Nieuwe norm verruimt mogelijkheden voor propaan in airco’s en warmtepompen

De toepassing van propaan als HFK-alternatief in airco’s en warmtepompen stuit op regelgeving.  De norm die bepaalt dat voor dit koudemiddel in verband met ontvlambaarheid een beperkte vullimiet geldt, is onlangs echter gewijzigd. Dit heeft ingrijpende gevolgen.

De vernieuwde versie van de IEC-norm 60335-2-40 die onlangs werd goedgekeurd door de International Electrotechnical Commission (IEC) staat hogere vullimieten toe bij toepassing van ontvlambaar koudemiddel in onder andere split-warmtepompen en -airconditioners. In de norm is vastgelegd dat de vullimiet afhankelijk is van de omvang van de opstelruimte (in m³) en de opstel/ophanghoogte van de unit. Door een gewijzigde rekenmethode leidt die combinatie tot een hogere limiet, mits er veiligheidsmaatregelen zijn doorgevoerd.

Rekenvoorbeeld propaanairco

Volgens de oude norm zou een propaanairco-unit in een ruimte van 20 m² en een plafondhoogte van 2,2 meter 334 gram propaan mogen bevatten, wat te weinig is om de installatie efficiënt te laten werken. Als de unit als veiligheidsmaatregel ‘beter hermetisch gesloten’ is, mag hij onder de nieuwe regels worden gevuld met 585 gram propaan, wat wel voldoende is.

Voorstel voor aanscherping F-gassenverordening

Algemeen geldt dat de maximaal mogelijke propaanvulling volgens de vernieuwde norm 988 gram is (in ruimten groter dan 23 m²). Daarmee maakt de nieuwe versie van de IEC 60335-2-40 het in veel meer situaties mogelijk om propaan als koudemiddel in te zetten. Daarmee sluit de norm op voorhand aan bij een plan van de Europese Commissie om de F-gassenregelgeving verder aan te scherpen. Als het Commissievoorstel wordt omgezet in regelgeving, mogen de ‘traditionele airco- en warmtepomp-koudemiddelen’ R410A en R32 op termijn niet meer worden ingezet voor splitsystemen.

Bron: koudeenluchtbehandeling.nl

Installateurs: jaar wachttijd warmtepomp in 2026 verdwenen

 De huidige wachttijden van vaak een jaar voor het plaatsen van de in 2026 verplichte warmtepomp zijn tegen die tijd verdwenen. Volgens ondernemersvereniging Techniek Nederland verdubbelt de komende jaren het personeelstekort in de installatiebranche tot 40.000 mensen, maar gaat een actieplan ervoor zorgen dat warmtepompen alsnog snel worden geplaatst.

Door personeel bij te scholen en de branche te innoveren moet de “enorme uitdaging” toch lukken, zegt voorzitter Doekle Terpstra. Elders in de sector, zoals bij het plaatsen van windmolens, blijft de wachttijd waarschijnlijk wel lang.

Terpstra voerde namens de installatiebranche overleg met het kabinet over het invoeren van de verplichting. Vanaf 2026 worden huiseigenaren verplicht om bij vervanging van hun cv-installatie een hybride warmtepomp te laten installeren of een duurzaam alternatief, zoals een volledig elektrische warmtepomp of aansluiting op het warmtenet.

Maar waar een cv-ketel in een dag geïnstalleerd wordt, duurt dat voor een warmtepomp twee dagen en zijn daar ook meer mensen voor nodig. “Samen met fabrikanten gaan we nadenken hoe we het werkproces kunnen versnellen”, aldus Terpstra. De voorzitter noemt het personeelstekort “een veelkoppig monster” dat niet meer op te lossen is met hogere beloningen.

Voor bijscholing zijn nu acht locaties in het land, dat wil Techniek Nederland uitbreiden tot een heel netwerk. “50 procent van de cv-installateurs moet bijgeschoold worden. Dat gaat om vele duizenden mensen en is een kwestie van maanden. De vrijblijvendheid is er af. Er is werk aan de winkel.”

Van de grootste uitdaging nu, het tekort aan materialen, verwacht Terpstra over een paar jaar minder problemen. “Nu moeten we nog vaak ‘nee’ verkopen omdat de producten er niet zijn.” Volgens hem komt dat deels doordat de productie veelal in het buitenland gebeurt. “Maar die productiecapaciteit komt nu naar Nederland, omdat fabrikanten zien welke markt eraan zit te komen. Dat is bijzonder en een economische impuls.”

