Corporaties investeren meer in woningverbetering, tempo nieuwbouw moet fors omhoog

Huurders van sociale woningen blijven positief over hun woning en de dienstverlening van woningcorporaties. Dat blijkt uit de jaarlijkse Aedes-benchmark waarmee prestaties van alle corporaties inzichtelijk en onderling vergelijkbaar zijn. Op vele fronten zijn de prestaties verbeterd: woningen zijn duurzamer geworden en er is flink meer geïnvesteerd in woningverbetering.

Aedes-voorzitter Martin van Rijn: ‘We zijn blij met tevreden huurders, daarnaast wachten vele anderen nog veel te lang op een betaalbare woning. Zij kunnen niet de stappen zetten die bij hun levensfase horen. Afgelopen jaar werden er 17.000 nieuwe sociale huurwoningen gebouwd. Een stijging die de komende jaren moet doorzetten om onze ambities te halen. Hiervoor is de inzet van alle partijen hard nodig.’

Stijgende lijn dienstverlening

Dit jaar hebben maar liefst 423.000 huurders zich uitgesproken over de kwaliteit van de woning en de dienstverlening van hun corporatie. Huurders geven gemiddeld een 7,7 aan de dienstverlening, iets hoger dan voorgaande jaren. In 2022 zet de stijgende lijn in het oordeel van vertrokken huurders door naar gemiddeld een 7,6. De woning krijgt als rapportcijfer een 6,9, net als voorgaand jaar.

Parallel aan de toenemende investeringen, zien we dat steeds meer huurders de kwaliteit van hun woning waarderen met een 8 of hoger. Het cijfer voor de woningkwaliteit houdt niet alleen verband met de ‘harde’ euro’s die corporaties investeren. Misschien is de belangrijkste component wel: het zich thuis voelen.

Ontwikkeling deelscores 2014 tot en met 2022

Flinke investering in woningverbetering

Corporaties besteden opnieuw meer geld aan onderhoud en verbetering van hun woningen: zo’n 9% meer dan in het voorgaande jaar. En bij het aanpakken van een woning, worden er vaak direct meer werkzaamheden uitgevoerd. De totale investeringen in onderhoud en woningverbetering zijn dit jaar gestegen van 3.136 naar 3.481 euro per verhuureenheid. Dit vertaalt zich naar een betere technische kwaliteit van de woning. Met 8,1 miljard euro is de sector een goede opdrachtgever in de markt.

Verdubbeling instandhoudingskosten tussen 2015 en 2021

Duurzaamheid woningen verder verbeterd

Tegelijkertijd hebben corporaties het afgelopen jaar stappen gezet om hun woningen te verduurzamen. Dit laat de benchmark zien op basis van een analyse van 2 miljoen woningen.

De netto-warmtevraag daalt met ruim 2%. Het aandeel E-, F- en G-labels is sterk afgenomen, terwijl steeds meer woningen een A- of B-label hebben. Ook verbetert de gemiddelde isolatie gestaag.

Verder is het aantal woningen met zonnepanelen gestegen tot ruim 16% van de sociale huurwoningen.

Verdeling corporatiewoningen in energielabels in procenten

Nieuwbouw moet flink omhoog

Vorig jaar bouwden corporaties 17.168 nieuwe woningen, bijna 2.000 meer dan in het jaar daarvoor. De dalende lijn sinds het invoeren van de verhuurderheffing in 2013, is de laatste jaren doorbroken. Nu deze belasting op sociale huurwoningen wordt afgeschaft, willen corporaties toegroeien naar een woningbouwproductie boven het niveau van 2013, toen ze bijna 30.000 nieuwe woningen bouwden.

Sprongen nodig

Het in 2023 afschaffen van de verhuurderheffing biedt ruimte om te investeren in huurmatiging, verduurzaming, nieuwbouw en leefbaarheid zoals afgesproken in de Nationale Prestatieafspraken. De ambities kunnen onder druk komen te staan als bouwkosten blijven stijgen, door oplopende rente én als de belastingdruk van Vennootschapsbelasting en ATAD (Anti Tax Avoidance Directive) op lange termijn toeneemt. Er zijn goede stappen gezet, maar sprongen zijn nodig om voldoende nieuwbouw van de grond te krijgen en in hoog tempo te verduurzamen.

