AI en war-on-talent zorgen voor een transitie in de kantorenmarkt

Vastgoed maakt niet alleen een gigantische mechanische transitie door, maar ook een sociale. De trend is dat er bij het ontwikkelen van nieuwe kantoren en werkplekken -mede door corona, technologie, klimaatverandering, war on talent en AI- steeds vaker en beter gekeken wordt naar de sociale wetenschap. Reden genoeg voor de vastgoedwereld om de waarde van een goed kantoor te herdefiniëren. Een hele interessante tijd om op wetenschappelijk niveau met de nieuwe werkplek bezig te zijn. Omdat veel organisaties nog steeds de verkeerde vragen stellen, praten we met Sophie Schuller en Valerie Schumacher van Cushman & Wakefield.

Sophie is vastgoedspecialist en neuropsychologisch onderzoeker in het Occupier Strategy-team van Cushman & Wakefield in Nederland. Al meer dan achttien jaar begeleidt ze (internationale) corporates met strategisch advies en grote veranderprogramma’s. Valerie is werkplekstrateeg in het Total Workplace team van Cushman & Wakefield. De twee experts helpen organisaties om onderbouwde en vooral mensgerichte keuzes te maken bij strategische huisvestingsvraagstukken. Dus niet meer beginnen met de vraag Hoe krijg ik mijn werknemers terug naar kantoor, maar Waarom wil ik mijn werknemers terug naar kantoor?

Vanuit het perspectief van de organisatiestructuur is dit een van de eerste keren dat IT, vastgoed en HR moeten samenwerken. Je kunt IT en vastgoed niet meer scheiden. Naar de werkomgeving is altijd veel onderzoek gedaan, maar de laatste jaren is er veel meer wetenschappelijk bewijs dat aantoont dat de beleving van een plek een enorme impact heeft op gezondheid, welzijn, productiviteit en het aantrekken van talent. Cushman & Wakefield gaat verder dan de theorie. Getuige Helix, een van de meest vooruitstrevende kantoren van Nederland. Voor Sophie en Valerie is Helix een living lab en zijn hun collega’s geweldige proefkonijnen. In dit interview praten we over hun eerste bevindingen.

Living lab Helix

Helix is een duurzaam kantoorgebouw waarin beweging, ontmoeting en verbinding centraal staan. Sophie: ‘We doen onderzoek naar vier belangrijke pijlers: menselijke gezondheid en welzijn, verbinding en prestaties, technologie en slimme gebouwomgevingen en ESG. Hierbij staat het gebruik van objectieve gegevens centraal. De meeste onderzoeken op dit gebied komen van oudsher uit de sociale wetenschap. En dat is echt enquêteren, vragen stellen dus. Natuurlijk is het enorm waardevol om mensen te vragen wat ze denken, maar als neurofysioloog weet ik dat wat mensen over zichzelf weten zeer beperkt is. De ervaring van werken op kantoor op maandag is meestal radicaal anders dan op vrijdag. We richten ons daarom echt op die objectieve dataset.’

Feiten zijn de basis

‘We zijn in staat om in een kantooromgeving via een draagbaar apparaat de hartslagvariabiliteit te meten. Ik kan de temperatuur met één graad verhogen en real time op een zeer specifieke tijd-ruimtelijke frequentie zien welke invloed deze verhoging heeft op mijn hartslagvariabiliteit. Ik kan vervolgens ook de impact meten die dat op de productiviteit heeft. In termen van e-mail of laptopgebaseerde activiteit, kan ik de impact meten op de manier waarop je samenwerkt en communiceert. Er is nu zelfs technologie die met een hoge mate van nauwkeurigheid aan de hand van hoe hard je typt en hoe je de muis gebruikt stress kan vaststellen. Deze objectieve gegevens combineren we met kwalitatieve gegevens en dat geeft ons een veel rijker beeld.’