Bron: ANP

Drie warmtepompen genomineerd voor VSK Awards 2022

Vandaag op de openingsdag van vakbeurs VSK, worden de VSK Awards 2022 uitgereikt. De jury die bepaalt welke innovaties uiteindelijk een award krijgen, heeft in de aanloop naar de beurs negen kanshebbers geselecteerd. Drie van deze negen innovaties betreffen warmtepompen..

De award-jury, met daarin onder andere Doekle Terpstra (Techniek Nederland), Harm Valk (Nieman Raadgevende Ingenieurs) en Claudia Bouwens (Lente-akkoord) heeft kansmakers in drie categorieën geselecteerd: Energietransitie, Gezond & Comfort, en Installateurszaken. Op de eerste VSK-dag worden de drie award-winnaars bekendgemaakt, en daarnaast is er nog een publieksprijs.

Lees meer..

Live forum over innovatieve, gepatenteerde 3-pijpswarmtepompen

Aermec organiseert een live forum over 3WP. Deze gepatenteerde warmtepompinstallaties voor gelijktijdig koelen en verwarmen met slechts drie leidingen zijn volgens de fabrikant een Nederlandse primeur.

Volgens Aermec maakt de F-gassenverordening 3-pijps directe-expansiesystemen (VRF) minder aantrekkelijk, en zijn hydraulische 4-pijpssystemen in opkomst in commerciële projecten. De fabrikant introduceert dit jaar een gepatenteerd waterzijdig 3-pijpssysteem (3WP) dat geen afbreuk doet aan de thermische en energetische ontwerpeisen, en 25 tot 30 procent directe besparing in de installatiekosten biedt. Daarmee is het volgens Aermac een betaalbare alternatief voor VRF, klaar voor 2030 en energie-neutrale gebouwen.

Techniek- en systeemuitleg over 3WP

Op woensdag 11 mei organiseert Aermec een live forum over deze nieuwe technologie, voor adviseurs, ontwerpers, installateurs en gebouwbeheerders. De focus zal daarbij liggen op techniek- en systeemuitleg rond 3WP. De sprekers zijn Michele Gioachin en Menno Van der Hoff, twee ervaren experts op het gebied van warmtepompen.
Het forum duurt van 9.30 tot 13.30 uur (incl. lunch) en vindt plaats in Hotel Van der Valk, Winthontlaan 4 te Utrecht. De deelname is kosteloos, maar geïnteresseerden wordt gevraagd zich vooraf aan te melden  bij Martin Peek (m.peek@aerkoel.nl, 06-81612530) of Edwin Linders (e.linders@aerkoel.nl, 06-28490421). Let op: het aantal beschikbare plaatsen is beperkt.

Aandeel luchttechnische installaties in prefab groeit

Uit onderzoekt blijkt dat iets meer dan 15% van de luchttechnische installateurs werkt voor een woningfabriek of zelf prefab-installaties maakt voor de (industriële) woningbouw. Veel partijen zijn het wiel nog aan het uitvinden.

De industriële woningbouw biedt veel nieuwe kansen voor installateurs. Voor Ventilair, leverancier van ventilatie-oplossingen was dat aanleiding om een onderzoek te houden onder W-installateurs die luchttechniek als dienst hebben. Hoeveel luchttechnische installateurs zijn er bezig met prefab? Het onderzoek werd afgelopen kwartaal uitgevoerd door bureau Wolting.

Naast het algemene beeld (de genoemde 15%) zoomt het onderzoek ook in op middelgrote en grote installateurs (20+ medewerkers). In dat segment is het percentage zelfs al hoger dan 20%. Naar verwachting zal dit getal de komende jaren snel verder stijgen.

Industriële woningbouw

Prefab bouwen, ook wel industriële woningbouw genoemd, is inmiddels niet meer weg te denken in de bouwwereld. De ontwikkelingen binnen de industriële woningbouw gaan momenteel erg snel. Woningfabrieken lijken als paddenstoelen uit de grond te schieten. En volgens de experts is dat hard nodig, willen we 100.000 woningen per jaar kunnen bouwen.

Uit deze woningfabrieken rollen complete woningen ‘van de band’. Maar er zijn ook steeds meer bedrijven die delen van woningen of prefab onderdelen maken en gebruiken. Denk hierbij aan gevelelementen, installatieskids en complete schillen voor de renovatie van woningen. Prefab is een brede tak van sport geworden, maar een andere manier van bouwen vraagt ook om een andere manier van installeren. Inmiddels zijn naast bouwbedrijven ook installateurs, leveranciers en groothandelaren actief op dit front. Prefab is hot.

