Krimpende vastgoedportfolio’s en de kans voor IWMS

Een recent verhaal op de voorpagina van The New York Times schetste een somber beeld voor eigenaren van commercieel vastgoed in grote steden. Bedrijven die vorig jaar acuut zijn overgestapt van kantoorwerk naar thuiswerk, zullen deze verandering waarschijnlijk niet terugdraaien wanneer de COVID-19-pandemie afzwakt. In New York City is de leegstand van kantoren gestegen tot het hoogste percentage in decennia, de marktwaarde is met 25 procent gedaald, de belastinginkomsten uit vastgoed zijn overeenkomstig verminderd en grote bedrijven zoals JPMorgan Chase, Ford Motor, Salesforce en Target schroeven hun fysieke aanwezigheid terug. JPMorgan Chase is de grootste particuliere werkgever in New York City en volgens CEO Jamie Dimon zal zijn bedrijf voor elke 100 medewerkers mogelijk nog slechts 60 werkplekken nodig hebben vanwege het werken op afstand en hybride werken.

Dergelijke tendensen zijn niet alleen waarneembaar in New York City, maar in steden over de hele wereld. Volgens adviesbureau Local Data Company (LDC), gespecialiseerd in retail-data, is de leegstand in de City of London het hoogst in vijf jaar. De zakenwijk, waar zowel de beurs als de Bank of England is gevestigd, is zwaar getroffen door de crisis en telde aan het einde van 2020 een leegstand van 255 panden omdat de kantoormedewerkers thuis werkten.

Ook in Nederland zien we deze trend zich ontwikkelen. Uit onderzoek van Adviesbureau Cushman & Wakefield blijkt dat in Amsterdam aan het einde van 2020 maar liefst 17 procent minder kantoorruimte is opgenomen dan in eind 2019. De opname van kantoorruimtes in Utrecht viel zelfs 40 procent lager uit.

Voor verhuurders is dit duidelijk een tijd vol financiële risico’s. Maar voor huurders is het een kans om hun vastgoedportfolio’s te optimaliseren. Het essentiële hulpmiddel voor optimalisatie is een Integrated Workplace Management System (IWMS).

Waarom is een IWMS essentieel?

Iedereen die strategisch inzicht wil hebben in de vastgoedportfolio van een organisatie, heeft in eerste instantie een globaal overzicht nodig van lopende leasecontracten, vervaldatums, opties voor vervroegde opzegging of wijziging, enzovoort. Inzicht in belastingen, toeslagen, de onderhoudskosten van gemeenschappelijke ruimten en andere inherente bedrijfskosten is ook onmisbaar. Ook wilt u natuurlijk weten welke voorzieningen en voordelen de verschillende leaselocaties bieden. Een solide systeem voor lease management kan deze inzichten leveren, wellicht tegen lagere kosten dan een IWMS. Maar er is meer voor nodig om een compleet beeld te krijgen waarop u uw belangrijke besluiten kunt baseren.

Niet alle kosten zijn opgenomen in leasecontracten. Ook hebben niet alle leasecontracten betrekking op onroerend goed. Veel organisaties hebben bijvoorbeeld allerlei geleasede apparaten die door afdelingen worden beheerd in plaats van door de onderneming, maar die niettemin bijdragen aan de totale kosten voor de organisatie.

En wat zijn, behalve de leasekosten, de verdere bedrijfskosten voor elke leaselocatie? U moet gemakkelijk een beeld kunnen krijgen van de totale kosten voor energie en andere nutsvoorzieningen, schoonmaak, parkeervergoedingen voor medewerkers en andere uitgaven.

Het behouden of afstoten van een locatie is een strategisch besluit dat nog vele jaren invloed zal hebben op de activiteiten van de onderneming. Het zijn niet alleen kosten die hier bepalend in zijn.

Hoe goed wordt het vastgoed gebruikt? Hoe praktisch is de locatie voor de medewerkers? Biedt de locatie de juiste hoeveelheid en het juiste type ruimtes en zijn ze groot genoeg voor het doel waarvoor ze worden gebruikt? Het antwoord op deze belangrijke vragen is niet te vinden in de lease-overeenkomst. Daarvoor is data uit een ruimtebeheersysteem nodig, met eventuele add-ons zoals een oplossing voor digitale bewegwijzering.

Veiligheid en gezondheid, hybride werkmodellen en ruimtebeheer

De prioriteiten in ruimteplanning zijn verschoven van het optimaal bezetten van vierkante meters naar het waarborgen van de veiligheid en gezondheid van medewerkers. Bedrijven hebben daarom complexere inzichten nodig om ervoor te zorgen dat werkplekken in overeenstemming zijn met het beleid en de regelgeving. We weten nog niet of de maatregelen voor social distancing op langere termijn zullen voortduren, maar ze zijn nog steeds de realiteit van vandaag. Verbeterde schoonmaakschema’s, de beschikbaarheid van handreinigers, desinfecterende doekjes en soortgelijke voorzieningen zullen waarschijnlijk ook op de middellange termijn blijven bestaan. Bewaking van de feitelijke bezetting is ook een prioriteit geworden, zodat organisaties potentieel risicovolle activiteiten bijtijds kunnen aanpakken.

De trend van hybride werken leidt vermoedelijk ook tot een voortdurende behoefte aan oplossingen voor werkplekbezetting, zoals handige reserveringssystemen. Medewerkers die maar één of twee keer per week op kantoor komen, hebben mogelijk niet de hele dag een bureau nodig. Ze moeten echter wel zeker weten dat er een bureau beschikbaar is wanneer ze op kantoor komen. Ze willen nog steeds een werkruimte die geschikt is voor hun taken, de interactie met collega’s, de juiste mate van privacy, enzovoort. Afhankelijk van de organisatie en de locatie kan er bijvoorbeeld een uitgebreide schoonmaak worden gepland voordat de gereserveerde ruimte wordt gebruikt.

De aanpassing van de werkplek aan nieuwe vormen van bezetting kan leiden tot een herindeling van het meubilair, tot de inrichting van nieuwe plekken voor samenwerking (of afzondering) en tot de verplaatsing van de bureaus en bezittingen van medewerkers. Het beheer van arbeidsmiddelen buiten de locatie, bij de medewerkers thuis, brengt ook andere uitdagingen met zich mee dan het beheer op locatie.

 

Eén uniek systeem speciaal voor de werkplek

Het is waar dat elk van deze aspecten kan worden afgehandeld met specifieke systemen en dat business intelligence en data lakes (gebruikt om grote hoeveelheden data op te slaan) kunnen worden ingezet om alle relevante informatie samen te voegen voor wereldwijde rapportages. Maar één uniek systeem dat specifiek is bedoeld voor werkplekbeheer (een IWMS), biedt meer voordelen. Denk aan het elimineren van dubbele of inconsistente data, het waarborgen van nauwkeurige informatie voor de gehele organisatie en het maken van vergelijkingen tussen gelijkwaardige data. Dit is op zich geen nieuw voordeel. In feite is het een kernwaarde in de propositie van een IWMS sinds het ontstaan van deze systemen. Maar de behoefte aan één bron van waarheid is waarschijnlijk nooit groter geweest dan in deze tijd.