NVDE: isolatie sneller terugverdiend door hoge energieprijzen

De terugverdientijd van verduurzamingsmaatregelen als isolatie of warmtepompen is gemiddeld drie keer korter dan aan het begin van 2021. Dat komt door de hoge energieprijzen, meldt de Nederlandse Vereniging Duurzame Energie (NVDE) op basis van een onderzoek door CE Delft.

In slecht geïsoleerde woningen kunnen bewoners het beste eerst isoleren. Dat verdient zich namelijk terug in één tot zes jaar, waarbij rekening wordt gehouden met de energieprijzen uit april. In beter geïsoleerde woningen zijn warmtepompen en zonneboilers interessant. Die verdienen zich in twee tot zes jaar terug.

De terugverdientijd is echter afhankelijk van veel factoren, zoals de ontwikkeling van de energieprijzen, het type woning en het gedrag van de bewoners. Het is volgens de NVDE dan ook belangrijk dat mensen goed kijken naar hun eigen situatie.

Aantrekkelijker dan ooit

Volgens voorzitter Olof van der Gaag van de NVDE is het verduurzamen van woningen nog nooit zo aantrekkelijk geweest. Niet alleen zijn de energieprijzen hoog, maar de overheid maakt investeringen ook aantrekkelijk met subsidies en gunstige of zelfs renteloze leningen.

Ook door een verschuiving in de energiebelasting, waarbij de elektriciteitsbelasting is verlaagd en de aardgasbelasting is verhoogd, is verduurzaming nu bijzonder aantrekkelijk. Bovendien hebben gemeenten middelen gekregen om mensen met lage inkomens te helpen in de strijd tegen energiearmoede.

De NVDE is blij met die maatregelen en roept de regering op die voort te zetten. “Dit is geen moment om mensen teleur te stellen die willen verduurzamen”, aldus Van der Gaag.

Minimumeisen stellen

De regering heeft onlangs bepaald dat bij vervanging van warmte-installaties in woningen minimaal een hybride warmtepomp moet worden geïnstalleerd. De NVDE steunt die aanpak.

Volgens de vereniging laat het onderzoek van CE Delft zien dat diezelfde aanpak ook mogelijk is voor de woning zelf, bijvoorbeeld door minimumeisen aan isolatie te stellen bij renovatie of verkoop van de woning.

Bron: ANP

Toepassing PU isolatie voor op daken

PU staat voor Polyurethaan en is  toepasbaar in de gehele gebouwschil. Dat geldt ook zo voor daken. Een slecht geïsoleerd gebouw verliest de meeste warmte via het dak, warmte stijgt tenslotte op. Vanuit de overheid worden er daarom de strengste eisen gesteld aan dakisolatie in vergelijking met gevel- of vloerisolatie. Met de uitstekende eigenschappen van PU isolatie vormt dit geen enkel probleem.

PU isolatie is relatief dun en licht en heeft een hoge isolerende werking en heeft daarom weinig invloed op de bouwconstructie. Op een plat dak is het echter ook belangrijk dat je er gewoon op kan lopen. Je hebt immers vaak technische installaties zoals zonnepanelen of airco units op het dak staan waar regelmatig onderhoud aan moet verrichten. Wie een stapje verder gaat, denkt aan gebruiksdaken. Zo kan je perfect een dak hebben met de mogelijkheid voor ontwerp van een terras .

Kosten PU isolatie

Voor het toepassen van een extra isolatiepakket kan als richtprijs € 35,00 / m² aangehouden worden (bovenop de kosten voor de overige dakwerkzaamheden). Om eigenaren tegemoet te komen in de kosten voor dergelijke aanpassingen is de Energie-investeringsaftrek (EIA) in het leven geroepen, een fiscale regeling om de ondernemer tegemoet te komen. U heeft hiervoor een dubbel voordeel, de energiekosten gaan omlaag en u betaalt minder belasting. Van de investeringskosten kunt u 45% aftrekken van de fiscale winst, bovenop uw gebruikelijke afschrijving. Hierdoor betaalt u minder inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting. Het netto EIA-voordeel is hierdoor ca. 13,5% van de investeringskosten.