Op dit moment wordt er ook in de prefab bouw nog op heel veel verschillende manieren gewerkt. Veel partijen zijn het wiel nog aan het uitvinden. De vraag is welk wiel uiteindelijk het snelst en soepelst gaat rollen. Veel installateurs verkeren nog in de adoptiefase van het jonge prefab segment. Uit het onderzoek kwam dan ook naar voren dat de meeste luchttechnische installateurs die actief zijn in het prefab segment, nog maar één of enkele klanten hebben.

Trendrappport

Toch zijn er ook bedreigingen voor deze installateurs. Er zijn ook woningfabrieken die zelf de installatie in de fabriek verzorgen. Door het plaatsen van een prefab installatieskid of door zelf de complete installatie te verzorgen, heeft de woningfabriek meer controle over het gehele proces. Dus niet alleen over de vloeren, wanden en gevels, maar ook ten aanzien van de complete installatie. Dat bouwt toch een stuk efficiënter.

Voor Ventilair was dit aanleiding om hier verder onderzoek naar te doen en een trendrapport op te stellen over de rol van de W-installateur bij industriële woningbouw. Dit trendrapport is deze maand verschenen en is aan te vragen via www.ventilair.nl/trendrapport.

Hybrid+: in 5 stappen van hybride naar all-electric

Met Hybrid+ brengt Panasonic een hybride-concept op de markt waarmee woningeigenaren in vijf geleidelijke stappen over kunnen gaan naar all-electric-verwarming. Hiervoor worden lucht/water-warmtepompen uit de Aquarea-serie voorzien van een slimme regeling die met elk merk en type cv-ketel kan communiceren.

Nadat een Hybrid+ lucht/water-warmtepomp bij de bestaande cv-ketel is geplaatst, neemt hij gedurende een groot deel van het jaar de woningverwaming voor zijn rekening – mits het afgiftesysteem geschikt is voor verwarming op een lagere temperatuur dan de gasketel traditioneel levert. De gasketel springt alleen bij tijdens extreem koude dagen en produceert daarnaast het warm tapwater. Volgens Panasonic zorgt deze combinatie in eerste instantie voor een CO2-reductie van ongeveer 20%, en voor lagere energiekosten. Met 30% warmtepompvermogen kan 70% van de totale energievraag over een heel jaar worden gedekt, stelt de fabrikant.

Stapsgewijze overgang

Als belangrijkste kenmerk van Hybrid+ noemt Panasonic dat de eindgebruiker er in vijf stappen mee kan overgaan naar een volledig gasloos systeem. Daarbij neemt de Hybrid+ steeds meer functies van de cv-ketel over, tot de warmtepomp zelfstandig de volledige verwarming en tapwaterproductie van de woning voor rekening neemt en afscheid kan worden genomen van de ketel. Door de stapsgewijze overgang kunnen investeringen gespreid plaatsvinden en isolatiemaatregelen op ‘natuurlijke momenten’ – bijvoorbeeld tijdens een geplande verbouwing – worden doorgevoerd.

Driewegklep plus boilervat

De eerste van die vijf stappen is het bijplaatsen van de Hybrid+-warmtepomp, die het grootste deel van de woningverwarming overneemt van de gasketel. Voor stap twee wordt een driewegklep plus boilervat met spiraal aan de installatie toegevoegd, zodat de warmtepomp ook tapwater gaat maken. In principe krijgt de ketel nu een volledige back-upfunctie, legt William van Driel, key accountmanager bij Panasonic uit. “De ketel springt nog steeds bij als het buiten extreem koud is, maar verliest zijn tapwatertaak grotendeels. Alleen als er ineens heel veel tapwater nodig is, bijvoorbeeld omdat drie of vier gezinsleden direct achter elkaar willen douchen, helpt de gasketel de warmtepomp.”

Verlaging van aanvoertemperatuur

De volgende stap is dat de woning wordt voorzien van laagtemperatuurverwarming, bijvoorbeeld vloerverwarming of ventilatorconvectoren. Van Driel: “Hierdoor kan de aanvoertemperatuur worden verlaagd van 55 naar bijvoorbeeld 45 of 40 graden, waardoor de warmtepomp steeds gunstiger draait en de gasketel steeds minder bij hoeft te springen.” Vervolgens komt stap vier in beeld, waarbij de woning verder wordt na-geïsoleerd. “Denk bijvoorbeeld aan vloerisolatie of hr++-glas”, vertelt Van Driel. “Door de schil op die manier te verbeteren, is het soms mogelijk om de aanvoertemperatuur voor de LT-verwarming verder te verlagen, bijvoorbeeld van 45 naar 40 graden.”