Planon

Planon is de wereldwijd toonaangevende leverancier van software voor vastgoedbeheer en facility management die digitalisering van gebouwen en diensten mogelijk maakt door de grote diversiteit aan slimme gebouwtechnologieën, bedrijfsoplossingen en data te integreren in één bron van waarheid en te transformeren naar toegevoegde waarde voor gebouweigenaren, gebouwgebruikers en service providers. Onafhankelijke marktonderzoek- en adviesbureaus beoordelen Planon al jaren achtereen als een wereldwijde leider in de IWMS-markt. Planon heeft zijn uitgebreide softwareoplossingen geïmplementeerd bij meer dan 2.500 klanten, ondersteund door kantoren en partners over de hele wereld.

Energie besparen met kunstmatige intelligentie

Volledig automatisch energie besparen. Dat is met AIMZ heel gewoon. AIMZ verzamelt en analyseert gebouwdata en omgevingsinformatie en realiseert hiermee een besparing van 20 tot 30 procent op energiekosten en een flinke stap richting een CO 2 -neutraal gebouw.

De opdracht is helder. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat utiliteitsgebouwen in 2030 een halvering in CO2-uitstoot ten opzichte van 1990 moeten realiseren. Er worden verschillende maatregelen getroffen, maar het is niet genoeg om dit doel te halen. Nederland staat dus voor een enorme uitdaging. Met AIMZ kunnen vastgoedeigenaren dit gat dichten. We praten erover met Margriet de Jong en Piet Jan Bloem. Piet Jan: ‘Met AIMZ bespaar je direct energie. Met de kunstmatige intelligentie in AIMZ maken we regeltechniek zelflerend. AIMZ houdt rekening met de gebouwkenmerken en anticipeert op het weer. Is er zon op komst of wordt er regen verwacht? Informatie die van invloed is op de benodigde activiteit van de installaties. En AIMZ kan meer dan energie besparen. Het verstrekt ook inzicht over verduurzamingsmogelijkheden.’

Figuur 1.
Energiebesparen en gebouwinformatie opslaan voor verdere verduurzaming. Door de
energiebesparingsstap verdient dit zich in de praktijk in 2,5 jaar terug. 5 jaar gegarandeerd.

Figuur 2.
AIMZ kan direct worden aangesloten op bestaande gebouwbeheersystemen in panden en
stuurt de installatie volledig digitaal en effi cient bij zonder tussenkomst van mensen.

Over AIMZ

AIMZ is een spin-off van IQ support, een internationaal gerenommeerde hightech hub voor energie. Hiermee kan AIMZ steunen op de enorme ervaring met het efficiënter maken van complexe energieprojecten in datacenters. ‘IQ support is tien jaar geleden gestart met het efficiënter inrichten van datacenters,’ vertelt Margriet. ‘Vijf jaar geleden is een deel van het team zich gaan richten op de gebouwde omgeving. De kennis en ervaring van IQ support is samengebracht in AIMZ, een product dat kunstmatige intelligentie aan bestaande regeltechniek toevoegt. Daarmee kunnen gebouwen zelflerend worden en energie besparen. Op dit moment is AIMZ rendabel toepasbaar in gebouwen met een jaarlijkse energienota vanaf €50.000, maar we zijn volop aan het doorontwikkelen om dit product ook aan kleinere gebouweigenaren aan te kunnen bieden.’ ‘De eerste pilot van AIMZ draaiden we in Groningen, een stad met de ambitie om in 2035 volledig CO2-neutraal te zijn. Uit verschillende onderzoeken bleek dat de huidige lijst met maatregelen -denk aan het plaatsen van zonnepanelen, isoleren en het verduurzamen van installaties- niet voldoende is. Door kunstmatige intelligente aan het bestaande gebouw van de Milieudienst Groningen -met 6.000 m2 werkplaatsen en stallingen en 4.000 m2 kantoorruimte- toe te voegen, hebben we een enorme energiebesparing weten te realiseren. Op de bestaande installaties ja. Er is geen enkele sensor aan het systeem toegevoegd.’

Op afstand

‘AIMZ is een stuk hardware dat je aan je gebouwbeheersysteem koppelt,’ vult Piet Jan aan. ‘Met de informatie uit de klimaatinstallatie leert AIMZ hoe snel het gebouw verwarmt en koelt. Door deze data te verrijken met informatie van buiten het gebouw bouwen we intelligentie in en kan AIMZ voorspellingen doen. Wanneer er zonnig weer wordt verwacht, worden er dus andere maatregelen genomen dan op een regenachtige dag met veel wind.’ Na de installatie van AIMZ doet het bedrijf niets meer in het gebouw zelf. Aansturing gebeurt op afstand. Met deze aansturing ontlast het bedrijf de vastgoedbeheerder die normaliter regelmatig controleert of de installaties op een efficiënte manier hun werk doen. ‘Met AIMZ krijgt de beheerder ruimte voor andere werkzaamheden. De basis van facilitymanagement is het voorkomen van klachten. Met AIMZ is de beheerder wat betreft het comfort in een gebouw zeker van zijn zaak.’

Leren van andere gebouwen

‘De informatie die AIMZ verzamelt, is voor een mens niet te behappen. Kunstmatige intelligentie daarentegen, is ongelimiteerd schaalbaar. Volgens Wico Mulder -van het Kennis Netwerk Datascience in Groningen- is AI niets anders dan een digitale collega die al die informatie dus wél kan verwerken. AI heeft niet de behoefte dingen te snappen, maar legt simpelweg verbanden uit alle voorhanden zijnde data. Ieder pand heeft een bepaald patroon. Het warmt met een bepaalde snelheid op en koelt met een bepaalde snelheid af en het heeft bovendien een specifieke relatie met zon, wind, bewolking en temperatuur. AIMZ koppelt deze informatie aan andere gebouwen met -gedeeltelijk- dezelfde parameters. Vergelijk het met het zoeken in een telefoonboek. Het zoeken van meneer De Boer op nationaal niveau, is zoeken naar een speld in een hooiberg. Met het kleiner maken van het zoekgebied, maak je de opdracht gemakkelijker. AIMZ werkt met een dergelijke zoekstructuur. AIMZ ziet de ligging van het pand, kent het bouwjaar en de hiermee gepaard gaande bouwkenmerken enzovoort.’

Figuur 3.
Ook proactieve weerregelingen zullen nooit ver komen omdat ze worden geprogrammeerd.
AIMZ creëert haar eigen voorwaarden en is niet beperkt door menselijke inzichten

Figuur 4.
Schematisch is elk gebouw identiek. AIMZ kan, onafhankelijk van de complexiteit, de
verbanden leggen voor het optimum omdat zij niet afhankelijk is van voorwaarden.

Wanneer we heel Nederland met AI zouden verduurzamen, kunnen alle panden van elkaar leren en besparen we meer energie dan we met zon en wind tot nu toe kunnen opwekken in Nederland. Compleet onafhankelijk van het type installatie. Voor AIMZ is het gewoon informatie, of het nu van ketel, een warmtepomp of een WKO afkomstig is. TNO heeft recent een stuk over de flexibilisering van de gebouwde omgeving uitgebracht. Om flexibilisering mogelijk te maken zou een add-on op bestaande gebouwen en diensten beter zijn. Business-cases worden hierdoor eenvoudiger, overzichtelijker, stapelbaar en dus haalbaarder. Bijvoorbeeld het flexibel afnemen van elektriciteit van het energienet kan middels een add-on dienst worden gerealiseerd. En dat is precies wat wij doen. AIMZ is de brug die het mogelijk maakt databronnen aan elkaar te koppelen zodat we verder kunnen komen in de energietransitie.’ ‘AIMZ staat voor: alles kan, niets hoeft. Hoe meer data je beschikbaar hebt, hoe beter is het. Maar met eenvoudige data komen we al heel ver. We besparen gegarandeerd 10% energie en meestal het dubbele. Zonder dus afhankelijk te zijn van allerlei slimme sensoren.’