Voor meer informatie en het aanvragen van de EIA verwijzen u naar www.rvo.nl/eia.

PU isolatie is toepasbaar op alle warme dakconstructies

Er zijn verschillende manieren om je dak waterdicht te maken. De meest bekende is wellicht het gebruik van bitumen dakbanen in 1 of 2 lagen. Deze kunnen geballast, gekleefd of mechanisch bevestigd worden. PU isolatieplaten zijn combineerbaar met al deze methodes. Daarnaast zijn ze ook perfect te gebruiken in combinatie met kunststof dakbedekkingen (PVC) of EPDM.

Voordelen PU isolatie op het dak

  • Uitstekende isolerende werking
  • Geschikt voor iedere dakhelling
  • Vochtwerend
  • Lichtgewicht
  • Snelle terugverdientijd
  • Combineerbaar met alle daksystemen
  • Maatvast
  • Drukvast en beloopbaar

PU isolatie voor ieder dak

Zo zijn PU isolatieplaten ideaal voor platte en hellende daken, terwijl je met gespoten PU schuine daken zelfs al aan de onderkant kan na-isoleren. PU isolatie biedt voor ieder dak een oplossing.

Dakbeheerder met verstand van PU isolatie; Brukoo dakbeheer

Brukoo Dakbeheer

Brukoo Dakbeheer is een landelijk opererend dakbedekkingsbedrijf. Het is een jong bedrijf, maar onze medewerkers hebben hun sporen in de branche reeds decennia verdiend. Onze opdrachtgevers zijn zeer divers en bestaan o.a. uit vastgoedeigenaren en -beheerders, VvE’s en -beheerders, zorginstellingen, woningcorporaties en aannemers.

Brukoo richt zich op zowel de renovatie- als nieuwbouw markt, waarbij het de filosofie is onze opdrachtgevers volledig te ontzorgen. Voor het gehele traject bent u bij ons aan het goede adres. Door samenwerkingen met diverse partijen vindt u bij ons alles onder één dak. Als het nodig is schakelen we snel tussen verschillende disciplines. Alles voor het beste resultaat en gegarandeerde kwaliteit op lange termijn.

DIENSTEN

U kunt bij ons terecht voor alle disciplines, die behoren bij het platte- en licht hellende dak. Variërend van het oplossen van een lekkage tot en met een grootschalige en complexe renovatie van uw dak.

Wij zijn o.a. gespecialiseerd in de volgende disciplines:

Of het nu om bitumineuze- of kunststof daken gaat, wij werken alleen met A-merken en A-kwaliteitsproducten. Op deze producten zit dan ook een productgarantie van 10 jaar. De materialen die we gebruiken kunnen echter nog zo goed zijn, als deze niet worden verwerkt door een vakman, is het eindresultaat nog steeds twijfelachtig. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd volgens de huidige normen op het gebied van warmte- en windweerstand, richtlijnen voor ontwerp en uitvoering van (bitumineuze- en kunststof) dakbedekkingsconstructies en -systemen (BRL 4702), alsmede NEN 6050. Wij geven dan ook 10 jaar volledige garantie op onze werkzaamheden.

Parkeren van elektrische auto’s vraagt om strengere brandveiligheidseisen voor ondergrondse parkeergarages

Het gebruik van elektrische auto’s neemt in hoog tempo toe. Recente incidenten roepen steeds vaker de vraag op hoe brandveilig het parkeren en het elektrisch laden van deze auto’s in de ondergrondse parkeergarages zijn.