Hybride werken

Er wordt bij Cushman ook specifiek gekeken naar de manier waarop mensen communiceren en samenwerken wanneer ze vanuit huis werken. Tijdens de lockdownperiode heeft de organisatie dan ook veel geleerd. ‘Bij terugkeer naar kantoor hebben we gekeken naar de veranderingen en het verschil in hoe mensen communiceren en samenwerken. Een aantal interessante bevindingen die we hebben opgedaan, is dat mensen die thuis werken de neiging hebben om in zeer hiërarchische structuren te acteren. Als we fysiek samenwerken, zijn we veel meer verbonden. Dan heb ik in de wandelgangen en de kantine namelijk ook contact met iemand van administratie of HR. De organisatorische infrastructuur wordt veel platter en onze netwerken dichter. Dat betekent dat informatie sneller stroomt en innovatie meer voor de hand ligt. Uit onderzoek blijkt dat hoe meer je het gevoel hebt dat je bij de organisatie hoort, hoe invloedrijker je bent. Maar dat hoeft natuurlijk niet te betekenen dat je vijf dagen per week fysiek op dezelfde locatie moet werken.’

Het kantoor is nooit af

‘Het ideale kantoor bestaat niet. We richten ons daarom niet op het einddoel, maar op het proces. En dat proces moet continu voor verbetering zorgen. Als je als huurder op zoek gaat naar een nieuw gebouw, dan kun je ervan uitgaan dat een periode van drie jaar nodig is, vanaf het eerste idee tot de verhuizing. Van de mensen die in je organisatie werken, kun je ervan uitgaan dat tegen die tijd 50% een andere baan heeft. Dus als ik de mensen die nu voor me werken ondervraag voor een gebouw dat ik over drie jaar nodig heb, is dat eigenlijk zinloos.’ Valerie vult aan: ‘Ik denk dat het enige einddoel flexibiliteit is. Hoe kunnen we die flexibiliteit inbrengen en ervoor zorgen dat het kantoor over vijf jaar net zo relevant is als nu? In Helix zien we nu een toename van teams uit andere locaties. Dit hadden we niet verwacht, maar door de vele overloopruimtes, sociale harten en flexibele ruimtes zien we dat het eigenlijk nog steeds voor ons werkt.’

‘Het flexibel inrichten van je kantoor kun je op twee manieren doen. De eerste manier is dat je het meubilair voortdurend verandert. De tweede manier is via de ervaring van de hostess. Een hostess kijkt voortdurend naar hoe de ruimte wordt gebruikt en niet naar wat er wordt gebruikt. We richten ons veel meer op gedifferentieerde ervaringen. Dus als het café niet werkt, laten we het café niet opnieuw inrichten, maar kijken naar gerelateerde mogelijkheden. Misschien werkt een sapbar wel? Dit lijkt een dure hobby, maar wij zijn ervan overtuigd dat organisaties dit middels een lager personeelsverloop terugverdienen.’ Sophie bekrachtigt: ‘Veel van onze klanten hebben een personeelsverloop van 30% tot 50%. Dat betekent dat ze elke twee jaar een gloednieuw team hebben. Dát is pas duur! Als je dat met 20 tot 30% kunt verminderen, is dat een exorbitante besparing. We zijn nu aan het onderzoeken of hybride werken van invloed is op de omzet, het personeelsverloop, het aantal ziektedagen en de tijd die iemand nodig heeft om van junior naar senior te groeien. Binnenkort kunnen we de kosten van een goed kantoor en werkstrategie naast de opbrengsten van een goed kantoor leggen.’

Te weinig aandacht voor bewegen, rust en kunst

‘Er zijn drie aandachtspunten die vaak onderbelicht zijn bij het ontwikkelen van goede werkplekken.

Beweging

Het oude kantoor is te comfortabel. Deze kantoren zijn ontworpen om aan je bureau te gaan zitten en daar zo lang mogelijk te blijven. In Edge hebben ze daarom een loopkamer waar de hele vloer beweegt. Er is maar één koffiebar zodat iedereen in beweging moet komen.

Rust

Er zijn in kantoren te weinig ruimtes om uit te rusten. In Helix hebben we verschillende soorten stoelen gebruikt waarin je stress kunt verminderen en zijn bijvoorbeeld alle scheidingswanden bedekt met planten. We weten uit onderzoek dat als je uitkijkt over een natuurlijk uitzicht, je je cognitieve vermogen aanzienlijk verbetert. Slimmer creatief problemen oplossen, beter geheugen.