Uit het onderzoek van TNO blijkt tevens dat samenwerking onmisbaar is. Ook in datauitwisseling. Door samen te werken, komen we sneller tot een mogelijke standaardisatie. Dit aspect speelt ook volop in de Nederlandse AI Coalitie waarin we sinds kort deelnemen. Dit publiekprivate samenwerkingsverband is een gezamenlijk initiatief van overheid, bedrijfsleven, onderwijsen onderzoeksinstellingen en maatschappelijke organisaties. Partijen die zich inzetten om AIontwikkelingen in Nederland te versnellen en AIinitiatieven in Nederland met elkaar te verbinden. De toekomst van AI begint nu!’

De toekomst. Wat levert AIMZ op?

Energie besparen

Door AI toe te voegen aan bestaande regeltechniek bespaart u energie. Dat doen we simpelweg door een softwarematige koppeling, die leert van het verleden en anticipeert op de toekomst.

Constateren en vaststellen

Data is informatie. AIMZ verzamelt data uit uw gebouw. Hierdoor komt dus veel informatie beschikbaar. Hiermee kan gevalideerd worden of menselijke interpretaties over uw gebouwen juist zijn.

Trefzeker verduurzamen

AIMZ simuleert welke combinatie van maatregelen de juiste is voor uw gebouwen. Hierdoor kunt u efficiënt verduurzamen. En wordt uw roadmap investeringen tot 2030 gevalideerd vastgesteld. Bijvoorbeeld: is het zinvol het dak verder te isoleren?

Verbreden

Van planmatig onderhoud naar onderhoud op maat. Daar is up-to-date data voor nodig. Uw gebouw heeft die data al in zich. Dat kan AI efficiënt naar voren brengen. Daarmee bespaart u onnodige onderhoudskosten.

Strategie bepalen

Transitie doe je samen. Met AIMZ richt je je niet alleen op jouw gebouw. Maar sluit je ook aan op andere gebouwen. Door van elkaar te leren kun je goede keuzes die je nu maken, die aansluiten bij de toekomst.

 

 

 

BIM is de kapstok voor nieuw en bestaand vastgoed

Corporaties hebben een scala aan gegevens van hun vastgoed. Technische gegevens, maar ook data over afmetingen, over gebruikte materialen en over de aanwezige installaties. Allemaal noodzakelijk voor het ontwikkelen en efficiënt beheren van dit vastgoed en verbeteren van dienstverlening naar huurders. Door deze gegevens te digitaliseren, wordt het makkelijker om je dienstverlening naar onderhoudspartijen en huurders te verbeteren. We praten erover met Wouter Kolbeek, business consultant op de afdeling Digitale Innovatie en Transformatie van Woonstad Rotterdam en lid van de Aedes-kerngroep BIM & vastgoeddata en Robert Versteeg, Adviseur digitalisering en informatiemanagement bij Aedes, vereniging van woningcorporaties.

‘Woonstad Rotterdam kiest bewust voor het digitaliseren van haar vastgoed. Uiteindelijk willen wij van elk complex een digital twin hebben,’ vangt Wouter aan. ‘Corporaties werken vaak ieder voor zich aan dezelfde opgaven. Om te voorkomen dat we allemaal het wiel opnieuw proberen uit te vinden, werken we met een aantal koplopers samen in de Aedes BIM en vastgoeddata-kerngroep. Deze groep heeft onder meer een standaard voor de sector ontwikkeld: de Aedes Informatie Leverings Specificatie, kort Aedes ILS. Met deze standaard geven we aan hoe je bouwelementen als objecten in BIM benoemt, welke informatie je erover wilt hebben en waar je deze in een BIM-modelopslaat. Het helpt corporaties om de informatiebehoeften voor vastgoedbeheer gestructureerd uit te vragen bij onderhoudspartijen.’

Vastgoeddata op orde

‘We houden ons kerngroep primair bezig met hoe we vastgoeddata op orde krijgen. Naast de toegevoegde waarde voor onderhoud en beheer, heeft dit ook te maken met de verantwoording die we vanuit de Woningwet moeten afl eggen. De wet geeft een impuls aan digitalisering van vastgoeddata.’ Robert vult aan: ‘De uitdagingen voor corporaties worden steeds complexer. Neem de steeds actueler wordende verduurzamingsopgave. Het is de bedoeling dat we voor 2050 CO2-neutraal zijn. Dat betekent dat de driehonderd corporaties die de 2,4 miljoen sociale huurwoningen in Nederland bezitten, goed overzicht moeten hebben van hoe die woningen eruit zien. Wat voor wanden zitten erin? Wat voor daken liggen erop? BIM is hier de perfecte methode om gebouwinformatie goed en coherent vast te leggen. En kan je eerdere schouwingen in de woning vergelijken met elkaar om mogelijke verkeerde inschattingen vooraf te managen. Met BIM kunnen we écht stappen maken in het verduurzamen van vastgoed.’

Klein beginnen

‘Wanneer je vastgoedinformatie op orde hebt, kun je gerichter omgaan met het begroten en de opdrachtverstrekking voor onderhoud en beheer. Het biedt inzicht en ondersteunt besluitvorming op alle niveaus. Wanneer je schilderwerk wilt uitbesteden, heb je informatie nodig over de hoeveelheid strekkende meters. Door zaken goed in BIM vast te leggen, kun je zelfs uit het model halen hoeveel stellages daarvoor nodig zijn. We zien BIM vaak als een 3D-model, maar het is vooral een plek waar je vastgoeddata op een gestructureerde en consistente manier vastlegt. En dan is het voor kleinere eigenaren met een minder grote beurs ook interessant. Met deze informatieobjecten van het vastgoed kun je gericht begroten en vervolgens op basis van die informatie uitvragen in de sector doen. Verder zijn er ook steeds meer ILS’en in de bouwsector die in de sector gedeeld worden. Goed om te weten: omdat steeds meer systemen een open data-filosofi e hebben, wordt het uitwisselen van informatie steeds gemakkelijker. Dat betekent ook dat de kosten voor het ontsluiten van informatie lager worden. Nog even en het is gemeengoed.’ Partijen die serieus met BIM aan de slag willen, kunnen contact opnemen met de Aedes-kerngroep. Zij delen graag kennis en ervaring. Ook als je klein wilt beginnen.

Ook een handige kapstok in bestaande bouw

Wouter: ‘Spik en span informatie over het bezit is lang niet altijd beschikbaar. Juist in bestaande bouw kan BIM als kapstok dienen om al deze informatie aan op te hangen. Een BIM-model biedt een mooie structuur om data in vast te leggen. Vaak gebeurt dit pas als een beheerder vanuit het MJOP of schouwing op locatie tegen benodigd schilderwerk oploopt. Op zo’n moment moeten de kozijnen van het vastgoed worden ingemeten zodat je een goede uitvraag kunt doen. Leg je deze data in een BIM-model vast, dan kun je de informatie direct opvragen en delen met onderhoudspartners.’

Zit alles op een logische plek? Dat kun je met BIM gewoon zien.