Deze ontwikkeling is zo recent, dat alle risico’s op brandgevaar nog lang niet in kaart zijn gebracht. Wel staat vast dat risico’s anders en groter zijn dan bij auto’s op fossiele brandstof en dat de huidige wet- en regelgeving hierop nog niet zijn ingericht. Parkeren en opladen van elektrische auto’s in ondergrondse parkeergarages vragen in feite om strengere brandveiligheidseisen. Toepassingen om aan die toekomstige eisen te voldoen, kunnen nu al in het ontwerp meegenomen worden. Een voorbeeld hiervan is de bouw van een ondergrondse privé-parkeergarage voor 64 parkeerplaatsen, die wordt gebouwd onder een nieuw appartementencomplex met 46 woningen in het centrum van Berlicum. Tegen het plafond van de parkeergarage zijn de sterk brandwerende Multiporplaten van Xella toegepast. Deze voldoen aan de huidige en ook aan eventuele toekomstige extra brandveiligheidseisen voor parkeergarages.

Montage Multipor

 

Speciale aandacht voor brandveiligheid

Kim van Cauter, architect van architectenbureau Echo Architectuur uit Eindhoven, is bij de nieuwbouw van het appartementencomplex in Berlicum betrokken. Hij legt uit dat bestaande parkeergarages niet ontworpen zijn voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van brandveiligheid. “Groeiend gebruik van elektrische auto’s vraagt dan ook speciale aandacht voor de brandveiligheid van parkeergarages”, zegt hij. “Technologische ontwikkelingen lopen immers voor op wet- en regelgeving. Duidelijk is wel dat er andere risico’s in een parkeergarage ontstaan als elektrische auto’s in brand vliegen, zoals enorme rookontwikkeling door brandend kunststof en smeulende accu’s. Als architect kun je bij de bouw van een parkeergarage al rekening houden met mogelijke brandveiligheidsmaatregelingen”, licht Cauter toe. Volgens het huidige Bouwbesluit moet een parkeergarage compartimenten bevatten.

Brandcompartiment

Op dit moment wordt in Nederland volop discussie gevoerd over hoe de brandveiligheidseisen van parkeergarages aangescherpt moeten worden. Duidelijk is dat een compartiment van 1000m2 60 minuten brandwerend moet zijn. Bij grotere garages is de regelgeving voor brandveilige parkeergarages minder duidelijk. “Bij deze parkeergarage in Berlicum, die alleen door de bewoners wordt gebruikt, hebben we ingezet op brandbeheersing van een eventuele branduitbraak. Vandaar dat deze garage is opgedeeld in twee compartimenten van 1000m2”. Op aanraden van Van Cauter is gekozen voor Multipor. Deze cellenbetonplaten zijn met name geschikt in constructies met bijzondere brandveiligheidseisen.

Parkeergarage met een brandwerend Multipor plafond

 

Brandveiligheidseisen

Tim Kornuijt is als construction supervisor vanuit Xella nauw betrokken bij de nieuwbouw van dit appartementencomplex in hartje Berlicum. De parkeergarage voor de bewoners maakt onderdeel uit van dit project. In de plint wordt een commerciële ruimte voor winkels met een oppervlakte van 2500m2 gerealiseerd. Kornuijt legt uit dat Multipor een ultralicht, natuurlijk isolatiemateriaal is, gemaakt van kalk, cement, zand en water. “Deze cellenbetonplaten zijn zeer akoestisch en thermisch isolerend en hebben een zuivere minerale samenstelling. Ze bevatten geen vezels of kunststoffen”, legt hij uit. “Multipor en de speciale Multiporlijmmortel waarmee we de platen bevestigen, zijn onbrandbaar.” De platen behoren tot brandklasse A1 en de lijmmortel tot klasse A2 conform EN 13501-1. De materialen verspreiden bij brand geen schadelijke gassen, ook niet bij extreem hoge temperaturen. “Multipor draagt ook sterk bij aan de brandwerendheid van de winkels en de appartementen boven de parkeergarage. Het materiaal is dus heel geschikt voor parkeergarages”, legt hij uit.

