Skip to content

Brandveilig en houtbouw, hoe doe je dat?

Wie brandveilig wil bouwen met hout boven 20 meter moet verder gaan dan het Bouwbesluit. Dat ondervonden de bouwers van Haut Amsterdam. Een werkgroep buigt zich inmiddels over aanscherping van de brandveiligheidsnormen.

Dat het Bouwbesluit tekortschiet kwam aan het licht tijdens het project Haut. De 73 meter hoge woontoren aan de Amstel wordt eind 2021 opgeleverd en hoort dan bij de hoogste houten gebouwen ter wereld. Daar figureert hij tussen houtbouw-iconen als de Noorse Mjostaernet-toren en het Oostenrijkse Hoho Wien.

De bouwers en de gemeente realiseerden zich al in vroeg stadium van Haut dat ze voor een veilig gebouw verder moesten gaan dan de strikte letter van het Bouwbesluit. Want dat pakket aan bouwregels dateert van voor de houten hoogbouw. Met de komst van nieuwe materialen als kruislaaghout (CLT), en laminated veneer lumber (LVL) werden constructief veel hogere gebouwen mogelijk. Maar over de mogelijke brandveiligheidsrisico’s die dat met zich meebracht, was nog niet eerder nagedacht.

Vergaande maatregelen

Het team rond Haut koos voor een aantal aanvullende maatregelen waaronder een watermistsprinklerinstallatie. Die beheerst de ontwikkeling van een brand al in vroeg stadium. Verder besloten ze het hout goed in te pakken achter brandveilig beplating. Alleen de onderkant van de vloeren bleef in zicht. Daarvoor stelden ze wel eisen aan de lijm die voor de productie van het kruislaaghout in de fabriek was toegepast.

Dat zijn stuk voor stuk vergaande maatregelen, vindt brandveiligheidsexpert Pascal Steenbakkers. Namens Arup was hij als fire-safety ingenieur in vroeg stadium betrokken bij het project. Het is wat hem betreft nu tijd om de opgedane kennis, ervaring en bevindingen te delen met de rest van de bouwwereld, zeker nu duurzame houtbouw aan zo’n sterke opmars bezig is. Niet voor niets is hij ook een van de aanjagers van een nieuwe werkgroep bij de Normcommissie Brandveiligheid Bouwwerken, die zich buigt over houtbouw.

“Laat één ding duidelijk zijn”, wil hij eerst kwijt: “Ik juich de opmars van houtbouw toe. Daar moeten we vooral mee doorgaan, omdat het voor de wereld en het klimaat veel beter is wanneer een gebouw CO₂ opslaat, zoals bij houtbouw dan wanneer er CO₂ wordt uitgestoten zoals bij beton en staal. Maar het eindresultaat moet in alle gevallen natuurlijk even (brand)veilig zijn. En daarom is het zaak het Bouwbesluit en de bijbehorende normen opnieuw tegen het licht te houden.”

Brandveilig & extra vuurlast

Tot een hoogte van 20 meter is er volgens de brandveiligheidsexpert weinig aan de hand. Tot die hoogte kunnen branden van buitenaf met de ladderwagen worden bestreden. Bij hogere gebouwen moeten de brandweerlieden het gebouw in en zijn dus strikte eisen noodzakelijk ten aanzien van brandwerendheid van draag- en scheidingsconstructies. De brandweer moet haar werk immers wel veilig kunnen uitvoeren.

Groot verschil met steenachtige materialen en staal is dat hout een extra vuurlast oplevert. De meeste scenario’s waarop regelgeving is gebaseerd, gaan ervan uit dat na een uur het bankstel, de eettafel, gordijnen en andere inventaris wel zijn opgebrand. Aangezien staal en beton niet branden, is er dan geen brandstof meer en doven de vlammen vanzelf. Als er veel hout is toegepast in wanden en vloeren, ligt dat anders.

Inpakken

Dus ligt het voor de hand bij hoogbouw CLT, LVL en de andere houtvarianten in te pakken. Ook bij Haut Amsterdam gebeurt dat. Veelal verdwijnt het achter twee lagen brandwerende beplating. Dankzij vezels en andere toevoegingen blijven zij langer intact dan traditionele gipsplaten. Ze scheuren minder snel en schermen het hout dus langer af van het vuur.

De ontwerpers van Haut wilden alleen niet àl het hout inpakken, zoals in typische houtbouwlanden als Canada en de Verenigde Staten vaak gebeurt. Ze wilden het bijzondere bouwmateriaal wel laten zien en ervaren. Op die manier draagt het immers ook bij aan een prettig en gezond binnenklimaat. Ze kozen ervoor de onderkant van de vloeren in zicht te laten. De architecten hadden daar een voorkeur voor en een bijkomend voordeel was dat er in geval van een brand minder luchtcirculatie ontstaat die nieuwe zuurstof aanvoert dan wanneer de wanden in zicht zouden blijven. Eén vlak blootstellen had sowieso de voorkeur van de experts van Arup. “Bij kruisende of parallelle oppervlakken kunnen de vlammen gemakkelijk oversteken en elkaar versterken. Dat is een bekend verschijnsel van brandtesten in laboratoria en uit de praktijk.”

Eisen aan lijm

De keuze om een deel van het hout in zicht te laten, leidde er wel toe dat ze eisen stelden aan de lijm waarmee de fabrikanten hun CLT-panelen produceren. “Want van de beschermende koollaag die hout bij brand vormt, blijft weinig over als de afzonderlijke lagen door verhitting van de lijmlaag loslaten. Dan wordt er steeds nieuw hout aan de vlammen blootgesteld en wordt het vuur eronder in stand gehouden met nieuwe brandstof, door materiaal dat naar beneden valt.”