Robert: ‘Het mooie van BIM is dat je het model kunt visualiseren. Door een gebouw in 3D weer te geven, zie je of bijvoorbeeld kozijnen wel op een logische plek zijn ingetekend. Hiermee borgen we wooncomfort én reduceren we faalkosten. Wat nog wel een dilemma in de sector is, is het tussentijds toevoegen van informatie aan het model. Het gebeurt regelmatig dat er tussen het ontwerp en as built al verschillen in het model zitten. We willen één miljoen huizen gaan bouwen, dus zelfs als er maar een klein percentage niet klopt met het gerealiseerde gebouw is dat al veel. Zorg dus dat het BIM-model op basis van as built wordt opgeleverd en niet op basis van het definitief ontwerp. Hier ligt een schone taak voor alle ketenpartners. Bespreek dit met elkaar. Welke informatie heb je nodig in de beheerfase die je in de ontwerpfase alvast kan toevoegen. En welke informatie-objecten een prioriteit zijn om vast te leggen voor het vastgoedbeheer. Zo zorg je ervoor dat BIM-modellen ook relevant zijn in de beheerfase.’

Heeft BIM invloed op het werk van beheerders?

‘Absoluut,’ vertelt Wouter. ‘Zodra je je vastgoeddata met BIM goed op orde hebt, zijn beheerders veel minder tijd kwijt aan administratief en uitzoekwerk. Het werk verschuift naar zaken die écht toegevoegde waarde bieden.’ ‘Dat geldt ook voor het verduurzamingsvraagstuk,’ aldus Robert. ‘Met BIM-modellen kun je gemakkelijker analyseren wat het meest kosteneffectief is. Je kunt veel gerichter aan de slag. Of schouwen op locatie relevant blijft? Dat is wel zeker! Het wordt alleen anders ingezet. Voor BIM ging er veel tijd verloren aan het vullen van systemen, nu kunnen we een deel automatiseren en de kennis en kunde van beheerders veel specifieker inzetten voor complexere vraagstukken.’ ‘Het is overigens wel zaak om in bepaalde medewerkersfuncties te investeren. De digitale transformatie vraagt iets van je medewerkers. Daarnaast is het aantrekken van een dataspecialist in een bepaald stadium wel gewenst. Het omgaan met grote hoeveelheden data en het toepassen van algoritmes is niet iets wat iedereen onder de duim heeft,’ besluit Wouter. ‘Gelukkig zijn er veel partijen aan wie je deze kennis laagdrempelig kunt uitbesteden.’

 

Smart building as-a-service: een nieuwe ontwikkeling.

Wat gebeurt er als je een leverancier van vastgoedsoftware koppelt aan een doorgewinterde dienstverlener? Dan ontstaat er een propositie die uitermate geschikt is voor partijen die wél graag willen verslimmen, een smart building. Maar vele hebben geen trek in de vaak enorme initiële kosten. Dit niet alleen op nieuwe gebouwen, maar name bij bestaande vastgoedportefeuilles die onder druk van nieuwe regelgeving in de komende jaren moeten verduurzamen. We praten erover met Robert Rosier, CEO TPEX International en Pierre Guelen, CEO van Planon.

Kijk verder dan de eigen silo

‘TPEX is een Building Operations Control Center (Gebouwen Meldkamer) waaruit slimme gebouwen worden gemonitord en beheerst. En alle processen worden op basis van data gecoördineerd. Vanaf 1 juni jl. verzorgen we deze coördinatie uitsluitend met behulp van de software van Planon,’ vangt Robert Rosier aan. ‘De grote uitdaging van dit moment is dat we als markt niet langer alleen naar onze eigen silo’s kijken, maar ook naar die van een ander. Voorheen bemoeide de w-installateur zich alleen met de klimaatregeling, dat kan gewoon niet meer. Als je partijen zonder samenspraak laat werken, wordt een gebouw nooit echt slim. En laat dat nu precies de rol zijn die wij vervullen. Wij kijken als Operator vanuit de controlekamer naar het proces. Wat moet erin en wat moet eruit om de beste resultaten te halen? Doen de pompen het goed? Niet? Wie halen we er bij en -heel belangrijk- wanneer? Natuurlijk, de coördinatie van één gebouw lukt ook nog wel vanuit een Excelsheet, maar wat als je honderden gebouwen moet beheren? Dan moet je kunnen rekenen op vaste datasets en gestandaardiseerde processen. Zonder professionele omgeving met getrainde Operators red je het gewoon niet.’

The perfect storm

Pierre vult aan: ‘Op dit moment zitten we in een soort perfect storm. Er gebeuren drie dingen tegelijkertijd: we hebben te maken met een enorme uitdaging op het gebied van duurzaamheid. Daarnaast kunnen we gewoon niet meer om data heen. Of je het nu leuk vindt of niet, veel zaken zijn al of worden datagedreven. En tot slot hebben we te maken met de gevolgen van de COVID-19- pandemie voor gebouwgebruik. Van kantoren staat

de helft leeg en dus willen veel beheerders terug naar minder vloeroppervlak. Maar welke ruimte heb je dan wél nodig en wanneer precies? Het is dus zaak om vraag en aanbod te gaan matchen. Van het aantal werkplekken tot de broodjes in de kantine en de schoonmaak. We kunnen deze dingen gewoon bij elkaar brengen, iets wat de automobielindustrie -waar geen auto meer op voorraad wordt gemaakt al láng doet. Die leegstaande kantoren waar de airco’s onverminderd stonden te loeien, hebben gelukkig veel ogen geopend.’

Als je partijen zonder samenspraak laat werken, wordt een gebouw nooit echt slim

Stofjas versus data

TPEX heeft zelf geen mensen in het veld rondlopen. Bewust niet, want volgens Robert is bij slimme gebouwen de regierol een zeer belangrijke toevoeging in combinatie met de fysieke aanwezigheid van de onderhoudspartijen.

‘Het gebeurt regelmatig dat onderhoudspartijen niet beschikbaar zijn of bezig zijn met meer gespecialiseerd installatie- of onderhoudswerk. Installatiepartijen zijn meer gericht op installatiewerk en hebben doorgaans geen 24/7 beheerorganisatie met uitgebreide analyse mogelijkheden. Monteurs komen taakgericht langs en hebben generieke kennis over de systemen. Omdat wij het gebouw door-en-door kennen, kunnen wij de onderhoudspartijen beter aansturen door validatie en goede probleemanalyse te doen en ook complexe problemen te bekijken vanuit een holistische blik (over alle kennisgebieden heen). Een slim gebouw is een complex regelsysteem, waarbij vaak 30-40 onderhoudspartijen een rol in spelen. Vroeger kwam er elke maand iemand naar de lift kijken, nu geeft de lift zelf het signaal dat er een check nodig is of een onderdeel moet worden vervangen. Data-driven-real-estate noemen we dat. Niet alleen nieuwe gebouwen worden steeds slimmer, ook bestaande gebouwen zijn in hoog tempo onder druk van nieuwe regelgeving aan het verslimmen. De man in de stofjas heeft plaatsgemaakt voor data.’

SBaaS

Een bestaand gebouw slim maken, loopt doorgaans flink in de papieren. Daarom heeft TPEX in samenwerking met Planon SBaaS ontwikkeld: SBaas staat voor smart building as-a-service. Robert: ‘Het verslimmen van een gebouw is niet goedkoop. Wij nemen de kosten voor onze rekening en zorgen ervoor dat de gebouweigenaar tegen een maandelijks bedrag profiteert van de intelligentie van het gebouw en dragen zorg voor het behalen van de gewenste prestatie tegen de laagst mogelijke kosten.’