Kunst

Kunst bepaalt je stemming. Als je een traditioneel en saai kantoor binnenkomt, heeft dat invloed op je gevoel. In Helix zijn er veel rare hoekjes. Vanuit academische literatuur weten we dat je veerkrachtiger en opgewekter bent als je in creatieve omgeving bevindt.’

Circulair renoveren? Begin met de snelste cyclus: het interieur van het gebouw

Bron: Arcadis Nederland

Vind jij het als gebouweigenaar ook lastig om bestaande gebouwen circulair te renoveren? Waar moet je eigenlijk beginnen? Circulariteit begint pas als de levensduur van een bepaald gebouwonderdeel ten einde is. Arcadis stelt daarom voor: begin klein en kijk naar de kortste termijn. Start bij het interieur. Volgens het Stewart Brand-model hebben ‘space plan’ en ‘stuff’ de kortste levensduur en dus ook de snelste cyclus. Als je circulariteit in de vingers krijgt in deze relatief snelle cyclus, kunnen we de geleerde lessen later vertalen naar de lagen met een langere levensduur.

De volgende vier methodes helpen bij het circulair maken van het interieur van een gebouw:

1. Hergebruik

Hergebruik of recycling is een bekend concept. Er zijn vele mogelijkheden om afgedankte grondstoffen en materialen te verwerken in een nieuw product. Soms is het vorige product niet meer te herkennen. Zo maakt Interface tapijttegels waarvoor als grondstof het nylon uit afgedankte visnetten wordt gebruikt. Deze tegels liggen op de vloer van het Arcadis-kantoor in Amersfoort. In andere gevallen is het product wel herkenbaar. Zo maakt NS mooie producten van oude treintijdborden en ‘treinpoefs’ van oude stoelbekleding.

2. Leasing

Leasen is een concept dat in steeds meer branches terugkomt. We kennen het natuurlijk van autolease, maar dit concept leent zich ook voor allerlei diensten of producten. Zo zijn er bedrijven die meubilair voor kantoren verhuren, maar denk ook aan bijvoorbeeld ICT-producten.

Een mooie term die rondom leasen gebruikt wordt is ‘product-as-a-service’. Niet het product wordt gekocht, maar de dienst. Hierin zitten dan de services die normaal bij de verantwoordelijkheid van de eigenaar zijn, zoals beheer en onderhoud en de vervanging van kapotte onderdelen. Bij lease komen het product, materialen en grondstoffen elke keer terug bij de leverancier, die de kennis en expertise heeft over het specifieke product. Op die manier wordt afval en daarmee de uitstromende materialen beperkt en de waarde van de producten en materialen verlengd.

Tip: Voor sommige organisaties is de aankoop van producten voordeliger dan leaseconstructies, doordat zij voor de lage leningspercentages financiering kunnen krijgen. Kies dan voor terugkoopgaranties, waarbij het product aan het einde van de gebruikslevensduur (vaak kosteloos) opgehaald wordt door de leverancier (met een mogelijk restbedrag).

3. Refurbishen

Een andere manier om interieur circulair te maken is een gebouw inrichten met refurbished producten. Ook deze term kennen we uit een andere sector: een refurbished telefoon kopen is helemaal van deze tijd. Het idee is simpel: een product dat door de vorige eigenaar is afgeschreven wordt gekocht, opgeknapt en zo nieuw leven ingeblazen en verkocht aan dezelfde of een andere klant. Je koopt daarmee een product met (bijna) nieuwwaarde. Het refurbishen van producten verlengt de levenscyclus van materialen. Refurbishen kent een klassiek financieel model. Na aankoop is de consument eigenaar en verantwoordelijk voor de rest van de cyclus van het product.