Complex ‘Aan het plein’ in Berlicum, foto Aannemersbedrijf Hoes

 

Meerdere Xella-toepassingen

Tino van der Velden is projectleider bij Van der Heijden bouw en ontwikkeling uit Schaijk, de hoofdaannemer van het nieuwe appartementencomplex in Berlicum. Van der Velden vertelt dat voor dit omvangrijke nieuwbouwproject naast Multipor ook andere bouwmaterialen van Xella zijn toegepast. “Voor de binnenspouwbladen en dragende woningscheidende wanden in de appartementen hebben we de Silka elementen geplaatst. De niet-dragende binnenwanden van de appartementen zijn uitgevoerd in Ytong binnenwanden.” Van der Velden geeft aan dat met deze toepassingen snel gebouwd kan worden. “Bij Van der Heijden geloven we dat bouwen ook anders kan. We zijn daarom altijd op zoek naar manieren om slimmer, sneller en beter te bouwen.” Het bouwtempo van dit appartementencomplex ligt op vijftien dagen per bouwlaag van vijftien appartementen, die zijn verdeeld over drie batches van vijf appartementen. Het woningbouwproject ligt pal aan het belangrijkste plein in Berlicum. Van der Velden: “We hebben met een forse logistieke uitdaging te maken om het vele bouwverkeer van en naar het plein in goede banen te leiden. De opslagruimte voor bouwmaterialen is beperkt. Dat betekent dus dat we met onze bouwpartners strikte afspraken hebben gemaakt om de bouwmaterialen just in time op de bouw aangeleverd te krijgen. Dat is perfect gelukt”, geeft hij aan. “De bouwmaterialen van Xella worden bij elke levering, precies op tijd op de juiste plek aangeleverd, zodat we er direct mee aan de slag kunnen. Dat werkt voor een aannemer bijzonder prettig”, aldus Van der Velden.

Het appartementencomplex met parkeergarage en winkelruimtes worden in januari 2021 opgeleverd.

 

Bron: Xella

 

 

Rijksmonument De Doelen krijgt groen en multifunctioneel dak

De gemeente Rotterdam gaat het platte dak van congres- en concertgebouw de Doelen voorzien van groen en waterberging. Het ontwerp voor het dak is gemaakt door Kraaijvanger Architects en het beplantingsplan door Deltavormgroep in samenwerking met Cruydt Hoeck.

De Doelen heeft een plat dak van 2.581m². Rotterdam wil dit gaan bedekken met een grote variatie aan groen. Tevens komt er de mogelijkheid voor waterberging bij hevige regenbuien, met een capaciteit van 300m³. Volgens Rotterdam is dit “de eerste keer dat een groot gemeentelijk gebouw en rijksmonument in het hart van de stad een multifunctioneel dak van deze omvang krijgt.”

Planten, dieren en water

De gemeente wil een grote variatie aan planten op het dak. De begroeiing moet gaan bestaan uit verschillende soorten inheemse kruiden, bollen, siergrassen, planten en heesters. Verder komen er vijf insectenhotels. Zo moet het dak onder andere bijen, vlinders en vogels aantrekken en bijdragen aan een grotere biodiversiteit in de stad.

Onder de beplanting wordt een systeem met kratten aangebracht, dat regenwater opslaat. Het water wordt afgevoerd tijdens regenbuien en bij droogte gebruikt om de beplanting op het dak van water te voorzien.

Niet publiek
Aan de zijde van het Schouwburgplein komt een houten vlonder van 480 m², die bestemd is voor educatieve en sociale activiteiten. Het dak is niet toegankelijk voor publiek, meldt de gemeente, maar ze onderzoekt de mogelijkheden voor rondleidingen.

Het ontwerp voor het groendak is gemaakt door Kraaijvanger Architects. Deltavormgroep is in samenwerking met Cruydt Hoeck verantwoordelijk voor het beplantingsplan. Deze zomer maakt de gemeente bekend wie de uitvoering doet. Naar verwachting is het dak eind 2021 gereed.

Dakprojecten

De gemeente Rotterdam, eigenaar van het rijksmonument, maakt de aanleg van het groendak mogelijk in samenwerking met het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard en 7Square Endeavour.

Het duurzame dak op de Doelen is één van de projecten van Life@Urban Roofs, onderdeel van het Europese LIFE-programma voor milieu- en klimaatactie. Eerder, zo meldt de gemeente, is een natuurdak op woongebouw de Peperklip op Rotterdam Zuid aangelegd en zijn drie groenblauwe daken op de Robert Fruinstraat in Rotterdam West tot stand gekomen.