‘Eén nieuw gebouw slim maken, is makkelijk,’ aldus Pierre. ‘Maar wat als je een grote organisatie bent en tientallen of honderden gebouwen op intelligente wijze wil besturen en niet de beschikking hebt over vele miljoenen? Dan is dit dé oplossing. Deze vastgoedportfolio’s moeten daarnaast ook voldoen aan steeds strenger wordende duurzaamheidsprincipes waarover verantwoording moet worden afgelegd. Door voor SBaaS te kiezen, kom je niet voor enorme investeringskosten te staan en kun je toch profiteren van de Internet of Things revolutie en mogelijkheden.

Vaste samenwerkingspartners

Robert: ‘We hebben ervoor gekozen om de gehele SBaaS propositie met Planon in te richten. Dit betreft het gehele asset register, de conditie metingen, correctief en preventief maintenance maar ook field services voor de onderhoudspartijen en handyman. Door altijd met hetzelfde pakket te werken, hoeven we niet langer per gebouw processen in te richten. Nee, er wordt gewoon een gebouw toegevoegd in onze 24/7 operatie. Wil jij jouw gebouw door ons laten beheren? Dan nemen wij onze omgeving dus gewoon mee en omarmen wij het gebouw met onze operatie, tooling, dashboarding, sensoring, metering en rapportage. Deze omgeving is zo geavanceerd en compleet, die zou je niet voor één enkel gebouw zo inrichten, maar bij ons wordt je onderdeel van de Enterprise. Wij kunnen gebouwen dus goedkoper en beter beheren door inzet van geavanceerde tooling en onze operatie’

Pierre: ‘Planon is getransformeerd naar een open platform, wat betekent dat we onder andere samenwerken met technologiepartners om een zo groot mogelijk partner-ecosysteem te ontwikkelen. Op die manier kunnen we onze klanten echt toegevoegde waarde bieden. De samenwerking met TPEX reikt dan ook verder dan alleen Planon en TPEX. We werken ook samen met Schneider Electric. Wist je dat een derde van alle gebouwen wereldwijd is uitgerust met elektronica van Schneider Electric? En al die devices produceren ongelooflijk veel data. Door zoveel mogelijk te automatiseren, kan TPEX enorm besparen op onderhoudskosten. Onder meer omdat ze onderhoud op de juiste manier én op het juiste moment laten uitvoeren. De samenwerking stelt ons in staat data op te halen, te vertalen en zo in te zetten dat devices en installaties optimaal kunnen presteren.’

Planon

Planon is de wereldwijd toonaangevende leverancier van software voor vastgoedbeheer en facility management die digitalisering van gebouwen en diensten mogelijk maakt door de grote diversiteit aan slimme gebouwtechnologieën, bedrijfsoplossingen en data te integreren in één bron van waarheid en te transformeren naar toegevoegde waarde voor gebouweigenaren, gebouwgebruikers en service providers. Een echte expert op het gebied van smart building. Onafhankelijke marktonderzoek- en adviesbureaus beoordelen Planon al jaren achtereen als een wereldwijde leider in de IWMS-markt. Planon heeft zijn uitgebreide softwareoplossingen geïmplementeerd bij meer dan 2.500 klanten, ondersteund door kantoren en partners over de hele wereld.

TPEX International

TPEX beschouwt gebouwen, kantoren en woningen als bedrijfsplatforms waar bedrijven, groepen en individuen te allen tijde veilig, comfortabel en duurzaam moeten kunnen werken, wonen, communiceren en samenwerken. De dienstverlening van TPEX richt zich op het monitoren en beheren van deze gebouwen. Dat doet het Amsterdamse bedrijf op basis van beschikbare data uit alle aanwezige (regel)systemen. De verzamelde data komt samen in de digital twin van het gebouw en wordt vanuit de meldkamer 24/7 gemonitord en afgezet tegen de gewenste prestaties. TPEX stuurt 24/7 de leveranciers en onderhoudspartijen aan en draagt zorg voor gebouwen met de beste prestaties tegen de laagste kosten.

 

Wil je meer lezen over smart building? Wij hebben hier voor je een interessant artikel dat gaat over van wie eigenaar is van alle data dat komt kijken bij een smart building.

 

 

 

 

 

Metafoor: In de afgelopen jaren is duurzaamheid steeds hoger op de gemeentelijke agenda komen te staan

vastgoed gemeente verduurzamen

‘In de afgelopen jaren is duurzaamheid steeds hoger op de gemeentelijke agenda komen te staan. Vanwege de opgelegde maatregelen vanuit het klimaatakkoord, maar ook omdat gemeenten beseffen dat ze een voorbeeld- en aanjaagfunctie vervullen.’ We spreken Rien van der Maarel, senior vastgoedadviseur van Metafoor.

Metafoor Vastgoed en Software is een landelijk advies- en detacheringsbureau met een handson-mentaliteit op het gebied van vastgoed en grondzaken. Metafoor ondersteunt gemeenten, waterschappen en provincies met slimme software, adviezen en detachering. Metafoor is gevestigd in Dronten, met adviseurs vanuit heel Nederland. ‘Je ziet de laatste jaren steeds meer gemeenten en waterschappen die stappen willen zetten in het professioneel beheren van hun vastgoed. Welk vastgoed hebben we in ons bezit? Welke waarden heeft dit vastgoed? Brengen we de juiste huur in rekening? Wat behoort tot de kernportefeuille? Wat is het rendement op financieel en maatschappelijk gebied? Met onze (duurzame)vastgoedladder -een tool die in één oogopslag de route naar professioneel vastgoedbeheer weergeeft -geven we inzicht.’

 

40 miljoen m2 verduurzamen

Met circa 40 miljoen m2 maatschappelijk vastgoed kunnen gemeenten een grote bijdrage leveren aan de verduurzaming van het Nederlandse vastgoed, maar ligt er tegelijkertijd een enorme opgave. Veel gemeenten werken dan ook hard aan het professionaliseren van de vastgoedorganisatie. Deze professionaliseringslag biedt grote kansen voor het structureel toepassen van duurzaamheidsmaatregelen op dit gemeentelijk vastgoed en visa versa. Hierbij wordt zowel op nieuwbouw (vervanging) als op renovatie van bestaand vastgoed ingezet. Ook kan een perspectief worden bepaald om panden af te stoten. ‘Een flinke opgave,’ vervolgt Rien. ‘Met de Duurzame Vastgoedladder biedt Metafoor een helder stappenplan om de duurzaamheidsambities van gemeenten waar te maken.’

Nog dertig jaar voor CO2 -neutraal

‘De tijd van achterover leunen is voorbij,’ vult duurzaamheidsadviseur Armand Janisse zijn collega aan. ‘Nu de Sectorale Routekaart Gemeentelijk Maatschappelijk Vastgoed is vastgesteld, een aanpak voor gemeenten om in dertig jaar hun vastgoed te verduurzamen, zijn de afspraken voor gemeenten helder in kaart gebracht. De focus van de routekaart ligt op het terugdringen van het gebouwgebonden energiegebruik. Dit is alle energie die nodig is voor het verwarmen, koelen, ventileren en verlichten van een gebouw. In 2050 dient Nederland namelijk een -bijnaCO2-neutrale samenleving te zijn. En er zijn meer verplichtingen en ambities om rekening mee te houden. Voorbeelden hiervan zijn de transitievisie warmte, klimaatadaptie en circulariteit. Er is dus werk aan de winkel.’