4. Vergelijkingstool INSIDE/INSIDE

INSIDE/INSIDE is een online platform waar je duurzaamheid, circulariteit én gezondheid van producten en materialen objectief inzichtelijk kan maken. Het helpt bewust duurzame keuzes te maken voor het interieur van een gebouw. De tool gebruikt twee indicatoren: de milieukostenindicator en de materiaal-circulariteitsindex. Deze worden in beeld gebracht door een Levens Cyclus Analyse. Het mooie is dat dit meetinstrument ook ingezet kan worden tijdens aanbestedingen en certificeringen en zo dus echt een handvat biedt voor zowel opdrachtgever als opdrachtnemer. Bekijk het webinar over INSIDE/INSIDE terug.

Meer weten over circulariteit in de bouwsector? Volg dan de hashtag #CircuLeren via Linkedin. www.deweekvandecirculaireeconomie.nl

Climat Screen: controle over het binnenklimaat, de lichtinval én de energierekening

Het Climat Screen van SunFolie-Techniek is een daglichtfiltersysteem dat ’s zomers de warmte buiten en ’s winters juist binnen houdt. Het Nederlandse product zorgt bovendien voor een contrastvrije lichtinval en filtert het daglicht. Schitteringen op beeldschermen zijn verleden tijd. Opgeteld maakt dit Climat Screen tot een van de basisproducten van een duurzame werkomgeving waarin comfort en energiebesparing een centrale rol spelen.

Flexibele oplossing voor comfortabele werkplekken

Vastgoedbeheerders weten: moderne gebouwen zijn veelal uitgerust met grote raampartijen. Esthetisch gezien is dit een geweldige ontwikkeling, maar hoe houd je de warmte in deze tijden waarin het aantal zonne-uren explosief toeneemt buiten? We spreken Dion Bosch van SunFolie-Techniek: ‘Al het glas dat architecten toepassen, zorgt voor transport van warmte. Zelfs HR++-glas is niet opgewassen tegen zonnewarmte. Zonwering op haar beurt is dat wel. Veel vastgoedbeheerders kiezen dan ook voor de bekende buitenzonwering. Niet voor niets. Het is een perfecte oplossing om warmte buiten de deur te houden. Een groot nadeel echter, is de belemmering van het zicht die dit soort oplossingen met zich meebrengen. Bovendien mogen dergelijke systemen nagenoeg nooit worden toegepast bij monumentale panden en is het onderhoud -door onder meer de inzet van hoogwerkerskostbaar. Raamfolie is een van de alternatieven. Een prima optie, maar het geniet vanwege het permanente karakter meestal niet de voorkeur. Daarom ontwikkelde Sunfolie-Techniek zo’n twintig jaar geleden een alternatief in de vorm van het Climat Screen. Dit systeem is -simpel verwoordeen rolgordijn met folie. Je profiteert dus optimaal van de zonwering op de momenten dat het nodig is en haalt de folie op wanneer de zon niet langer op de gevel schijnt.

TNO-testen wijzen uit dat de folie van Climat Screen zonlicht met minimaal 80 procent reflecteert

Climat Screen :Koel in de zomer, warm in de winter

TNO-testen wijzen uit dat de folie van Climat Screen zonlicht met minimaal 80 procent reflecteert. Dit kan een warmtebesparing tot 8 graden Celsius opleveren! Daarnaast neemt de K-waarde van het glas bij gebruik van Climat Screen toe met circa 30 procent. Dat komt omdat tussen raam en folie een stilstaande luchtlaag blijft bestaan, die zorgt voor isolatie en hiermee de warmte-uittreding via het glas naar buiten toe drastisch beperkt. Het resultaat is in de zomer een heerlijk koele en in de winter een aangenaam warme ruimte. Een ander kenmerk van Climat Screen is dat het de ruimte niet verduistert, maar wel alle mogelijke hinderlijke schitteringen wegneemt. Bovendien kunnen gebruikers zelf de hoeveelheid licht reguleren. Dit levert een prettige omgeving op, waarin mensen ongehinderd hun werk kunnen doen en minder snel vermoeid raken.