De melaninelijm waarmee oorspronkelijk ook CLT-panelen werden gemaakt, is volgens Steenbakkers beter bestand tegen hitte dan de polyurethaan-lijmen die tegenwoordig populair zijn. “De nog betrekkelijk jonge CLT-branche is daar op overgestapt omdat PU-lijmen in het algemeen sneller uitharden en de productie in de fabriek daarmee sneller gaat. Maar voor dit project wilden we alleen CLT hebben met een inbrandsnelheid gelijk aan die van vast hout. Ook het hout dat werd ingepakt en achter brandwerende platen verdween.”

Watermistinstallatie

De meest rigoureuze maatregel om de brandveiligheid in Haut te verhogen is wel de installatie van een watermist-sprinkler. Die smoort brandjes in de kiem voor ze zich kunnen ontwikkelen. Zo’n installatie is duur en moet jaarlijks gekeurd worden, wat in de woningbouw vaak op problemen stuit. De kopers van de appartementen in Haut moeten jaarlijks een inspecteur toegang verlenen voor een controle.

Al met al was het een intensief proces om van Haut een brandveilig gebouw te maken, blikt Steenbakkers terug. Lingotto heeft vanaf het begin de verzekeraars erbij betrokken. De ontwikkelaar besefte dat het nooit zou lukken een flat te verkopen als het niet mogelijk bleek om een brand- en inboedelverzekering af te sluiten. Verschillende verzekeraars hebben zich voor de start van de bouw bereid getoond om reguliere verzekeringen aan te bieden.

Bouwprijzen

Daarmee zijn alle drempels voor Haut geslecht en ziet het er naar uit dat binnenkort de eerste bewoners in het gebouw zullen trekken. Voor zover het dat niet al doet, zal het gebouw de tongen gaan losmaken. Iedereen verwacht dat het diverse bouwprijzen in de wacht gaat slepen.

Het is volgens Steenbakkers echter niet gezegd dat het bij volgende houten hoogbouwprojecten zonder meer weer goed gaat. Ontwerpers, adviseurs, toeleveranciers, aannemers… “Eigenlijk ontbreekt het overal nog aan kennis en ervaring. Ook bij toezichthouders, brandweer en verzekeraars.”

Daarom is mede op initiatief van Arup en normalisatieintituut NEN een speciale werkgroep in het leven geroepen die kijkt op welke punten het Bouwbesluit moet worden aangepast. De aftrap was voor de zomer. Vanwege corona gebeurde dat toen nog met een online-sessie, maar Steenbakkers gaat ervan uit dat de deelnemers binnenkort ook fysiek bij elkaar zullen komen om de problematiek te bespreken.

Veilige revolutie

Een van de uitkomsten van  de werkgroep kan een soort matrix zijn waarbij afhankelijk van het risicoprofiel, de functie en hoogte van een houten gebouw een serie passende maatregelen wordt voorgesteld die verder gaan dan het huidige Bouwbesluit. Daaruit kunnen bouwers dan een geschikte combinatie selecteren. Steenbakkers beseft ook dat daarvoor nog heel wat overleggen en onderzoeken nodig zullen zijn.

Er hebben zich al veel partijen aangemeld voor de werkgroep, maar er is altijd plek voor geïnteresseerde partijen met verstand van zaken. Hij benadrukt het nog maar een keer: “Het is ons er dus zeker niet om te doen om houten hoogbouw tegen te gaan of te bemoeilijken. Integendeel. Maar de houtbouw-revolutie die met een project als Haut zo’n enorme impuls krijgt, moet wel veilig gebeuren. Die plicht hebben we met zijn allen.” brandveilig brandveilig brandveilig brandveilig brandveilig brandveilig brandveilig

Lees hier meer over houtbouw

Deel "Brandveilig en houtbouw, hoe doe je dat?" op social media

Share on facebook
Facebook
Share on twitter
Twitter
Share on linkedin
LinkedIn
Share on email
Email

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!

Word op de hoogte gehouden van alle nieuwtjes

Misschien vind je dit ook interessant

Parkeren van elektrische auto’s vraagt om strengere brandveiligheidseisen voor ondergrondse parkeergarages

Het gebruik van elektrische auto’s neemt in hoog tempo toe. Recente incidenten roepen steeds vaker de vraag op hoe brandveilig het parkeren en het elektrisch laden van deze auto’s in de ondergrondse parkeergarages zijn. Deze ontwikkeling is zo...

Wet- en regelgeving brandveiligheid loopt hopeloos achter

Gebouwveiligheid, waaronder brandveiligheid, is in Nederland via wet- en regelgeving vastgelegd. Maar het huidige Bouwbesluit is alweer van 2012 en dringend aan vernieuwing toe. Vandaar ook dat er al een tijdje een opvolging aan zit te komen in...
checklist brandveiligheid kantoor

Zo maak je een kantoorgebouw brandveilig

Vanuit de overheid zijn er veel regels betreft het brandveilig maken van kantoorgebouwen. Ieder kantoor moet aan deze regels voldoen. Er is een uitgebreid bouwbesluit waarin je een overzicht van de afspraken kunt lezen. Wij hebben een artikel...

Onze partners

Volg ons op LinkedIn!

Nieuwsbrief inschrijven

Tip onze redactie

OG Wijzer werkt graag met u samen. Heeft u nieuws of persberichten? Tip dan onze redactie.

Wilt u een persbericht naar onze redactie sturen? Vul onderstaand formulier in. De redactie neemt contact op als zij aandacht aan het onderwerp wil besteden.