onderzoeken zijn afgerond worden de werkzaamheden uitgevoerd in de jaren 2022 tot en met 2024.

Bewonerswensen

Kennemer Wonen vindt het belangrijk dat de huurders betrokken worden bij de aanpak. Tijdens de inspecties worden de bewonerswensen en ervaringen van bewoners geïnventariseerd. Van Baarsen: “Er worden enquêtes verstuurd waarbij iedere huurder zijn of haar ervaringen over het woongebouw of de woning kenbaar kan maken. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat bewoners last hebben van tocht of vocht, dan wordt dit ook meegenomen in de plannen. Op die manier proberen we alles in één keer goed aan te pakken. Daar worden onze huurders blij van en wij ook!”

ASR Dutch Core Residential Fund slaat duurzame energie op via batterijen voor woningportefeuille

a.s.r. real estate heeft namens het ASR Dutch Core Residential Fund een lease-overeenkomst gesloten met Iwell voor het plaatsen van batterijen voor de opslag van duurzame energie in woningcomplexen. a.s.r. real estate heeft de ambitie om in 2050 Paris Proof te zijn. De samenwerking met Iwell draagt bij aan dit doel en aan de verdere verduurzaming van de woningportefeuille. Deze maand zijn de eerste batterijen geplaatst in woningcomplexen in Amersfoort, Utrecht en Nieuwegein. Op korte termijn worden de batterijen verder uitgerold over minimaal vier extra woningcomplexen van het ASR Dutch Core Residential Fund.

Duurzaam energieverbruik

Het Iwell Cube batterijsysteem slaat duurzaam opgewekte stroom op en kan worden aangesloten op zonnepanelen. Hierdoor wordt de belasting op het energienetwerk verlaagd. Door het verminderen van de piekbelasting kan daarnaast gebruik worden gemaakt van een kleinere netaansluiting.

Inmiddels heeft het ASR Dutch Core Residential Fund circa 5.000 zonnepanelen op daken van woningcomplexen geplaatst. De batterijen worden waar mogelijk aangesloten op deze zonnepanelen waardoor het rendement van de panelen verder wordt verhoogd. Als er te weinig energie of geen energie wordt opgewekt door de zonnepanelen, wordt de batterij opgeladen op momenten dat de stroom zo schoon mogelijk is. Op deze wijze wordt het energieverbruik van het woningfonds van a.s.r. real estate verder verduurzaamd.

Robbert van Dijk, fund director ASR Dutch Core Residential Fund: “De inzet van batterijen is voor het ASR Dutch Core Residential Fund een belangrijke stap in haar energietransitie. De batterijen dragen niet alleen bij aan het beter benutten van zelf opgewekte energie, maar ook aan het verbruik van duurzame energie in het algemeen. Daarnaast kunnen we onze huurders een kleine besparing aanbieden op de servicekosten.“

ASR Dutch Core Residential Fund slaat duurzame energie op via batterijen voor woningportefeuille

a.s.r. real estate heeft namens het ASR Dutch Core Residential Fund een lease-overeenkomst gesloten met Iwell voor het plaatsen van batterijen voor de opslag van duurzame energie in woningcomplexen. a.s.r. real estate heeft de ambitie om in 2050 Paris Proof te zijn. De samenwerking met Iwell draagt bij aan dit doel en aan de verdere verduurzaming van de woningportefeuille. Deze maand zijn de eerste batterijen geplaatst in woningcomplexen in Amersfoort, Utrecht en Nieuwegein. Op korte termijn worden de batterijen verder uitgerold over minimaal vier extra woningcomplexen van het ASR Dutch Core Residential Fund.

Duurzaam energieverbruik

Het Iwell Cube batterijsysteem slaat duurzaam opgewekte stroom op en kan worden aangesloten op zonnepanelen. Hierdoor wordt de belasting op het energienetwerk verlaagd. Door het verminderen van de piekbelasting kan daarnaast gebruik worden gemaakt van een kleinere netaansluiting.

Inmiddels heeft het ASR Dutch Core Residential Fund circa 5.000 zonnepanelen op daken van woningcomplexen geplaatst. De batterijen worden waar mogelijk aangesloten op deze zonnepanelen waardoor het rendement van de panelen verder wordt verhoogd. Als er te weinig energie of geen energie wordt opgewekt door de zonnepanelen, wordt de batterij opgeladen op momenten dat de stroom zo schoon mogelijk is. Op deze wijze wordt het energieverbruik van het woningfonds van a.s.r. real estate verder verduurzaamd.

Robbert van Dijk, fund director ASR Dutch Core Residential Fund: 

De inzet van batterijen is voor het ASR Dutch Core Residential Fund een belangrijke stap in haar energietransitie. De batterijen dragen niet alleen bij aan het beter benutten van zelf opgewekte energie, maar ook aan het verbruik van duurzame energie in het algemeen. Daarnaast kunnen we onze huurders een kleine besparing aanbieden op de servicekosten.

Bron A.S.R. real estate