In de afgelopen jaren is duurzaamheid steeds hoger op de gemeentelijke agenda komen te staan. Vanwege de opgelegde maatregelen vanuit het klimaatakkoord, maar ook omdat gemeenten beseffen dat ze een voorbeeld- en aanjaagfunctie vervullen.

 

Planning én uitvoering

Metafoor helpt gemeenten deze eigen routekaart vast te stellen. Dit plan van aanpak begint bij het in kaart brengen van het vastgoed, beleid, ambities, visies etc. Daarnaast geeft het zicht op hoe de gewenste CO2-emmissiereductie gerealiseerd kan worden en geeft een nul-status van het vastgoed. Zoals Metafoor het noemt: de basis op orde. Dat betekent enerzijds renoveren/aanpassen en anderzijds vernieuwen ofwel vervangen. Ook kunnen er functies gekoppeld of juist afgestoten worden. ‘Er zijn gebouwen die je vanwege de cultuurhistorische waarde niet wilt slopen, maar er is ook vastgoed dat ongekend hoge investeringen vraagt voor verduurzaming waarmee op termijn slopen en nieuwbouwen een betere optie is.’ Een en ander ligt ook aan de ambitie van de gemeente zelf. Er zijn gemeenten die ambitieuzer zijn dan de wet- en regelgeving, deze gemeenten gaan bijvoorbeeld voor CO2-neutraal vastgoed in 2035 in plaats van in 2050.

En ook het inzetten van hernieuwbare energie in combinatie met de warmtevisie is een belangrijke factor. Naast het opstellen van de routekaart helpt Metafoor ook bij de realisatie van de plannen. ‘De routekaart raakt veel afdelingen in de organisatie, dat betekent dat er veel integrale samenwerking vereist is. Daarom gaan we in gesprek met alle stakeholders. Naast de betreffende vastgoedambtenaar creëren we zo ook draagvlak bij onder meer het bestuur, de beleidsmakers en bij de gebruikers. Veel gemeenten hebben de expertise of de capaciteit -of beide- voor dit soort werkzaamheden niet in huis. Indien nodig dan komen wij het vastgoedteam gedurende een bepaalde tijd versterken. Normaal gesproken op kantoor, door Corona nu vanuit huis.’

Metafoor heeft een whitepaper opgesteld die stapsgewijs laat zien hoe zij te werk gaat bij het opstellen van een eigen gemeentelijke routekaart verduurzamen vastgoed. Stuur een mail naar info@metafoorvastgoed.nl voor toegang tot de whitepaper of kijk op onze website voor meer informatie.

Gestructureerd verduurzamen: met Condor een fluitje van een cent

Condor biedt een integrale werkomgeving waarin vastgoedbeheerders en verantwoordelijken voor beheer en onderhoud kunnen samenwerken. Zo kan een MJOP eenvoudig worden opgesteld en kan de uitvoerder realtime meldingen ontvangen en de onderhoudsstatus wijzigen. Dit heeft als voordeel dat Condor-gebruikers altijd inzicht hebben in de conditie van hun vastgoed en het beheren van contracten met leveranciers en onderhoudspartijen vereenvoudigd wordt. Bovendien is er continu zicht op de mate waarin men voldoet aan wet- en regelgeving en geeft Condor een realistisch beeld van de voortgang en status van verduurzaming van vastgoed. We gingen in gesprek met Maarten Vlasveld, Commercieel Manager bij Condor.

Welke invalshoek je ook kiest: inzicht, planning en verantwoording zijn onmisbaar in het gestructureerd laten verlopen van een verduurzamingstraject. En laat dat nou precies zijn waar Condor meerwaarde biedt

‘Het thema duurzaamheid gaat in de vastgoedwereld dagelijks over de tong en er zijn talloze invalshoeken. Ik noem de Erkende Maatregelenlijsten Energiebesparing, maar ook de ambities in het realiseren van gasloze gebouwen, circulariteit en CO2-neutraliteit. Welke invalshoek je ook kiest: inzicht, planning en verantwoording zijn onmisbaar in het gestructureerd laten verlopen van een verduurzamingstraject. En laat dat nou precies zijn waar Condor meerwaarde biedt.’

Stap 1: inzicht

‘Inzicht is noodzakelijk om vast te kunnen stellen welk verbeterpotentieel aanwezig is, maar ook om in een later stadium te kunnen meten wat het resultaat van de maatregelen is. Start bij het inzichtelijk maken van wat er is. In Condor noemen we dit een gebouwenpaspoort. Welke materialen zijn toegepast en in welke omvang? Wordt er gas gebruikt in een gebouw en, zo ja, hoeveel? En wat is het energielabel van gebouwgebonden installaties? Functioneren ze optimaal? Wat is er bekend over de bezetting van het gebouw en terrein? De eerste belangrijke stap in het gestructureerd verduurzamen, is het creëren van inzicht in de impact van assets op de omgeving.’

Stap 2: plannen

‘Zodra je inzicht hebt in de prestatie van een asset, wordt het mogelijk om hierin trends te ontdekken. Denk aan het energieverbruik over een bepaalde periode, een vergelijk van het energieverbruik van soortgelijke gebouwen of het gebruik van bepaalde materialen. Dit inzicht is noodzakelijk om te kunnen bepalen welke maatregelen je moet nemen om
te voldoen aan wet- en regelgeving. Bijvoorbeeld aan de verplichting om te voldoen aan (minimaal) energielabel C per 1 januari 2023, of aan de ‘Erkende Maatregelenlijsten Energiebesparing’ waarin is vastgelegd dat organisaties die een terugverdienperiode van maximaal vijf jaar tegemoetzien, deze maatregelen moeten doorvoeren. Door kosten voor deze maatregelen langs dezelfde lat te leggen, wordt het in een later stadium mogelijk om de effecten inzichtelijk te maken en deze kosten te verantwoorden.’ Optimalisatie is mogelijk door de informatie te bundelen in een MJOP of een DMJOP. Voor installaties kan worden gekeken naar logische vervangmomenten, bijvoorbeeld bij het naderen van het einde van de levensduur.

Stap 3: verantwoorden en terugkoppelen

‘Met het verworven inzicht en de gerealiseerde maatregelen kun je de effecten van de maatregelen monitoren. Zo is het mogelijk verantwoording af te leggen over de effectiviteit van investeringen en aan te kunnen tonen in hoeverre de verduurzamingsdoelstellingen worden behaald. De laatste stap in het continu verbeteren, is het bijsturen van het beheer en onderhoud. Denk hierbij ook aan het herijken van doelstellingen. Direct van het gas af is voor negen van de tien beheerders geen optie, maar dat kan wel een relevante doelstelling zijn op de langere termijn.’

 

 

Condor

Software voor vastgoedbeheer

Condor is software voor integraal prestatiegericht vastgoedbeheer. Door het werken met Condor verbeteren onze klanten aantoonbaar hun vastgoedbeheer proces. Zij raken in control, besparen kosten en onderbouwen hun beleid moeiteloos met feitelijke, kwalitatief hoogwaardige informatie.

Optimale dienstverlening

Onze klanten waarderen onze dienstverlening met een 8.4 en het contact met ons met een 9! Dat vinden we heel belangrijk. Wij helpen onze klanten om de kwaliteit van hun vastgoedbeheer blijvend te verbeteren. Dat gaat verder dan de aanschaf van een goed software systeem. Daarom investeren we in prettige, langdurige relaties. We adviseren, bijvoorbeeld over het inrichten van stamgegevens, helpen met integratie, begeleiden de implementatie en geven trainingen. De lijnen zijn kort, dat betekent vaste gezichten, persoonlijke betrokkenheid en snel schakelen.