Duurzame oplossing

‘Kortom, de airconditioning en het verwarmingssysteem draaien significant minder uren. Hiermee slaan beheerders een flinke duurzaamheidsslag. Dit is wat je noemt een uitgesproken win-winsituatie: huurders genieten van een comfortabele werkomgeving en zijn derhalve bovengemiddeld tevreden en de gebouweigenaar kan rekenen op significant lagere energiekosten. Het is niet voor niets dat waterschappen, ministeries, scholen, ziekenhuizen en ook commerciële vastgoedeigenaren al jaren voor onze producten kiezen. Goed om te weten dat we een brede focus op duurzaamheid hebben: we verpakken onze materialen in onbedrukt milieuvriendelijk papier dat we volledig hergebruiken. En we maken gebruik van de de landelijke organisatie De Fietskoerier. Zo dragen wij bij aan een betere wereld.’

Meer info over Climat screen >>

 

Hoe verbeter je de akoestiek op kantoor?

akoestiek kantoor verbeteren

Het wordt steeds lastiger om een goede akoestiek op kantoor te organiseren. We vinden systeemplafonds niet meer ‘mooi’ en een gietvloer juist weer wel. We houden van een open kantoor met glazen wanden en werken allemaal in een kantoortuin. Kortom, allemaal bewegingen die slecht voor de akoestiek zijn. Collega´s die net iets te luid bellen, andere collega’s die net even iets te hard met elkaar overleggen. Het galmt allemaal door het kantoor. Geconcentreerd werken wordt tegenwoordig niet makkelijk gemaakt en kantoren met slechte akoestiek hebben dan ook veel invloed op de prestatie van de gebruikers. Het geluid kaatst van het plafond, via de gietvloer tegen de glazen wand zo alle kanten op. Uit onderzoek is gebleken dat een kantoortuin meer kost dan het oplevert en andere onderzoeken laten zien dat het verbeteren van de akoestiek op kantoren kan zorgen voor 30% minder afleiding en stress.

 

Oplossingen voor kantoor akoestiek

Maar er zijn gelukkig manieren om de akoestiek in het kantoor te verbeteren met slimme oplossingen. De manier om dit te doen is het onderbreken van die geluidsgolven. Vaak zijn kantoren zakelijk en minimalistisch ingericht. Geen gordijnen of een grote bank, maar kale muren en lamellen.

Begeleid het geluid

Er zijn meerdere geluidsabsorberende oplossingen verkrijgbaar op de markt. Maar voordat je meteen je portemonnee gaat trekken, kun je ook op andere manieren de overlast verminderen. Laat het geluid zo snel mogelijk ontsnappen. Je kunt op kantoor voor aankleding zorgen, welke niet vlak zijn. Dit zorgt ervoor dat het geluid minder weerkaatst wordt.

Creëer ruimte voor verschillende zones

Zorg ervoor dat de teams logisch ingedeeld worden en zet de meest geluid producerende teams (sales/marketing) bij de ingang en de stilste teams (IT/administratie) achter in de hoek. Geef desnoods met signing of kleuren aan welke behoefte de teams hebben. Geluidsabsorberende scheidingswanden kunnen naast het reduceren van geluidsoverlast ook aangeven in welke zone men zich bevindt. Bij grotere organisaties / kantoren kun je er ook voor kiezen om complete stilte ruimtes in te richten.

Bundel geluid en pak het aan bij de kern

Probeer de bron van het geluid, vaak collega’s die veel overleggen of bellen, op te zoeken en daar de akoestische oplossing te plaatsen. Zorg ervoor dat alle apparaten die veel geluid maken op een plek verzameld worden. Bijvoorbeeld naast de koffiehoek. ‘Sluit’ deze zone in met geluid absorberend materiaal.