Vernieuwde ISSO-publicatie 64 gaat kwaliteit van leidingisolatie verbeteren

ISSO-publicatie 64 ‘Kwaliteitseisen isoleren voor de utiliteitsbouw’’ is herzien. De publicatie is een referentie voor materiaalkeuze en montage van leidingisolatie, en geeft onder andere de minimum eisen om ongewenst warmteverlies te voorkomen. De uitgave bevat daarnaast een checklist met de voorwaarden voor goede isolatie. Met deze herziening sluit ISSO-publicatie 64 aan op de Wet Kwaliteitsborging Bouwen. Deze normstellende isolatierichtlijn in de vernieuwde ISSO-publicatie 64 helpt de kwaliteit van isolatie verbeteren en energieverlies en uitwendige corrosie voorkomen.

Door de invoering van de BENG- en BREEAM-eisen en de doelstelling energieneutraal te bouwen, moeten gebouwen zeer energiezuinig worden ontworpen. Goed isoleren is onder andere daarom enorm belangrijk. Maar om de kwaliteit van isolatie te optimaliseren, moet het werk van installatie- en isolatiebedrijven beter op elkaar aansluiten. “Alleen als de gemeenschappelijke functie bij beide partijen goed tussen de oren zit, krijg je de uiteindelijke uitvoeringskwaliteit naar een gewenst hoger niveau”, vertelt projectcoördinator Jos de Leeuw van ISSO. Voor het beste eindresultaat moeten mensen bovendien elkaars werk kunnen beoordelen. ISSO-publicatie 64 toont hoe dat is uit te voeren. De herziene versie bevat een checklist die alle betrokken partijen kan helpen richting beter isoleren.

Praktijkgerichte tips

De publicatie geeft onder andere voor distributieleidingen van warm- en koud water-installaties en voor ventilatiesystemen de gangbare isolatie- en hulpmaterialen weer. ISSO-publicatie 64 beperkt zich tot vrij hangende leidingen en kanalen in gebouwen. Ook de buitengelegen leidingen en kanalen van en naar de luchtbehandelingskast, koeltoren of de warmtepomp of koelmachine worden besproken.

Technisch beroepsonderwijs

ISSO-publicatie 64 is geschikt voor opdrachtgevers, ontwerpers, adviseurs in utiliteitsbouw, installateurs, isoleerders en opleiders in het technisch beroepsonderwijs. De nieuwe uitgave behandelt de isolatieklassen uit de Europese norm NEN-EN 12828. Wij techniek, Stichting PIT, Nederlandse Vereniging van Ondernemers in het Thermisch Isolatiebedrijf en Stichting OOI (Opleidings- en Ontwikkelingsfonds voor de isolatiebranche) hebben financieel bijgedragen. De vernieuwde ISSO-publicatie 64 is te vinden in ISSO Open.

Nieuwe vertrekhal Rotterdam The Hague Airport is duurzamer met dak van mos

Eind dit jaar neemt Rotterdam The Hague Airport een nieuwe vertrekhal in gebruik. De nieuwe hal zit vast aan het oude gebouw uit 1970 en voldoet aan de nodige duurzaamheidseisen. Met een dak van mos is het bijvoorbeeld goed geisoleerd en een slim lichtsysteem moet de led-lampen zo zuinig mogelijk maken. Het is nodig; in 2030 moeten de activiteiten van de luchthaven (exclusief vliegtuigen) klimaatneutraal zijn.

De nieuwe hal gaat officieel open in 2021, als ook het restaurant klaar is. Maar het gebouw is nu al af en klaar om gebruikt te worden, na één jaar bouwen. Het sluit naadloos aan op het oude gebouw dat al uit 1970 stamt. Hoewel Rotterdam The Hague een relatief klein vliegveld is, groeide het toch uit zijn voegen; de oorspronkelijke terminal kon eigenlijk maar 700.000 mensen aan, terwijl er in 2019 (voor de pandemie) 2,1 miljoen reizigers passeerden. Met de nieuwe luchthaven wordt de capaciteit veel groter, mede dankzij drie nieuwe gates.