  • Betrokken adviseurs
  • Korte lijnen en snel schakelen
  • Advies, begeleiding en training op maat

Vastgoedbeheer in 1 software systeem

Door alle activiteiten met 1 systeem te managen, wordt integraliteit in uitvoering en beleid gewaarborgd. Op operationeel, tactisch en strategisch niveau. Voor preventief, planmatig en correctief onderhoud. Dat maakt Condor uniek. Vaak vervangt Condor een veelheid aan losse Excel bestanden en systemen. Op welk niveau u instapt maakt niet uit, Condor groeit moeiteloos mee met uw ambities.

  • Alle informatie op 1 plek toegankelijk
  • Alle processen, op alle niveaus, in 1 systeem
  • Eenvoudig uitbreiden: Condor groeit moeiteloos met u mee

Open cloud systeem

Condor biedt een integrale werkomgeving waarin alle partijen die betrokken zijn bij het beheer en onderhoud van vastgoed, kunnen werken. Condor heeft een gestandaardiseerde open interface (OData API) waardoor de koppeling met andere systemen en applicaties zoals dashboard tools, de BAG, het Kadaster of uw financiële systeem eenvoudig is. Informatie wordt opgeslagen in een beveiligde cloud omgeving. U bent en blijft eigenaar van alle data.

  • Met alle partijen samenwerken in de Cloud
  • U bent eigenaar van alle data
  • Eenvoudig te koppelen met andere systemen

Gebruiksvriendelijk en configureerbaar

Condor is flexibel en gebruiksvriendelijk. De vastgoedbeheer software is configureerbaar en hierdoor helemaal af te stemmen op uw wensen. Condor is altijd en vanaf elke locatie toegankelijk en biedt mogelijkheden voor offline mobiel werken. In- en externe partijen krijgen inzage in de specifiek benodigde gegevens en kunnen hiermee werken aan de eigen, toegewezen processtappen. Dat maakt samenwerken eenvoudig. Condor werkt op basis van configurabele workflows. Het systeem bewaakt de doorlooptijd van processtappen én van de invoerkwaliteit van data.

  • Prettige, intuïtieve werkomgeving in een browser
  • Velden, schermen en processen zijn configureerbaar
  • Bewaking van proces, doorlooptijd en invoerkwaliteit

Predictive twins oplossing voor uitdagingen in de bouw

De bouw- en infrasector wordt geconfronteerd met een aantal grote uitdagingen. Naast een grote vervangings- en renovatieopgave van bestaande civiele infrastructuur moet er circulair en energieneutraal gebouwd gaan worden. De huidige mate van digitalisering in de bouw schiet echter tekort om deze uitdagingen voldoende het hoofd te bieden. In de vandaag verschenen position paper ‘Naar netwerken van predictive twins van de gebouwde omgeving’, stelt TNO dat de sector daarom de stap naar voorspellende digitale replica’s van fysieke bouwwerken moet maken, de zogeheten “predictive twins”.  

Een predictive twin is een digitale replica van een (deel van een) fysiek bouwwerk, zoals bruggen, tunnels, woningen en kantoren. Deze staat in tegenstelling tot een BIM in verbinding met de fysieke twin. Hierdoor kan de predictive twin de fysieke twin volgen, beoordelen en tot slot, op basis van de informatie die wordt ontvangen, leren. Tijdens de levenscyclus van een bouwwerk kan de predictive twin o.a. worden ingezet om allerlei simulaties en voorspellingen te doen ten aanzien van het toekomstige gedrag en gebruik van de fysieke twin.

KOERS advertentie

PREDICTIVE TWINS VAN MEERWAARDE

Arjen Adriaanse, auteur van de TNO paper, benadrukt de meerwaarde van predictive twins ten opzichte van de meer conventionele digitale oplossingen:

“Wat TNO betreft is er een cruciale rol weggelegd voor de ‘predictive twins’. Doordat we tegenwoordig over steeds meer data over bouwwerken  beschikken kunnen we onze voorspellende modellen beter voeden met actuele data en meer lerend maken. Daarmee kun je het toekomstige gedrag en gebruik van bouwwerken en netwerken van bouwwerken beter voorspellen, simuleren en beïnvloeden. Deze stap naar predictive twins maakt wat ons betreft een proactieve besluitvorming over bouwwerken en netwerken van bouwwerken gebaseerd op data, voorspellende modellen en scenario-analyses mogelijk.”

HOE DRAGEN PREDICTIVE TWINS BIJ AAN HET OPLOSSEN VAN HUIDIGE UITDAGINGEN BOUW?

TNO ziet o.a. voor zich dat predictive twins  op de volgende manieren kunnen bijdragen aan de uitdagingen van de sector:

  • Bij de vervangings- en renovatieopgave voor de bestaande civiele infrastructuur kunnen predictive twins gebruikt worden om de verwachte technische levensduur van (netwerken van) civiele kunstwerken op een efficiënte en kosteneffectieve manier te voorspellen.
  • Bij de transitie naar een circulaire bouwsector kunnen predictive twins niet alleen fungeren als materialenpaspoort van bouwwerken, maar ook als belangrijk hulpmiddel om de technische levensduur en kwaliteit van bouwcomponenten te monitoren en te voorspellen.
  • Bij de energietransitie bestaande bouw zullen predictive twins worden ingezet om het energiegebruik op gebouw- en wijkniveau te voorspellen en te optimaliseren.

UITDAGINGEN IMPLEMENATIE PREDICTIVE TWINS

TNO onderzoekt op dit moment met verschillende partners de verdere toepassing van predictive twins. Rob Roef, medeauteur van de paper: “We doen op dit moment in verschillende domeinen ervaring op met de ontwikkeling en het gebruik van predictive twins. Op basis daarvan signaleren we verschillende uitdagingen. Om predictive twins in de praktijk bruikbaar te maken is het bijvoorbeeld van belang dat deze op een efficiënte wijze gecreëerd worden en tegelijkertijd voldoende betrouwbare voorspellingen leveren.

Het gevaar dreigt dat technologische oplossingen te kostbaar en uitgebreid zijn voor de behoeften in specifieke situaties. Het is van belang je steeds af te vragen welk type predictive twin een bouwwerk nodig heeft, ‘fit for purpose’ dus.  We zullen ons de komende jaren, samen met onze partners, blijven inzetten om de stap naar netwerken van predictive twins haalbaar en betaalbaar te maken.”

BRENG EXPERTS UIT VERSCHILLENDE KENNISDOMEINEN SAMEN

Roef en Adriaanse geven tevens aan dat het daarnaast noodzakelijk is om experts vanuit verschillende kennisdomeinen samen te brengen voor de ontwikkeling van predictive twins. Bovendien is het eenduidig vastleggen, structureren, delen en verbinden van informatie cruciaal, aangezien in een predictive twin gegevens vanuit verschillende informatiebronnen en partijen samenkomen.

Tot slot concludeert TNO dat het van essentieel belang is om samen met praktijkpartijen predictive twin-gebruiksscenario’s (en bijbehorende voordelen) uit te werken en te demonstreren in field labs. Adriaanse: “Alleen op deze manier kun je de komende jaren de ontwikkeling en implementatie van predictive twins versnellen.”