Akoestisch absorberende panelen

Het absorberen van geluid kan middels akoestisch absorberende panelen. Dit zijn niet zomaar panelen met een stofje er omheen, maar panelen met een goede absorberende werking.  Er zijn verschillende mogelijkheden in akoestische scheidingswanden, bureauschermen en panelen. Deze producten zijn verkrijgbaar in vele kleuren, maten, vormen en materialen. De voordelen hiervan zijn: sterk geluidsabsorberend vermogen, eenvoudig akoestische werkplekken creëren, makkelijk plaatsen en verplaatsen, eindeloos combineren met kleuren. Let goed op de graad van absorptie. Deze ligt tussen de 0 en 1. Geen effect = 0 en maximaal effect = 1. Akoestische panelen kunnen ook aan de muur bevestigd worden en daar kan eventueel een mooie afdruk van een foto op gemaakt worden.

kantoor-Akoestische-Panelen

Oplossingen voor plafonds

In grote ruimten is een toepassing aan de wanden alleen niet voldoende. Het is in de meeste gevallen ook nodig tenminste 40 a 50% van het plafond te voorzien van een akoestisch materiaal.

 

Andere oplossingen

  • Kasten voorzien van deuren met akoestisch materiaal of een beklede achterwand;
  • Poefs gefabriceerd uit akoestische materialen;
  • Losse akoestische elementen zoals bijvoorbeeld losse bel-units;
  • Lampen;
  • Beplanting;
  • Green walls;
  • Kleden zorgen voor goede demping van het geluid;
  • Maak gebruik van dempende raambekleding.

 

 

Bedrijven willen door corona geen kantoor meer

Whitepaper duurzaam binnenklimaat

Een neergaande economie heeft in de regel grote gevolgen voor de kantorenmarkt. Wanneer veel bedrijven in een korte periode failliet gaan of inkrimpen, betekent dat minder vraag naar kantoorruimte en dus oplopende leegstand. De vraag van bedrijven naar flexibele huurcontracten gaat toenemen. Bedrijven kunnen niet meer jaren vooruitkijken en willen meebewegen met de economie, zelfs als daar een hogere huurprijs tegenover staat.  Dat is een van de conclusies van het rapport ‘De toekomst van flexkantoren’ dat Colliers begin juli heeft uitgebracht.

Flexkantoren met kortere huurperioden worden steeds populairder. Inmiddels is Nederland koploper in Europa met het aanbod van dit soort kantoorruimte. Amsterdam en Eindhoven zijn zelfs uitgegroeid tot de flexhoofdsteden van het continent. De verwachting is dat het aandeel flexkantoren de komende tien jaar groeit tot meer dan 10%, blijkt uit het nieuwste kantorenmarktrapport van vastgoedadviseur Colliers International.

“Tien jaar geleden zaten snelwegrestaurants, hotellobby’s en koffiecorners vol met werkende mensen met een kop koffie en een laptop”, vertelt Robert Kok, hoofd kantorenverhuur bij Colliers. ‘’Nu gebeurt dat vooral in flexkantoren. Het zijn niet alleen de zzp’ers en zakenreizigers, maar steeds vaker de grotere bedrijven die er werkruimte huren.’’

Nederland grootste flexmarkt Europa

De echte doorbraak van het flexkantoor kwam na de kredietcrisis van 2007 tot 2011, toen bedrijven zich niet meer voor meerdere jaren wilden binden aan een vaste huur. Aanbieders van flexconcepten sprongen in dit gat door meer bewegingsruimte in de huurcontracten te bieden, bijvoorbeeld kortere looptijden en meer mogelijkheden om tussentijds te groeien of te krimpen. Hoewel nu slechts 2,5% van alle Nederlandse kantoren een flexkantoor is, heeft Nederland daarmee wel de grootste Europese flexmarkt.

Amsterdam staat met 6% zelfs op de eerste plek van de 43 door Colliers onderzochte Europese steden. Eindhoven volgt op de voet met 5,9%. Hier zitten veel startups en scale-ups in de techbranche. Vooral het gebied Strijp-S heeft veel flexkantoren. Utrecht maakt van de vijf grootste steden in Nederland de snelste opmars. De afgelopen twee jaar waren flexaanbieders daar verantwoordelijk voor 13% van de nieuw gevulde kantooroppervlakte.

Kaf wordt van het koren gescheiden

Flexaanbieders die de laatste jaren de markt hebben betreden, te snel nieuwe locaties hebben geopend of zeer sterk gefinancierd zijn met extern vermogen, worden hard geraakt door de coronacrisis. Voor sommigen kan dat een faillissement betekenen. Die gaten worden snel opgevuld door één of meerdere sterkere partijen.