Definitief afscheid van de gasketel

Met die vierde stap is de gasketel overbodig geworden. In stap vijf wordt daar dan ook definitief afscheid van genomen. De warmtepomp neemt nu zowel de woningverwarming als tapwaterproductie volledig voor rekening. Om dit hele traject succesvol te laten verlopen, moet het warmtepompvermogen vooraf worden bepaald aan de hand van berekeningen over de eindsituatie. Van Driel: “De meeste hybride warmtepompen zijn uitgeklede versies van gewone lucht/water-warmtepompen en kunnen zonder complexe ingrepen niet stand-alone fungeren. Doordat wij bij Hybrid+ uitgaan van de Aquarea-warmtepomp kan dat bij Hybrid+ uiteindelijk wel. De technische crux zit met name in de ingebouwde T6-regelaar van Honeywell, die met elk type ketel kan communiceren zodat de warmtepomp zowel hybride als stand-alone kan worden ingezet.”

De Panasonic Aquarea Hybrid+ serie wordt in twee varianten geleverd: als standaard splitsysteem (met de condensor in de binnenunit en de verdamper buiten), en als monobloc waarbij beide componenten in de buitenunit zitten.

Elektropartners

Elektropartners is installatie-architect. Waar elektropartners ruim vijftig jaar geleden begonnen is als elektrotechnisch installatiebedrijf, is Elektropartners steeds meer gaan ontwerpen en adviseren. Vanuit de vestiging in Heerhugowaard werken zijdoor heel Nederland voor aannemers, zakelijke eindgebruikers, overheidsinstellingen, defensie en particuliere opdrachtgevers.

Onder hun installatie en/of ontwerp diensten doen zij:

  • Licht- en krachtstroominstallaties
  • telefoonsystemen
  • datanetwerken
  • glasvezelverbindingen

Elektropartners werkt voor organisaties in de bouw en industrie, bij overheidsinstellingen en mkb-bedrijven en in woningen van particulieren. Want thuis en op kantoor zit in iedere ruimte wel een licht- of krachtinstallatie.

EPBD III -keuring: De ins en outs van de nieuwe keuring

PGGM project Strukton Worksphere

Op 10 maart jl. werd de EPBD III-keuring opgenomen in de Nederlandse wetgeving. Hiermee zijn inspecties van aircosystemen van 70 tot 290 kW verplicht (in de EPBD II-keuring gold dit voor installaties van 12 tot 290 kW). Nieuw in de EPBD III-keuring is de verplichting voor de keuring van verwarmingssystemen. Ook voor deze systemen geldt een ondergrens van 70 en een bovengrens van 290 kW zoals bij de EPBD III . De keuringen moeten naast een keuringsrapport ook leiden tot een advies voor de kosteneffectieve verbetering van de energieprestatie van het gebouw.

Officieel is de keuring vanaf 10 maart 2020 verplicht en is deze beschreven in het Bouwbesluit 2012 wijziging van 6 maart 2020. Er is echter nog geen keuring voor verwarmingssystemen beschikbaar. SCIOS brengt daar verandering in: zij ontwikkelt op verzoek van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een keuring voor de verwarmingssystemen. Hiervoor krijgen zij twee jaar de tijd. We spreken SCIOS bestuursvoorzitter Arie Krijgsman.

Keuring in ontwikkeling

“Het is complexe materie. De in ontwikkeling zijnde keuring betreft niet alleen de warmtebron, maar ook het systeem voor warmteafgifte, de daaraan gekoppelde regelsystemen en de bepaling van de warmtebehoefte van het gebouw. En wanneer het verwarmingssysteem is gekoppeld met een ventilatiesysteem, dient ook dit systeem gekeurd te worden. Er geldt een praktische bovengrens van 290 kW. Per 1 januari 2026 moeten namelijk installaties met een nominaal vermogen groter dan 290 kW zijn voorzien van een gebouwautomatisering en -controlesysteem (GACS). Hiermee vervalt de keuringsplicht. Dit geldt overigens ook wanneer er een dergelijk controlesysteem aanwezig is in gebouwen waar het nominale vermogen van de installaties kleiner is dan 290 kW. Gebouwen waarvoor een energieprestatiecontract is afgesloten, worden ook vrijgesteld van de keuringsverplichting.”