 

Dit zijn 8 belangrijkste Smart ‘ building ‘ voordelen!

Smart building voordelen

Investeerders, huurders en beheerders worden tegenwoordig geconfronteerd met een bijna overweldigend aantal opties om hun gebouw slimmer te maken. Wij hebben een overzicht gemaakt met de belangrijkste 8 voordelen van een ‘smart building’.

 

  1. Luchtkwaliteit in een Smart building

Aangezien de meesten van ons meer dan 90% van onze tijd binnen doorbrengen, is een goede luchtkwaliteit binnenshuis van fundamenteel belang voor onze gezondheid en productiviteit. Een onderzoek van Harvard wees uit dat “mensen die in goed geventileerde kantoren werken met hogere cognitieve functiescores hebben.”

Daarom zullen gebouwen in toenemende mate worden uitgerust met draadloze sensoren die de CO2-niveaus en schadelijke kleine deeltjes monitoren, waarschuwingen uitzenden en indien nodig de ventilatie aanpassen. En ze zullen niet alleen de binnenkant bewaken. In landen met sterke vervuiling is het net zo belangrijk om de kwaliteit van de buitenlucht die via de ventilatie binnenkomt te meten. Slimme systemen kunnen aangeven welke filters moeten worden vervangen en kunnen besluiten het systeem uit te schakelen, mocht de buitenluchtkwaliteit kritiek slecht zijn.

  1. Smart lighting

Een van de grootste revoluties in het verlichten van onze gebouwen is de uitvinding van LED-verlichting. LED-lampen verbruiken minder dan 80% van de elektriciteit van traditionele lampen en hebben een tien keer langere levensduur. Toch vormen LED’s tegenwoordig slechts 10 procent van alle verlichtingssystemen, dus veel gebouwen hebben een gemakkelijke mogelijkheid om energie en kosten te besparen door lampen te wisselen.

Een van de grootste verlichtingstrends voor toekomstige gebouwen is slimme verlichting die zich aanpast aan de voorkeuren van de bewoners (ook wel mensgerichte verlichting genoemd). Deze slimme verlichtingssystemen kunnen de natuurlijke lichtprogressie van daglicht nabootsen om zo ons natuurlijke ritme te volgen of hun intensiteit aan te passen aan de verschillende behoeften van de inzittenden. In een kantoor kunnen heldere lichten na de lunch worden gebruikt om werknemers te helpen zich te concentreren, terwijl zachte lichten in ziekenhuizen patiënten kunnen helpen ontspannen.

Nu de kosten van verbonden sensoren en cloud computing voortdurend dalen, komen IoT-apparaten die de activiteiten van een gebouw intelligent bewaken en besturen steeds vaker voor.

Naar schatting zijn er nu al maar liefst 10 miljard apparaten in gebouwen geïnstalleerd! Dit is hierbij een van de snelstgroeiende industrieën ter wereld.

Onze keuze: Veko lightsystems

smart-lighting-building

  1. Smart building en gebouwbeveiliging

Verbonden IoT-apparaten die in het hele gebouw zijn geïnstalleerd, maken het voor facilitair managers gemakkelijker om hun gebouw veilig te houden. De belangrijkste van deze apparaten zijn camera’s en toegangscontrolesystemen zoals badgelezers, die het mogelijk maken om ongewenste bezoekers te spotten en toestemming te geven aan bezoekende medewerkers.

En er zijn extra beveiligingsvoordelen voor IoT-apparaten in gebouwen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld gebouwbeheerders helpen te achterhalen of bepaalde deuren consequent open blijven staan ​​of dat er onbedoeld een alarm is afgegaan. Een echt intelligent beveiligingssysteem kan mogelijk zelfs communiceren met andere systemen, wanneer bepaalde werknemers het gebouw hebben verlaten, waardoor de lichten worden uitgeschakeld.

Onze keuze: Intratone

 

  1. Controle voor beheerders

Slimme gebouwen geven meer controle over het gebouw. Gebruikers kunnen nu nauw communiceren met een gebouw door de temperatuur aan te passen, vergaderruimten te boeken of de verlichting te veranderen, allemaal vanuit één centrale plek en volgens hun voorkeur. Dit zorgt voor een veel persoonlijker en bevredigender gevoel (zoals in een hotel), maar kan ook energiebesparende voordelen opleveren, bijvoorbeeld wanneer vergaderruimten automatisch de lichten uitschakelen wanneer er niets is geboekt.

Tegelijkertijd kan een slim gebouw huurders in staat stellen om op eenvoudige wijze feedback te sturen naar de facility managers, bijvoorbeeld wanneer er iets kapot is of opnieuw moet worden besteld. Smart building voordelen

Onze keuze: Connata

 

  1. Intelligent parkeren

Intelligente systemen worden niet alleen ingezet waar mensen wonen en werken, maar ook in de omliggende infrastructuur. Een voorbeeld hiervan zijn parkeerplaatsen in en om het gebouw, waar veel potentie is om dingen slim te maken.

Camera’s en sensoren kunnen detecteren welke parkeerplaatsen vrij zijn en deze informatie naar forenzen sturen, waardoor extra ronden en onnodig brandstofverbruik worden verminderd. Idealiter wordt deze informatie gedeeld tussen meerdere systemen, zodat werknemers ook parkeergegevens krijgen van openbare straten. Andere mogelijkheden zijn: bezoekers vooraf parkeerplaatsen laten reserveren of automatische online betalingssystemen voor frequente gebruikers.

  1. Focus op welzijn

Veel bedrijven begrijpen dat de gezondheid en het comfort van hun werknemers een belangrijke onderscheidende factor is. Een factor die de productiviteit en tevredenheid op de werkplek beïnvloedt. Het nadenken over hoe een gebouw het welzijn van zijn bewoners bevordert, zal daarom een ​​belangrijke trend voor de toekomst zijn.

 

  1. Voorspellingen over onderhoud

De grootste kosten tijdens de levenscyclus van een gebouw gaan naar het onderhoud, dat uiteindelijk de bouwkosten overschrijdt. Slimme technologie stelt technisch vastgoed professionals in staat om onderhoudskosten te besparen en de manier waarop ze hun gebouw beheren volledig te veranderen door over te schakelen van een reactief naar een voorspellend onderhoudsmodel.

Sensoren die rond machines worden geplaatst, zoals pompen of verwarmingselementen, kunnen worden geprogrammeerd om kritische niveaus van geluid, trillingen of warmte te detecteren. Boven een bepaalde drempel wordt een waarschuwing verzonden en kan de fout worden verholpen voordat deze escaleert. Dit type onderhoud is gebaseerd op behoeften in plaats van geplande intervallen en is 3 tot 9 keer goedkoper gebleken.

Een specifiek geval kan een lift zijn die gegevens verzendt over hoe goed een deur sluit. Als voorspellende algoritmen merken dat er meer kracht nodig is om de deur te sluiten (bijvoorbeeld vanwege stof), wordt een reparatieverzoek geactiveerd.

 

  1. Evolutie van gebouwbeheersystemen

Alles wat zich in een gebouw afspeelt, kan samenkomen in ‘gebouwbeheersystemen’. Dergelijke systemen zijn op zichzelf niets nieuws en bestaan ​​al tientallen jaren. Maar hoewel ze eerder sterk gefragmenteerd waren en onafhankelijk werden bediend, maakt een modern systeem alle variabelen van het gebouw op één plek zichtbaar. Smart building voordelen

 

Lees hier waarom hackers houden van smart buildings