Flora Nova Advertentie

Isolatie in zomer en winter

De hal zelf is klaar voor een energieneutrale toekomst. Het dak, bekleed met mos, zorgt zowel in de winter als in de zomer voor goede isolatie. “Dat is in duurzaamheidsland steeds populairder”, vertelt de woordvoerder van het vliegveld. De ledverlichting wordt aangestuurd met een slim systeem dat moet voorkomen dat lampen onnodig aanstaan, om zo stroom uit te sparen.

In de nabije toekomst moeten er ook zonnepanelen langs de landingsbanen komen. Die leveren stroom aan de vertrekhal, zodat deze energieneutraal wordt. Ook de bussen en andere voertuigen moeten elektrisch worden. “Alle grondgebonden activiteiten moeten CO2-neutraal zijn in 2030, net als bij Schiphol”, aldus de woordvoerder. Rotterdam The Hague is namelijk onderdeel van de Schiphol Group en moet dus aan dezelfde eisen voldoen.

Synthetische kerosine

Daarom onderzoekt de luchthaven ook mogelijkheden voor synthetische kerosine, die niet gemaakt wordt van olie maar van reststromen. Daarmee kan het vliegen zelf een beetje duurzamer worden. Dat is hard nodig, want de uitstoot van de luchtvaart zal de komende jaren nog blijven groeien. Dat maakt de nieuwe vertrekhal ook paradoxaal: hij is duurzamer dan de oude, maar met drie nieuwe gates zorgt hij ook voor meer vluchten – en dus meer uitstoot.

Het nieuwe gebouw is de eerste fase van vernieuwing en verduurzaming. Hierna moet de oude hal gernoveerd worden zodat deze ook aan de nieuwe standaarden voldoet. Daarna is Rotterdan The Hague helemaal klaar om – als de plannen uiteindelijk tot wasdom komen, ondanks corona – in 2030 klimaatneutraal te zijn. Los van alle (extra) vliegtuigen die er straks kunnen komen en gaan.

Waar moet u op letten bij het isoleren van een bedrijfsdak?

Een bitumen dak heeft over het algemeen een levensduur van 15-25 jaar. Daarbij is uiteraard de kwaliteit van de toegepaste materialen van belang, maar ook het onderhoud dat al dan niet uitgevoerd is. Goed onderhoud kan de levensduur van het bedrijfsdak met meerdere jaren verlengen en kunt het isoleren voor u uitschuiven. Maak een berekening van wat het regulier onderhoud aan het bedrijfsdak u kost in onze servicekosten berekentool.

Start hier de berekening van het isoleren van je dak!>>

Uiteindelijk zal een dak toch verouderd raken en is het isoleren bedrijfsdak toch nodig. Ga eens uitgebreid met een dakdekker om de tafel om te kijken wat de mogelijkheden zijn en welke het meest geschikt is voor u. Wist u dat veel warmte verloren gaat door een slecht geïsoleerd dak? Misschien een goed moment om dat direct aan te pakken.

Met welke kosten moet u rekening houden bij het isoleren van een dak en waar zijn deze kosten afhankelijk van?

In de basis begint kost het isoleren van je dak ongeveer bijna circa € 30,- / m2 en kan het oplopen naar wel € 95,- / m2.
Een geballast dak (grind op het dak) zorgt bijvoorbeeld al voor een geringe prijsaanpassingen, Is uw dak slecht bereikbaar? Dan kan dit al snel € 10,- per m2 meer kosten.

Het na-isoleren zal circa € 30,- per m2 (extra) kosten. Het na-isoleren van een dak zal uiteraard wel een direct positief resultaat geven op uw energierekening en kan daardoor zeer interessant zijn.

Wilt u direct een indicatie van de kosten voor het isoleren van uw dakbedekking of een enkele dakvlak of het nou om een kantoor of bedrijfshal gaat, start nu eenvoudig de berekening.

 

Deze rekenmethode is mogelijk gemaakt door onze partner Elro 

Lees hier over de voordelen van het vervangen van u bedijfsdak.