Aanvullende verplichting

En dan is het nog niet gedaan met de complexiteit. Ook de verplichte keuring van stookinstallaties vanuit het Activiteitenbesluit blijft van kracht. Dat betekent dat eigenaren van stookinstallaties met een vermogen vanaf 100 kW (of 20 kW wanneer een stookinstallaties wordt gestookt op een vloeibare of vaste brandstof) verplicht zijn inspecties te laten uitvoeren op veiligheid, energieverbruik en emissie van de installaties. Daar komt dus straks de aanvullende keuring van het verwarmingssysteem van gebouwen, gericht op de energieprestatie, bovenop. “In ons overleg met BZK is afgesproken dat er wordt gestreefd naar een gecombineerde keuring van de stookinstallatie en het verwarmingssysteem, zodat een optimale efficiëntie wordt bereikt. Samenvattend betekent dit dat gebouweigenaren de in het Bouwbesluit verplicht gestelde keuring vanaf 2020 moeten laten uitvoeren. Omdat eerst per 2022 deze keuring beschikbaar is, kan gedurende de overgangsperiode met een SCIOS scope 1 of 2 keuring aan deze verplichting worden voldaan. De nieuwe EPBD-keuring van het verwarmingssystemen moet dan uiterlijk vier jaar later worden uitgevoerd.”

Handhaving

Genoemde keuringen vallen onder het overheidstoezicht. Dat betekent dat de overheid, in dit geval op gemeenteniveau, gaat controleren of gebouwbeheerders hun inspecties hebben laten uitvoeren. Om gemeenten bij de handhaving te ondersteunen, komt er een afmeldregister voor de keuring van airconditionings‑ en verwarmingssystemen, net zoals dat al bestaat voor stookinstallaties. De handhaving bestaat uit controles op afgemelde keuringen. Handhavers gebruiken data uit de registers bij het uitvoeren van analyses waarop het toezicht wordt gebaseerd. Een extra reden voor gebouwbeheerders om scherp te zijn op de verplichte inspecties.

Over SCIOS

De Stichting SCIOS is eigenaar van en beheert het kwaliteitsmanagementsysteem voor inspectie en onderhoud van technische installaties. De certificatieregeling bestaat uit de deelregelingen Stookinstallaties, Elektrisch materieel en Explosieveilige installaties (ATEX). Installateurs en inspectiebedrijven die conform de SCIOS-certificeringsregeling zijn gecertificeerd, voeren onderhouds- en inspectiewerkzaamheden aan stookinstallaties uit die moeten voldoen aan de wet (het Activiteitenbesluit, vallend onder de Milieuwet) met betrekking tot rendement, veiligheid, milieubelasting.

Meer informatie over de inspecties:

 

 

Lees hier over een andere keuring, de NEN 3140, voor u vastgoed.

 

Webinar laat verbeterpotentieel installaties zien voor CO2-reductie

Op donderdag 30 september neemt Duurzaam Gebouwd-partner DWA je mee naar een succesvolle aanpak voor optimalisatie van installaties. Tijdens een interactief webinar ontdek je hoe je inzicht verkrijgt door digitale tools en laten Schiphol en Hysopt zien hoe die gereedschappen helpen bij het maken van de juiste investeringsbeslissingen.

Foto boven: AVenZo – Ludo de Rooij / Shutterstock.com

Met de klimaatdoelstellingen in het achterhoofd is het belangrijk dat we verduurzamen en fossiele brandstoffen vaarwel zeggen. In bestaande bouw betekent dat het vervangen van cv-ketels en traditionele koelinstallaties met onder andere warmtepompen, wko-installaties en collectieve warmtenetten. Hoe krijg je inzicht in de behoefte aan warmte en koude in je vastgoed?

Dat legt Roel Van den Bulcke uit van Hysopt. Hij vertelt hoe je met behulp van simulaties duidelijkheid krijgt over prestaties van installaties. De Digital Twin die dit oplevert, zorgt voor de juiste keuzes voor optimalisatie. Het resultaat: voldoende koeling of verwarming op de juiste plek, op efficiënte en energiezuinige wijze en zonder comfortklachten.

Luchthaven Schiphol paste dit toe voor Terminal 3. Door het maken van de Digital Twin met Hysopt voor de koelinstallatie ontstond inzicht in het functioneren en kwamen een aantal knelpunten aan het licht die (op termijn) comfortklachten kunnen veroorzaken. Jeroen Oosterling en Andrew van Weers van Luchthaven Schiphol lichten toe welke inzichten zij opdeden en hoe zij dit willen inzetten voor optimalisatie.

Aanmelden

Meld je aan voor het seminar en je ontvangt enkele weken voorafgaand aan het webinar gegevens om het event te volgen. Met vragen kun je terecht op dit e-mail adres.