De populariteit van flexkantoren neemt door de coronacrisis alleen maar toe. ‘’Bedrijven willen kunnen meebewegen met de economie’’, legt Robert Kok uit. ‘’Dat past ook binnen de bredere maatschappelijke trend waarin we van bezit naar gebruik gaan. Liever een maandelijks opzegbaar abonnement dan één grote investering.’’

 

Veranderende behoeften van werkend Nederland

Ook grote bedrijven willen meer flexibiliteit. Niet alleen door de financiële onzekerheid, maar ook door de definitieve doorbraak van het thuiswerken. Zo kiezen ze bijvoorbeeld voor een kleiner kantoor en huren bij piekdrukte extra werkruimte. Dit betekent dat het aandeel flexkantoren de komende tien jaar naar de dubbele cijfers gaat.

 

 

 

Carré Chassé Breda verbouwt door Merin

Carré Chassé Breda

Kantoorgebouw Carré Chassé in Breda is opgebouwd uit drie lagen met ca. 6.000 m². Met een knipoog naar het thema circus zal Merin de komende maanden het gebouw compleet renoveren en ombouwen naar een Merin boetiekkantoor. De voorbereidingen zijn in volle gang en het streven is een oplevering in Q3 2020. Een uniek kantoorgebouw met alle faciliteiten om plezierig te werken. Denk aan: sociaal hart waar je andere professionals ontmoet, een restaurant voor een heerlijke lunch of borrel en mooie vergaderruimtes voor succesvolle meetings en presentaties.

merin Carre chasse

Kantoorgebouw Carré Chassé aan het Chasseveld 3-13 ligt in het centrum van Breda. Volg de ontwikkelingen op de website van Merin

 

Lees hier meer over een verbouwing die nu gaande is.

 

Een kantoortuin is ongezond voor de gebruiker

kantoortuin

Vermoeidheid, concentratieverlies, stress en hoofdpijn. Veel bedrijfsartsen horen dit soort klachten van mensen die werken in een kantoorruimte zonder scheidingswand, oftewel een kantoortuin. Dat concludeert tv-programma De Monitor. Samen met 80 Nederlandse bedrijfsartsen hebben ze onderzoek gedaan naar kantoortuinen.

Uit het onderzoek blijkt dat er een duidelijke relatie is tussen mensen met burn-out klachten die werken op kantoortuinen. Volgens het NVAB zakt het ziekteverzuim met 80% als er minder werknemers per m2 zouden gaan zitten. Arbo Unie pleit zelfs voor meer stiltewerkplekken.

Belangrijke klachten zijn geluidshinder en concentratieverlies. Dit kan zelfs leiden tot een burn-out!

Maar hoe moet een kantoor er dan uit zien?

Wat er vaak mis gaat bij verkeerd ingerichte kantoortuinen is dat de klimaatinstallatie niet goed is afgesteld waardoor er te weinig frisse lucht is. Zo is het vaak ook te warm of te koud. En dat tegelijkertijd. Te weinig licht en slechte akoestiek zijn ook twee belangrijke boosdoeners. Uiteindelijk presteren de gebruikers minder en kunnen de kosten voor de huurder ongezien hoog oplopen.

 

Snelle en makkelijke oplossingen zijn:

Akoestiek verbeteren door A,B,C methode

Er zijn meerdere leveranciers die doeltreffende en stijlvolle oplossingen bieden.

Bureaus dichter bij het raam plaatsen

Indien de ruimte het toelaat is het raadzaam om de bureaus meer bij het raam te plaatsen.

Meer planten op het kantoor neerzetten

TNO adviseert om één plant per twee medewerkers neer te zetten, of één plant per 12 vierkante meter kantoorruimte.

 

Het is daarnaast raadzaam om voor iedere bezigheid een andere ruimte in te richten. Hoekjes en stiltegebieden zijn hier naast een vergaderruimte voorbeelden van. Kantoortuin